null Beeld

Column

James: “Hij gaf me drie klappen, maar ik ging niet neer. Sinds die dag waren we vrienden”

Hij is schrijver, journalist en columnist. James Worthy (40) is getrouwd met Artie en vader van James (7). Voor Libelle schrijft James columns waarin liefde centraal staat: voor zijn ouders, zijn gezin en het leven. Geestig, soms hartverscheurend, maar bovenal eerlijk en ontroerend. Deze week schrijft hij over de begrafenis van een vriend.

Ik zit in mijn boekenbalpak op een klapstoeltje in een uitvaartcentrum. Dit is mijn eerste begrafenis sinds de begrafenis van mijn vader. Ik stond vanochtend extra vroeg op, omdat ik mijn nette schoenen wilde poetsen. Ik had geen zin om mijn baard te trimmen. Mijn gezicht is dus een rommeltje, maar mijn schoenen glimmen.

Elf haren

“Jij ook hier. Lang niet gezien, jongen”, zegt een oude man. Op zijn stropdas staat de hond van Mickey Mouse.

“Gecondoleerd, lieve man”, zeg ik.

We knuffelen elkaar. Zijn rug is bezweet. Ik leg mijn hoofd op zijn schouder en kijk recht zijn oor in. Er steken elf lange, grijze haren uit zijn linkeroor. Ik heb ze twee keer geteld. Het zijn er echt elf.

Vrienden

Op de kist staat een oude foto van de persoon waar we vandaag afscheid van gaan nemen. We kenden elkaar van school. Zijn school zat tegenover mijn school. We hadden altijd ruzie. Hij stond bekend als de jongen die erg goed kon vechten en ik stond bekend als gewoon een jongen. Op een dag sloeg hij twee van mijn klasgenoten naar de grond en daarna liep hij op mij af. Hij gaf me drie klappen, maar ik ging niet neer. Sinds die dag waren we vrienden.

Zijn moeder zit op de voorste rij te snikken. Op haar schoot ligt een keukenrol. Ze gaat haar zoon begraven en iedereen begrijpt dat ze vandaag meer nodig heeft dan een simpele zakdoek.

Eerste echte kus

“Hoi sukkel”, zegt zijn zus. Ze staat voor me. Zwarte hoed, zwart tasje, rode ogen. Ik was vroeger altijd verliefd op haar. We hebben ooit een keer gekust in hun achtertuin. Precies tussen de aanhangwagen van haar vader en de tuinkabouters van haar moeder in. Het was geen bijzondere kus, maar het was wel mijn eerste echte kus. We verdienden allebei een betere kus, maar in dit leven krijg je niet altijd waar je recht op hebt. Vaak krijg je gewoon wat je krijgt.

“Gecondoleerd, lieve schat”, zeg ik. We knuffelen elkaar. Ze legt haar hoofd op mijn schouder.

“We worden oud, James”, zegt ze.

“Hoezo?” vraag ik.

“Er groeien haren uit je oor.”

Het imperfecte

Toen ik hem leerde kennen, wist ik al dat hij niet oud zou worden. Bepaalde mensen stralen dat uit. Een soort ongekende onbezonnenheid. Als bagatelliseren een Olympische sport was geweest, zouden er vandaag vier gouden medailles op zijn kist hebben gelegen. Hij was niet heel erg bekwaam in het op waarde schatten van gevaar. Hij zocht ruzie met de mensen waar je geen ruzie mee moet zoeken en hij werd verliefd op de mensen waar je niet verliefd op moet worden. Hij had een zwak voor de rafelrandjes. Voor het imperfecte. Als iets al kapot was, was hij gelukkig, want dit betekende dat hij het niet meer kapot kon maken.

Bang

Dit is de eerste begrafenis sinds de begrafenis van mijn vader. Het is net alsof iedereen in mijn omgeving niet dood wilde gaan uit respect voor mijn vader.

Zijn moeder komt naast me zitten. De keukenrol steekt uit haar handtas. Ze is aan het bibberen van verdriet.

“Hij is blij dat je er bent, jongen”, zegt ze. Haar stem gaat alle kanten op als een spinnenweb in een tochtig trappenhuis.

“Ik ben ook blij dat ik er ben. Hij was een speciale jongen. Een goede vriend. Als ik bang was, belde ik hem. Als ik in de problemen zat, belde ik hem. Hij was nergens bang voor. Het feit dat hij nergens bang voor was, maakte me vaak bang. Negen jaar geleden hoorde ik dat mijn vrouw zwanger was. Ik vond het prachtig, maar ook angstaanjagend. Ik kreeg een paniekaanval in de tram. Toen belde ik hem op en tien minuten later stond hij op de eindhalte. Hij kreeg me rustig. En niet dat hij slimme dingen zei of zo, nee, hij was geen filosoof. Maar ik voelde me veilig bij hem. Ik wist gewoon dat hij sterker was dan alles waar ik bang voor was.”

“Hij was al sterk toen hij in mijn buik zat. Te sterk. Ik weet niet of het kan, maar ik denk dat mijn vruchtwater gekneusd was”, zegt zijn moeder.

“David kon dat”, zeg ik.

“Mijn arme, sterke David. Je gaat hem niet vergeten, toch?”

“Ik zou niet durven.”

Zijn moeder scheurt een stuk keukenpapier van haar rol af en veegt zachtjes mijn wangen droog.

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden