null Beeld

PREMIUMcolumn

José: “Ja, Matthijs, dat is dus wat roem en blinde ambitie met je doen”

José Rozenbroek

José Rozenbroek kende Matthijs van Nieuwkerk al voordat hij bekend werd en weet precies wat er schortte aan de situatie rondom DWDD.

Voor me ligt een foto van een twintigjarige Matthijs van Nieuwkerk. Hij staat voor Artis, samen met zijn toenmalige vriendin, die weer een vriendinnetje van mij was. Matthijs knijpt op die foto in zijn kin. Hij draagt een flodderig jasje om zijn magere jongenslijf en een knalstrakke ribbroek, hartstikke hip begin jaren tachtig. Een mooie lange donkerblonde knul die net als ik Nederlands studeerde en toen al uit elkaar barstte van ambitie.

Eens in de zoveel jaren liep ik hem tegen het lijf en dan maakten we een praatje. Ik bewonderde de flitsende carrière die hij maakte en vond het geweldig dat hij zowel in Het Parool waarvoor hij eerst werkte, als later bij DWDD altijd een goed humeur tentoonspreidde. Hij was de jongen die het bewonderen tot kunst had verheven, die sfeer kon maken, die een feestje kon bouwen. En dat in een Nederland, waar men in de media toch altijd meer was van het afzeiken en zuurpruimen.

De reconstructie die zaterdag in de Volkskrant verscheen, onthult een Matthijs van wie ik geen weet had. Een nietsontziende perfectionist, een man die zijn chagrijn en mood swings niet wist te beteugelen, een baas die in blinde drift zijn ondergeschikten kon uitschelden en vernederen.

Nu ben ik zelf een driftkop, geboren in een gezin waar bijna niemand tot tien kon tellen. In bijna elke slaapkamerdeur van ons ouderlijk huis zat een gat, daar waar woedend tegenaan was getrapt. Ik wéét hoe het bloed door je aderen kan razen en het je zwart voor de ogen kan worden. En ik weet ook dat je razende spijt hebt van wat je er nu weer hebt uitgegooid wanneer je weer tot zinnen bent gekomen. Door schade en schande heb ik geleerd hoe ik mijn woorden - ‘dodelijke pijlen’ zei ooit een therapeut - moet beteugelen.

Hoe het niet moet als leidinggevende heb ik vooral afgekeken van een van mijn hoofdredacteuren. Een sprankelende vrouw voor de bühne, maar voor haar redactie was ze vaak de hel. Als zij binnenkwam, scanden we bliksemsnel hoe haar pet stond. Was ze vrolijk en goedgehumeurd? Of chagrijnig en moe en moesten we duiken? Onbedoeld leerde ze me een belangrijke les: zou ik ooit ergens de baas worden, dan mocht ik nooit met mijn stemming mijn medewerkers terroriseren. Nu wil ik niet zeggen dat ik me, toen ik haar zeven jaar later opvolgde, altijd wist te beheersen, maar in het geval dat ik toch een drifter kreeg of chagrijnig was, had ik later diepe spijt en bood ik nederig mijn excuses aan.

En daarmee kom ik op wat ik zo verbijsterend vind aan die hele Matthijs-gate: zijn halfbakken weerwoord, zonder een spoor van inzicht en diep berouw. Dat is dus wat roem en blinde ambitie met je doen. Verblind door eigenliefde en faalangst trap je je geweten tot moes en daarmee uiteindelijk jezelf. En zo wordt bewaarheid waar je ooit zo bang voor bent geweest. Je wordt verpulverd tot er niks meer van je overblijft. Zelfs geen sterrenstof.

Bladenmaker en journalist José Rozenbroek is een nieuwsjunk. Elke week schrijft ze voor Libelle een column over wat haar opvalt en waarover ze zich opwindt.

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden