null Beeld

PREMIUM

Dagboek van Manon: “Ik ben maanden niet op het werk geweest, maar er is weinig veranderd”

Na een lange burn-out is Manon weer terug op de redactie. Ze wordt meteen aan het werk gezet. Het is goed om weer terug te zijn.

Manon

Dinsdag

“Hé Manon, wat leuk dat je er weer bent!” hoor ik van alle kanten. Van tevoren had ik me nogal druk gemaakt over deze eerste dag terug op de redactie. Ik was bang dat collega’s me lastige vragen zouden stellen over mijn burn-out, maar ik zie alleen maar vriendelijke gezichten. Tijd voor een praatje is er ook niet echt, want het is ontzettend druk vanwege de gemeenteraadsverkiezingen en de oorlog in Oekraïne. Leslie en ik lopen naar de kantine om samen koffie te drinken. Eerst praten we uitgebreid over onze baby’s en laten we elkaar foto’s zien (Titia is echt veel knapper), daarna praten we over het werk. Voorlopig ga ik drie dagen in de week aan de slag, en dat vindt ze prima. “Als je maar mooie interviews blijft maken. In de weekendbijlage wil ik graag twee portretten van vrouwen die uit Oekraïne zijn gevlucht en worden opgevangen in onze gemeente. Wat hebben ze onderweg meegemaakt? Wat hopen ze? Hoe was hun leven daar? Interviews met emotie, dat lijkt me echt wat voor jou.”

Even later zit ik weer achter mijn bureau. Ik ben er maanden niet geweest, maar het voelt alsof ik nooit weg ben geweest. Carien zit weer tegenover me een sinaasappel te pellen, Joost lijkt wel iets dikker, en Bart van het blok achter me belt zo luid, dat iedereen het gesprek kan volgen. Heerlijk om weer op de redactie te zijn!

Woensdag

In een groot hotel, waar normaal gesproken vooralzakenmensen logeren, vangt onze gemeente de vluchtelingen in eerste instantie op. In de ontbijtzaal spreek ik een vrouw van een jaar of dertig met een kleuter op schoot. In het Oekraïens zegt ze iets tegen haar kind en hij loopt naar een hoek achterin waar speelgoed staat. In moeizaam Engels vertelt ze over de achtbaan waarin ze is terechtgekomen. Eerst was er de maandenlange spanning of de Russen zouden binnenvallen. Toen dat gebeurde, wilden ze in eerste instantie hun huis niet verlaten. “Mijn man heeft dat zelf gebouwd en ik heb de tuin aangelegd. Ik kweekte niet alleen groente, maar ook heel mooie bloemen. Dahlia?”

Vragend kijkt ze me aan en ik knik dat ik het begrijp. “Toen waren er beschietingen...” Haar ogen vullen zich met tranen. “Het huis van de buren ging in vlammen op. Het was verschrikkelijk. De buurvrouw kreeg een brandende balk op haar hoofd en overleed. Mijn man zei: ‘We moeten vluchten.’ Ik heb een koffer en een tas gepakt en we zijn naar het station gegaan, want benzine was nergens meer te krijgen. Het duurde lang voordat er een trein kwam die plaats had, en toen wilde mijn man niet mee. ‘Ik moet vechten’, zei hij. Gisteren heb ik voor het laatst wat van hem gehoord. Hij zei dat hij bang was.” Ze begint hard te huilen. Ik wilde dat ik meer kon doen dan haar een schone zakdoek geven. Ik zit nog een poosje bij haar, maar van interviewen komt niets meer terecht. Maakt niet uit, ik heb meer dan genoeg gehoord.

Thuis is Willeke aan het koken, Boy voert Titia een groentehapje aan de keukentafel. Een doodnormale situatie, maar ineens besef ik hoe kwetsbaar het allemaal is. Alles wat je lief is, kun je zomaar kwijtraken. “En? Hoe was het bij de krant?” vraagt Boy.

Ik vertel over de Oekraïense vrouw. Willeke en hij luisteren aandachtig. “En er komen nog veel meer vluchtelingen deze kant op”, besluit ik mijn verhaal. “De vraag is waar al die mensen naartoe moeten.”

“Wij kunnen wel iemand in de garage opvangen”, zegt Wils. “Dan ga ik wel weer in huis slapen.”

“Nou, ik weet het niet hoor”, weifel ik.

“Geld geven kun je wel, maar bij echte hulp bieden haak je meteen af”, zegt Wils kwaad.

Meer lezen van Manon? Dat kan hier!

Manon is de dochter van Anne-Wil. In haar dagboek schrijft ze over haar moeder, gezin, haar vriendinnen en haar werk bij de plaatselijke krant. Met haar ex Joris kreeg ze Robbert en dochter Willeke, nu pubers. Ze heeft een relatie met de veel jongere Boy, de vader van baby Titia.

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden