Nu 50% korting op 6-delige pannenset in verschillende kleuren!

Zoek binnen:

Deze slaapexpert haalt alles wat we dachten te weten over slapen onderuit

Slaapcoach Nick Littlehales helpt artiesten en sporters als David Beckham en Christiano Ronaldo met hun nachtrust. Hij houdt er nogal wat ongebruikelijke slaaptips op na. 

Zo stelt de slaapexpert dat de standaard slaapregels regelrecht de kliko in kunnen. Zijn slaaptips zijn nogal ongewoon, maar zeker de moeite waard om eens te checken.

Advertentie

1. Koop niet het duurste matras
Volgens Littlehales bestaat binnen de beddenwereld bijna geen regulering. Ieder bedrijf kan een sticker met ‘orthopedisch’ op een matras plakken. Daar hoeven ze geen osteopaat voor te zijn of het matras aan allerlei tests te onderwerpen. Koop dus nooit een matras vanwege het label of dure prijskaartje. Een fortuin uitgeven aan een matras heeft namelijk geen zin. De meeste fabrikanten claimen dat een matras tien jaar meegaat. Als je dan €1.500,- uitgeeft aan een matras, kost dat je €150 per jaar. Na tien jaar zit dat matras niet alleen vol met dode huidcellen en vlekken, maar is het ook nooit meer zo stevig en verend als het ooit was. Je kunt om die reden beter een matras van €200 à €300 kopen en dat vaker vervangen.

2. Gooi je kussen weg – of neem een dunne
Als je een goed matras hebt, is een kussen eigenlijk overbodig. We gebruiken kussens om de ruimte tussen ons hoofd en het matrasoppervlak op te vullen als het matras te stevig is. Als het matras te zacht is, ligt je hoofd niet goed in lijn met je rug. Dat kan leiden tot problemen met je houding. Slaap je met twee kussens, dan heb je of een heel stevig matras of ben je rugproblemen aan het ontwikkelen. Wanneer je per se met een kussen wil slapen, ga dan voor een dunne variant. Het is het best om die ieder jaar te vervangen, dus ga ook hier liever voor een koopje.

3. Geen katoen, maar synthetisch 
Alle dekbedovertrekken zouden hypoallergeen moeten zijn, of je nou allergisch bent of niet. Allergenen hebben effect op hoe je ’s nachts ademhaalt, waardoor het lastig kan zijn door je neus te ademen. Wanneer je door je mond ademt, bestaat de kans dat je gaat snurken. Onderschat bovendien nooit het belang van een schoon, fris bed. Dat helpt vooral psychologisch goed – niets zo fijn als in een krakend vers bed te kruipen dat lekker ruikt. Daarom adviseert Littlehales synthetisch beddengoed. De vezels hiervan zijn een fractie van het formaat van natuurlijk materiaal, waardoor de stof veel meer ademt en bovendien sneller droogt. Hierdoor zul je dat type beddengoed ook vaker wassen. Kun je echt niet zonder Egyptisch katoen? Kies er dan eentje met een draadtelling van 300, die ademen het best.

4. Slaap in cycli, niet in uren
Houd je niet krampachtig vast aan acht uur slaap per nacht. Je slaapcyclus is namelijk veel belangrijker. De gemiddelde persoon heeft 90 minuten nodig om door één cyclus te gaan, inclusief lichte en diepe slaap. In het ideale geval glijden we soepeltjes van de ene cyclus in de andere. Dan heb je dus een patroon van slapen, wakker worden, slapen, wakker worden. Tegen de ochtend slaap je langzaamaan steeds minder diep. Zo’n cyclus voelt als één lange nacht slaap. Wanneer je niet goed slaapt en steeds ontwaakt vlak voor je in die diepe slaap valt, maakt het niet uit hoeveel uur je in bed ligt. Streef naar vijf cycli in één nacht. Dat is 7,5 uur. Bepaal hoe laat je wil opstaan en tel vijf keer 90 minuten terug. Dat is de tijd waarop je moet gaan slapen. Wanneer je om half acht ’s ochtends opstaat, moet je dus tegen middernacht slapen. Ga een kwartier van tevoren – of hoe lang je ook nodig hebt om in slaap te vallen – in bed liggen en kijk na een week hoe je je voelt. Vijf cycli te lang? Ga dan naar vier. Te kort? Probeer er dan zes.

5. Maak van je pre-slaap en na-slaap een prioriteit
Beschouw slaap niet alleen als de tijd waarin je daadwerkelijk slaapt, maar ook de 90 minuten ervoor en erna. Je routine voor en na je slaap bepaalt namelijk voor een groot deel hoe je slaapt en hoe je je de rest van de dag voelt. Ga je om elf uur naar bed? Begin je om half tien dan alvast rustig voor te bereiden. Nog trek? Eet een lichte snack. Drink nog wat zodat je ’s nachts niet dorstig wakker wordt. Zet je elektronica uit, dim de lichten, ga naar het toilet, doe alles wat je moet doen in de badkamer en laat je gedachten van de dag voor wat ze zijn.

Je post-slaap helpt je alles uit je dag te halen. Zorg bij het opstaan voor zoveel mogelijk licht om je lichaam een kickstart te geven. Geef je lichaam brandstof met een goed ontbijt en als je sport, is dit het moment om dat te doen. Of bereid je hersenen voor op wat komen gaat door bijvoorbeeld de radio aan te zetten. Probeer nog even niet naar je telefoon te kijken. Het stresshormoon cortistol is op z’n hoogst na het ontwaken – je hoeft dat niet verder omhoog te jagen door meteen al door mailtjes en berichtjes te scrollen. In het ideale geval begin je daar pas tot 90 minuten na het opstaan mee, maar probeer minstens een kwartier te wachten.

6. Ga niet te vroeg naar bed
Ook al sta je iedere dag op hetzelfde tijdstip op, het komt vaak genoeg voor dat je er niet op tijd in ligt. Geen paniek. Als je nog vol zit van het diner, een jetlag hebt of gestrest bent vanwege je werk kun je beter eerst nog even ontspannen en 90 minuten later dan normaal je bed in duiken. Zo pak je één slaapcyclus minder, maar word je een stuk frisser en uitgeruster wakker. Beter vier goede cycli, dan vijf gebrekkige.

Wat moet je doen als je partner snurkt? Dokter Rutger geeft tips.

Bron: The Daily Mail. Beeld: iStock

voor jou geselecteerd

Laat meer voor jou geselecteerd zien