Word abonnee

Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting

Zoek binnen:

Weer veilig naar de tandarts: "Nederlandse tandartsen lopen voorop met veilig behandelen"

Aan het begin van de coronacrisis was een tandartsbezoek nog uit den boze: je mocht hier alleen naartoe voor noodzakelijke ingrepen die niet konden wachten. Inmiddels zijn de regels versoepeld en mag je ook weer voor een controle gaan. Toch is het volgens de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) niet verstandig dit te doen. Al valt Nederland daar niet onder, want volgens de beroepsorganisatie van tandartsen, orthodontisten, mondhygiënisten en kaakchirurgen in Nederland (KNMT) zou de rest van de wereld een voorbeeld kunnen nemen aan de Nederlandse aanpak. 

WHO adviseert mensen niet-essentiële tandartsbezoeken nog even uit te stellen, maar geldt dat ook voor Nederland?

Advertentie

Risico’s

“De WHO adviseert om niet-essentiële mondzorg uit te stellen totdat de verspreiding van Covid-19 voldoende is afgenomen,” zo luidt het advies. Hetzelfde geldt voor ‘esthetische ingrepen’ (plastische chirurgie). In veel landen is niet-essentiële mondzorg weer hervat, maar dat brengt wel een aantal risico’s met zich mee.

Besmetting van tandarts

Zo lopen vooral tandartsen het risico besmet te worden door één van de patiënten. “Tandartsen werken erg dicht bij het gezicht van patiënten,” zo verklaart de WHO. “De procedures omvatten face-to-face communicatie en frequente blootstelling aan speeksel, bloed en andere lichaamsvloeistoffen. Daardoor hebben ze een grotere kans om besmet te raken met SARS-CoV-2.”

“Voorlopig niet gaan”

Daarnaast kunnen tandartsen natuurlijk ook hun patiënten besmetten. Volgens de WHO is het dan ook verstandig om tandartsbezoeken voorlopig nog uit te stellen. Hierbij benadrukken ze wel dat dit alleen geldt voor niet-essentiële tandartsbezoeken.

Belangrijke update: niet van toepassing op Nederland

Ondanks het internationale advies, is dit volgens de beroepsorganisatie van tandartsen, orthodontisten en kaakchirurgen in Nederland (KNMT) níet van toepassing op Nederland. Dat schrijft het AD. Het advies zou worden gegeven aan landen die nog niet volgens een corona-leidraad werken, wat Nederland wel doet. “Nederlandse tandartsen lopen voorop met veilig behandelen.”

Nederland heeft in samenwerking met het RIVM een leidraad opgesteld: Commissie Leidraad Corona. Hierdoor kunnen tandartsen op een verantwoorde manier de reguliere tandzorg aanbieden. “De oproep van de WHO om een dergelijke leidraad te ontwikkelen en totdien de niet-essentiële mondzorg af te schalen, toont aan dat de mondzorgsector in Nederland snel en effectief heeft gehandeld zodat patiënten niet onnodig lang van mondzorg verstoken zijn gebleven.”

Het KNMT vertelt dat de mondzorg in Nederland gemonitord wordt. Sinds de mondzorg weer hervat wordt, is het reproductiegetal in Nederland niet gestegen. “In feite doet de WHO een oproep aan de rest van de wereld om de Nederlandse aanpak over te nemen.”

Dit zijn de voorzorgsmaatregelen die je kunt nemen tegen het coronavirus:

De beste berichten van Libelle in je mailbox ontvangen? Meld je aan voor onze nieuwsbrief.

Bron: AD. Beeld: iStock

Lees meer

voor jou geselecteerd

Laat meer voor jou geselecteerd zien

Zorgenzoon - deel 42: "Jeetje, zou hij een vriendin hebben?"

Lars, die wegens ernstige gedragsproblemen anderhalf jaar in een instelling woonde, is terug in zijn geboortestad Amsterdam. Nadat hij een paar maanden bij een begeleid wonen groep heeft gewoond, krijgt hij voor zijn achttiende verjaardag een eigen flatje toegewezen. Met camerabewaking. Tijd om op eigen benen te leren staan, vindt Jeugdzorg. Dan wordt hij gearresteerd wegens verboden wapenbezit. Na een spannend weekend wordt hij vrijgelaten.

De eerste dagen na zijn vrijlating is Lars opvallend stil en rustig. Hij zegt er niet veel over, maar is duidelijk enorm geschrokken. Terecht natuurlijk. Het is goed om te zien dat wat gebeurde hem flink heeft aangegrepen. “Dit wil ik nooit meer meemaken,” is het enige wat hij vastbesloten zegt. Hij moet zich melden bij de reclassering. Die gaat voor de jonge delinquent een passende straf bedenken. Lars moet zelf de afspraak maken. Ik zie dat Lars zich er druk over maakt en gestrest is. Dat hij voorzichtig moet zijn met justitiële en zorgmedewerkers, is hem na al die jaren wel duidelijk. Ze zijn er over het algemeen vooral om de regels aan te geven, niet om hem te helpen.

Advertentie

Verhuizen

De zorgcoördinator van de woongroep waar Lars staat ingeschreven, belt om te zeggen dat ze hem graag willen houden. Maar dat de gemeente heeft aangegeven dat Lars de regels ernstig heeft overtreden en dat hij niet meer terug mag naar zijn flatje. Ook wordt hij overgedragen aan een andere Begeleid Wonen instantie. Pfff. Daar gaan we weer. De nieuwe organisatie zetelt in een ander deel van de stad. In een ongezellig ogend gebouw op een afgelegen industrieterrein moeten Lars en ik ons melden. Zo kom je nog eens ergens.

Jezelf redden

Een verzorgde Marokkaanse man met een krachtige uitstraling begroet ons joviaal en stelt zich voor als Hakan, de oprichter en initiator van de zorginstelling. Hij somt diverse succeservaringen op van de jongeren die hij tot nu toe begeleid heeft, zegt dat er een wereld aan mogelijkheden voor Lars ligt, mits hij meewerkt en deze uniek kans pakt. “Ik kan je begeleiden, maar jij bent de enige die jezelf kunt redden. Je moet het zelf willen en doen.” Zijn toon is luid en direct.

Huiswerk

Vervolgens informeert hij naar de ervaringen en wensen van Lars, die antwoordt dat hij het liefst thuis woont. “Dat zal niet gaan,” zegt de man resoluut. “Ik wil niet meer op een groep wonen.” Lars klinkt gedecideerd. “En ik wil geen camerabewaking.” Hakan belooft dat hij zal doen wat hij kan. En dat hij de persoonlijke begeleider van Lars wordt en dat Lars zijn huiswerk bij hem aan zijn bureau mag maken. Lars knikt en zegt ‘okee’. Ik weet nu al dat dit één keer gaat gebeuren en dan heeft hij het wel weer gezien op dat kale kantoor.

Vooruitgaan

Zolang Lars nog geen nieuw onderkomen heeft, woont hij bij mij. Dat dat niet te lang moet duren, voel ik aan alle kanten. Want eenmaal weer onder moeders vleugels, wordt het lastig hem weer ergens in te manoeuvreren. Om mijn razende en vooral bezorgde gedachten een beetje te dimmen, heb ik mezelf aangemeld voor kickbokstraining. In de openlucht. Samen met een vriendin. Ik wil niet somberen, ik wil fit worden. Me fris en fruitig voelen. Vooruitgaan.

Kickboksen

Bokstrainer Mo is klein, heeft kort grijs haar, een bijpassend baardje met bruine twinkelogen erboven en deelt commando’s uit. Hij is loeisterk. Vroeger werkte hij als portier bij nachtclubs. Zijn specialisatie: vervelende individuen uitschakelen met een gerichte knalharde stoot. Mijn vriendin en ik worden direct flink aan het werk gezet. We beginnen met hardlopen, om warm te worden. Dan volgen jumping jacks, squads en vervolgens moeten we een boksloopje laten zien. Om beurten stoot ik mijn in rood zwarte bokshandschoenen gestoken handen naar voren, terwijl ik hupbewegingen op de plaats maak. ‘Knieheffen,’ roept Mo. Braaf spring ik op en neer en trek mijn knieën zo hoog mogelijk op. ‘Hoger, hoger, kom op, je kunt het.’ Meine gute, wat een drilkoning.

Helder

Hij houdt zijn handen ter hoogte van mijn middel om de gewenste hoogte aan te geven. En zowaar lukt het mij om mijn knieën nog iets hoger te heffen. Dan gaan we eindelijk boksen. “Djepp djepp met links, rechter direct, linker hoek, rechter direct, low kick en kniestoot.” Ik sla en sla en schop. “Maak je kwaad, word boos”, roept Mo. Hoe het gebeurt, weet ik niet, maar ik vergeet alles om me heen en knal er op los. Pats, pats, kaboem. ‘Wow, goed zo!’ roept Mo. Zijn bruine ogen glimmen. Na ruim een uur is het klaar. Ik ben kapot. Mijn armen trillen, mijn benen doen pijn, mijn handen tintelen. Maar in mijn hoofd is de mist opgetrokken. De zon schijnt. Ik zie het leven even weer helder.

Hotelstudio

Het gesprek bij de reclassering is geweest. Lars moet zich de komende tijd regelmatig melden en zich vooral aan de regels houden. Dat betekent: luisteren naar Hakan, netjes naar school gaan en zorgen dat hij niet in contact met de politie komt. Anders kan hij alsnog achter slot en grendel belanden. Na een kleine week meldt Hakan dat er een passend onderkomen voor Lars gevonden is. In een studio in een hotel in een dorpje grenzend aan Amsterdam. Er zijn geen camera’s, wel een portier die erop toeziet dat Lars zich gedraagt, geen vrienden meeneemt naar zijn kamer en geen fratsen uithaalt.

Bemoeial

Lars gaat eerst kijken bij zijn nieuwe behuizing. En is niet eens ongeïnteresseerd. “Zal ik het doen?” hoor ik hem vragen door de telefoon. Aan de andere kant antwoordt een meisjesstem. Jeetje, zou hij een vriendin hebben? Veel keus heeft Lars trouwens niet. Het is deze studio of niets. Zijn vorige mentor Winfred helpt hem zijn bed en persoonlijke bezittingen verhuizen. Ik mag niet mee.

“Jij bemoeit je alleen maar weer met alles, ik doe het zelf,” zegt Lars gedecideerd.

Uppie

Nu woont mijn kind dus in een studio in een hotel in een dorpje buiten de stad. Zo blijft hij in ieder geval weg van zijn slechte vrienden, had Hakan gezegd. Ik zie alles van een afstand sceptisch aan. Lars in zijn uppie in een hotelstudio, waar hij zelf moet koken en niemand mag ontvangen. Ik heb er totaal geen beeld bij. Het is bijna drie kwartier fietsen vanaf het centrum. Hoe moet dat met zijn school? Gaat hij braaf huiswerk maken in zijn studiootje? Hakan is ervan overtuigd dat het gaat lukken. Als ik mijn laptop openklap, zie ik dat hij mij een facebook verzoek gestuurd heeft. Vlotte gozer.

Volgende week: Lars heeft wroeging

Lars (18) is een jongen met ADHD en licht autisme. Zijn gedragsstoornis brengt hem regelmatig in de problemen. Zijn moeder, Febe van Otterlo, is freelance journalist. Om privacyredenen zijn de namen in deze column gefingeerd. De naam Febe van Otterlo is een pseudoniem.

voor jou geselecteerd

Laat meer voor jou geselecteerd zien

Zorgenzoon - deel 42: "Jeetje, zou hij een vriendin hebben?"

Lars, die wegens ernstige gedragsproblemen anderhalf jaar in een instelling woonde, is terug in zijn geboortestad Amsterdam. Nadat hij een paar maanden bij een begeleid wonen groep heeft gewoond, krijgt hij voor zijn achttiende verjaardag een eigen flatje toegewezen. Met camerabewaking. Tijd om op eigen benen te leren staan, vindt Jeugdzorg. Dan wordt hij gearresteerd wegens verboden wapenbezit. Na een spannend weekend wordt hij vrijgelaten.

De eerste dagen na zijn vrijlating is Lars opvallend stil en rustig. Hij zegt er niet veel over, maar is duidelijk enorm geschrokken. Terecht natuurlijk. Het is goed om te zien dat wat gebeurde hem flink heeft aangegrepen. “Dit wil ik nooit meer meemaken,” is het enige wat hij vastbesloten zegt. Hij moet zich melden bij de reclassering. Die gaat voor de jonge delinquent een passende straf bedenken. Lars moet zelf de afspraak maken. Ik zie dat Lars zich er druk over maakt en gestrest is. Dat hij voorzichtig moet zijn met justitiële en zorgmedewerkers, is hem na al die jaren wel duidelijk. Ze zijn er over het algemeen vooral om de regels aan te geven, niet om hem te helpen.

Advertentie

Verhuizen

De zorgcoördinator van de woongroep waar Lars staat ingeschreven, belt om te zeggen dat ze hem graag willen houden. Maar dat de gemeente heeft aangegeven dat Lars de regels ernstig heeft overtreden en dat hij niet meer terug mag naar zijn flatje. Ook wordt hij overgedragen aan een andere Begeleid Wonen instantie. Pfff. Daar gaan we weer. De nieuwe organisatie zetelt in een ander deel van de stad. In een ongezellig ogend gebouw op een afgelegen industrieterrein moeten Lars en ik ons melden. Zo kom je nog eens ergens.

Jezelf redden

Een verzorgde Marokkaanse man met een krachtige uitstraling begroet ons joviaal en stelt zich voor als Hakan, de oprichter en initiator van de zorginstelling. Hij somt diverse succeservaringen op van de jongeren die hij tot nu toe begeleid heeft, zegt dat er een wereld aan mogelijkheden voor Lars ligt, mits hij meewerkt en deze uniek kans pakt. “Ik kan je begeleiden, maar jij bent de enige die jezelf kunt redden. Je moet het zelf willen en doen.” Zijn toon is luid en direct.

Huiswerk

Vervolgens informeert hij naar de ervaringen en wensen van Lars, die antwoordt dat hij het liefst thuis woont. “Dat zal niet gaan,” zegt de man resoluut. “Ik wil niet meer op een groep wonen.” Lars klinkt gedecideerd. “En ik wil geen camerabewaking.” Hakan belooft dat hij zal doen wat hij kan. En dat hij de persoonlijke begeleider van Lars wordt en dat Lars zijn huiswerk bij hem aan zijn bureau mag maken. Lars knikt en zegt ‘okee’. Ik weet nu al dat dit één keer gaat gebeuren en dan heeft hij het wel weer gezien op dat kale kantoor.

Vooruitgaan

Zolang Lars nog geen nieuw onderkomen heeft, woont hij bij mij. Dat dat niet te lang moet duren, voel ik aan alle kanten. Want eenmaal weer onder moeders vleugels, wordt het lastig hem weer ergens in te manoeuvreren. Om mijn razende en vooral bezorgde gedachten een beetje te dimmen, heb ik mezelf aangemeld voor kickbokstraining. In de openlucht. Samen met een vriendin. Ik wil niet somberen, ik wil fit worden. Me fris en fruitig voelen. Vooruitgaan.

Kickboksen

Bokstrainer Mo is klein, heeft kort grijs haar, een bijpassend baardje met bruine twinkelogen erboven en deelt commando’s uit. Hij is loeisterk. Vroeger werkte hij als portier bij nachtclubs. Zijn specialisatie: vervelende individuen uitschakelen met een gerichte knalharde stoot. Mijn vriendin en ik worden direct flink aan het werk gezet. We beginnen met hardlopen, om warm te worden. Dan volgen jumping jacks, squads en vervolgens moeten we een boksloopje laten zien. Om beurten stoot ik mijn in rood zwarte bokshandschoenen gestoken handen naar voren, terwijl ik hupbewegingen op de plaats maak. ‘Knieheffen,’ roept Mo. Braaf spring ik op en neer en trek mijn knieën zo hoog mogelijk op. ‘Hoger, hoger, kom op, je kunt het.’ Meine gute, wat een drilkoning.

Helder

Hij houdt zijn handen ter hoogte van mijn middel om de gewenste hoogte aan te geven. En zowaar lukt het mij om mijn knieën nog iets hoger te heffen. Dan gaan we eindelijk boksen. “Djepp djepp met links, rechter direct, linker hoek, rechter direct, low kick en kniestoot.” Ik sla en sla en schop. “Maak je kwaad, word boos”, roept Mo. Hoe het gebeurt, weet ik niet, maar ik vergeet alles om me heen en knal er op los. Pats, pats, kaboem. ‘Wow, goed zo!’ roept Mo. Zijn bruine ogen glimmen. Na ruim een uur is het klaar. Ik ben kapot. Mijn armen trillen, mijn benen doen pijn, mijn handen tintelen. Maar in mijn hoofd is de mist opgetrokken. De zon schijnt. Ik zie het leven even weer helder.

Hotelstudio

Het gesprek bij de reclassering is geweest. Lars moet zich de komende tijd regelmatig melden en zich vooral aan de regels houden. Dat betekent: luisteren naar Hakan, netjes naar school gaan en zorgen dat hij niet in contact met de politie komt. Anders kan hij alsnog achter slot en grendel belanden. Na een kleine week meldt Hakan dat er een passend onderkomen voor Lars gevonden is. In een studio in een hotel in een dorpje grenzend aan Amsterdam. Er zijn geen camera’s, wel een portier die erop toeziet dat Lars zich gedraagt, geen vrienden meeneemt naar zijn kamer en geen fratsen uithaalt.

Bemoeial

Lars gaat eerst kijken bij zijn nieuwe behuizing. En is niet eens ongeïnteresseerd. “Zal ik het doen?” hoor ik hem vragen door de telefoon. Aan de andere kant antwoordt een meisjesstem. Jeetje, zou hij een vriendin hebben? Veel keus heeft Lars trouwens niet. Het is deze studio of niets. Zijn vorige mentor Winfred helpt hem zijn bed en persoonlijke bezittingen verhuizen. Ik mag niet mee.

“Jij bemoeit je alleen maar weer met alles, ik doe het zelf,” zegt Lars gedecideerd.

Uppie

Nu woont mijn kind dus in een studio in een hotel in een dorpje buiten de stad. Zo blijft hij in ieder geval weg van zijn slechte vrienden, had Hakan gezegd. Ik zie alles van een afstand sceptisch aan. Lars in zijn uppie in een hotelstudio, waar hij zelf moet koken en niemand mag ontvangen. Ik heb er totaal geen beeld bij. Het is bijna drie kwartier fietsen vanaf het centrum. Hoe moet dat met zijn school? Gaat hij braaf huiswerk maken in zijn studiootje? Hakan is ervan overtuigd dat het gaat lukken. Als ik mijn laptop openklap, zie ik dat hij mij een facebook verzoek gestuurd heeft. Vlotte gozer.

Volgende week: Lars heeft wroeging

Lars (18) is een jongen met ADHD en licht autisme. Zijn gedragsstoornis brengt hem regelmatig in de problemen. Zijn moeder, Febe van Otterlo, is freelance journalist. Om privacyredenen zijn de namen in deze column gefingeerd. De naam Febe van Otterlo is een pseudoniem.

voor jou geselecteerd

Laat meer voor jou geselecteerd zien

Kun je beter scheren mét of zonder zeep? Een dermatoloog legt uit

Argh, scheerschuim of -gel op! Kun je op dat moment beter scheren met shampoo of conditioner, of dan toch liever met helemaal niks? Dermatoloog Anne Margreet van Drooge geeft antwoord.

“Je haartjes worden tijdens het scheren afgesneden of uit het haarzakje getrokken”, legt Van Drooge uit. “Elk haarzakje wordt daarbij even geïrriteerd. Als je dat zonder een product doet, dan is die trekkracht veel hoger en kun je rode pukkeltjes krijgen na het scheren.”

Advertentie

Scheren met shampoo of conditioner

Om dat proces makkelijker te maken bestaan er veel scheerproducten op de markt, van gels tot mousses. “Schuim is handig want dan kun je zien of je delen hebt overgeslagen. Bij een transparante gel is dat niet zo. Schuim glijdt vaak ook beter tussen het scheermesje door omdat het luchtiger is.”

“Over shampoo of conditioner gebruiken heb ik twee verschillende adviezen. Conditioner heeft een soortgelijke dikke structuur als sommige scheerproducten. Daarbij bevat het vaak hydraterende ingrediënten, wat het een best goed product maakt om mee te scheren. Bij shampoo zit dat anders: dat droogt de huid meer uit omdat het bedoeld is om vet uit je haar te halen. Dat geldt ook voor douchegel; dat droogt vaak je huid alleen maar uit. Daarbij is het vloeibaarder waardoor het weer gemakkelijker van de huid afglijdt. ”

Als je volgens de dermatoloog moet kiezen tussen géén product of shampoo, dan verkiest ze wel shampoo. “Dan heb je op z’n minst nog een klein laagje om de huid te beschermen. Dat is misschien wel het belangrijkste.”

Lange en korte termijn

Om uitdroging tegen te gaan heeft ze een andere tip (die overigens ook goed werkt voor mensen met een droge- of eczeemgevoelige huid). “Smeer je na het douchen in met een vettende zalf, dat is sowieso beter dan bodylotion. Doe het als je huid nog niet helemaal opgedroogd is, zodat je het water als het ware ‘vangt’ in de huid. En vermijd sowieso zoveel mogelijk contact met zeep. De meeste (vaak geparfumeerde) zepen drogen enkel je huid uit.”

Scheer je je hele leven al zonder producten, en ondervind je geen hinder? Dan is er volgens Van Drooge geen probleem. “Op de lange termijn veroorzaakt het in principe niks, op de korte termijn vaak wel. Je kunt irritatie, puistjes of misschien eczeem krijgen als je daar aanleg voor hebt. Maar heb je nooit ergens last van, dan is er niet veel aan de hand.”

Bot scheermesje? Zó krijg je ‘m razendsnel weer scherp:

De beste berichten van Libelle in je mailbox ontvangen? Meld je nu aan voor de nieuwsbrief!

Beeld: Getty Images

Lees meer

voor jou geselecteerd

Laat meer voor jou geselecteerd zien

Kun je beter scheren mét of zonder zeep? Een dermatoloog legt uit

Argh, scheerschuim of -gel op! Kun je op dat moment beter scheren met shampoo of conditioner, of dan toch liever met helemaal niks? Dermatoloog Anne Margreet van Drooge geeft antwoord.

“Je haartjes worden tijdens het scheren afgesneden of uit het haarzakje getrokken”, legt Van Drooge uit. “Elk haarzakje wordt daarbij even geïrriteerd. Als je dat zonder een product doet, dan is die trekkracht veel hoger en kun je rode pukkeltjes krijgen na het scheren.”

Advertentie

Scheren met shampoo of conditioner

Om dat proces makkelijker te maken bestaan er veel scheerproducten op de markt, van gels tot mousses. “Schuim is handig want dan kun je zien of je delen hebt overgeslagen. Bij een transparante gel is dat niet zo. Schuim glijdt vaak ook beter tussen het scheermesje door omdat het luchtiger is.”

“Over shampoo of conditioner gebruiken heb ik twee verschillende adviezen. Conditioner heeft een soortgelijke dikke structuur als sommige scheerproducten. Daarbij bevat het vaak hydraterende ingrediënten, wat het een best goed product maakt om mee te scheren. Bij shampoo zit dat anders: dat droogt de huid meer uit omdat het bedoeld is om vet uit je haar te halen. Dat geldt ook voor douchegel; dat droogt vaak je huid alleen maar uit. Daarbij is het vloeibaarder waardoor het weer gemakkelijker van de huid afglijdt. ”

Als je volgens de dermatoloog moet kiezen tussen géén product of shampoo, dan verkiest ze wel shampoo. “Dan heb je op z’n minst nog een klein laagje om de huid te beschermen. Dat is misschien wel het belangrijkste.”

Lange en korte termijn

Om uitdroging tegen te gaan heeft ze een andere tip (die overigens ook goed werkt voor mensen met een droge- of eczeemgevoelige huid). “Smeer je na het douchen in met een vettende zalf, dat is sowieso beter dan bodylotion. Doe het als je huid nog niet helemaal opgedroogd is, zodat je het water als het ware ‘vangt’ in de huid. En vermijd sowieso zoveel mogelijk contact met zeep. De meeste (vaak geparfumeerde) zepen drogen enkel je huid uit.”

Scheer je je hele leven al zonder producten, en ondervind je geen hinder? Dan is er volgens Van Drooge geen probleem. “Op de lange termijn veroorzaakt het in principe niks, op de korte termijn vaak wel. Je kunt irritatie, puistjes of misschien eczeem krijgen als je daar aanleg voor hebt. Maar heb je nooit ergens last van, dan is er niet veel aan de hand.”

Bot scheermesje? Zó krijg je ‘m razendsnel weer scherp:

De beste berichten van Libelle in je mailbox ontvangen? Meld je nu aan voor de nieuwsbrief!

Beeld: Getty Images

Lees meer

voor jou geselecteerd

Laat meer voor jou geselecteerd zien