brief aan mijn moeder

Hannah (32): “Anders dan jij vind ik het leven leuk en de wereld een mooie plek”

null Beeld Getty Images/iStockphoto
Beeld Getty Images/iStockphoto

Hannah voelt zich niet meer veilig bij haar moeder, die meerdere psychoses had. Sinds ze het contact verbrak, gaat het veel beter met haar.

Beste Astrid,

Inderdaad, ik spreek je bij je voornaam aan, want jou nu nog mama noemen, voelt niet goed. Vorig jaar heb ik je gevraagd geen contact meer met me te zoeken, en het geeft me veel rust dat je mijn wens tot op de dag van vandaag hebt gerespecteerd. Ik wil je laten weten dat het goed met me gaat. Ik ben me aan het laten omscholen tot basisschoolleerkracht. Wie had dat gedacht? Verder geniet ik enorm van mijn gezin. Anders dan jij vind ik het leven leuk en de wereld een mooie plek.

Jij was er altijd van overtuigd dat de wereld tegen jou was. Of tegen ons, misschien wel. Vrij snel na mijn geboorte gingen jij en papa uit elkaar. Ik bleef bij jou wonen. Samen waren we een team. Ik vond je een krachtige vrouw, in mijn ogen kon je alles aan. We hadden het niet breed, jij werkte je drie slagen in de rondte in de horeca en ik was bij oma als je moest werken. Als jij vrij was, nam je me mee naar je stamkroeg, waar je een jointje rookte.

Ik heb fijne herinneringen aan je. Ik weet nog goed dat ik bij je achter op de fiets zat, en jij maar liedjes zingen voor mij. Maar veel vaker was je er níet voor mij. Dan was je aan het werk of stoned. Dan zat je wel naast me op de bank, maar kon ik geen contact met je krijgen. Dat je blowde, begrijp ik wel, hoor. Voor jou was het leven zwaar, je had iets nodig om aan de realiteit te ontsnappen en te ontladen. In mijn puberteit werd je depressief. Ik probeerde er voor je te zijn, je te troosten en je zo veel mogelijk te ontlasten. Ik zorgde voor mezelf, voelde me verantwoordelijk voor het huishouden en de tuin, maar het lukte me niet helemaal.

Bij ons thuis was het meestal rommelig en een beetje vies. Ik was zestien toen je mijn leven totaal op zijn kop zette. Ineens was je spoorloos verdwenen. Een dag werd een week, die week werd bijna drie weken. Ik was zo bang dat je ergens dood gevonden zou worden. Uiteindelijk vond de politie je, je belde me op vanuit de psychiatrische afdeling van een ziekenhuis in Parijs. Ik kon alleen maar huilen en was zo opgelucht dat je nog leefde.

Je verklaring voor je plotselinge verdwijning was dat je voor mensen op de vlucht moest die jou wat wilden aandoen. Ik had nog geen idee wat een psychose was, maar had wel door dat je verschrikkelijk in de war was. Het is daarna nooit meer goed gekomen met je. Je werd steeds bozer op alles en iedereen, je kijk op de wereld verduisterde nog meer. Op mijn achttiende ging ik op kamers, ik móest van jou loskomen. Onze band verslechterde, je hing erg aan mij terwijl ik mijn eigen leven wilde leiden. Bijna tien jaar later gingen we in relatietherapie. Al na de tweede sessie kwam je niet meer opdagen, het bleek de aankondiging van een tweede psychose. Weer was je zoek, de politie trof je een dag later agressief aan in huis, met een stok in de aanslag. Vanaf dat moment werd ik bang voor je. Ik zag de boosheid in je ogen, ook naar mij, en kende je niet meer: was dit mijn eigen moeder?

null Beeld

Een tijdlang hadden we op mijn initiatief geen contact, tot ik drie jaar geleden zwanger werd. Ik vond dat je er recht op had te weten dat je oma zou worden. Je was zo blij toen je je kleinzoon kon ontmoeten, heel voorzichtig benaderde je ons. Het was ook de eerste keer dat je mijn vriend zag. Zo gaat het wel, dachten we, misschien is er weer contact mogelijk. Maar naarmate je je meer op je gemak voelde, gaf je ons steeds meer een inkijkje in je duistere gedachten.

Toen ik zei je pas drie maanden later weer te willen zien, kwam je met dreigementen: je zou meerdere familieleden en andere mensen die ik kende iets willen aandoen. Daar trok ik een grens, ik moest mijn gezin beschermen. Ik geloof niet dat je daadwerkelijk iemand zou aanvallen, maar toch: ik voel me niet veilig bij je.

Hier zijn we dan, een jaar verder. Gek genoeg wil ik je met deze brief bedanken. Voor alles wat je altijd voor me hebt gedaan en jouw kracht die je aan mij hebt doorgegeven. Ik neem je niks kwalijk – dit is jou ook overkomen - en ben al lang niet meer boos. Ik realiseer me dat ik ondanks alles van je hou.

Lieve groet, Hannah

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden