Waarom heb ik toen niets gezegd?

PREMIUM

Frida (49): “Mijn baas greep me van achteren vast in de kelder”

Waarom heb ik toen niets gezegd?Beeld Libelle

Grensoverschrijdend gedrag is – helaas – van alle tijden en daarom iets waar we het over moeten blijven hebben. Als les voor daders, als steun voor slachtoffers, en omdat victim blaming écht moet stoppen. In deze wekelijkse rubriek delen lezeressen grensoverschrijdende situaties waarin ze verstijfden of (onterecht) zichzelf iets kwalijk namen. Deze week Frida* (49) die werd aangerand door haar baas.

Eva BredaLibelle

“Het is stikdonker in de kelder van het restaurant. Met moeite zoek ik de voorraad waarmee ik de koelcel moet bijvullen bij elkaar als ik schrik van een schim achter me. Voordat ik me om kan draaien voel ik zijn sterke armen om me heen, zijn handen om mijn borsten. Mijn lijf en mijn brein gaan op slot als ik me realiseer dat het maar één iemand kan zijn: mijn baas. Hij draait me om en ik voel hoe zijn tong mijn mond binnendringt. De walging breekt me los uit mijn bevriezing. Ik sla hem hard in zijn gezicht, ren naar boven, pak mijn tas en sprint de zaak uit. Het laatste wat ik zie is mijn baas op de trap, die me grijnzend nakijkt.

Was het mijn schuld?

Mijn baas was als een vader voor me. Toen ik als 22-jarig meisje bij het plaatselijke café in ons dorp terechtkwam, groeide ik al gauw naar hem toe. Hij en zijn vrouw vroegen wél hoe mijn weekend was, gaven me wél een cadeautje met kerst en sloegen wél hun arm om mijn schouder als ik een rotdag had. Dat kon ik thuis niet verwachten. Ze vertrouwden me met de sleutel van het restaurant tijdens hun vakantie en met hun kinderen, op wie ik regelmatig paste. Ik vertrouwde hen met mijn dromen om later een eigen horecazaak te beginnen.

Was ik te joviaal naar mijn baas? Waren we te close? Was het onverstandig van mij om op die warme juli-avond een korte broek en een topje met korte mouwen aan te trekken? Het was het enige wat ik kon denken toen mijn baas me beetpakte in de kelder. Toen ik plotseling niet zijn surrogaatdochter maar zijn lustobject was. En vervolgens dacht ik: dit verdien ik niet. Ik was altijd zo goed voor hem.

Hoe ik die nacht in slaap ben gevallen en hoe ik de rest van de week toch mijn shifts heb gedraaid, weet ik niet. Volgens mij heb ik mijn baas de dagen erna niet eens op de werkvloer gezien. In de avonden dronk ik veel alcohol. Na een avond doorzakken, een week na het incident, vertelde ik hortend, stotend en met dubbele tong aan mijn ouders wat er was gebeurd. Alcohol heeft me weinig goeds gebracht, maar die nacht was het wat ik nodig had om me uit te spreken. En hoe slecht de band met mijn ouders ook was, ze waren er voor me. Ze stopten me in bed, meldden me ziek, maakten een afspraak bij de politie, belden een advocaat en bleven op me inpraten: dit was nooit jouw schuld. Jouw baas zat fout. En hij zal boeten.

Familie en vrienden geloofden me

Wat is het belangrijk om een vangnet te hebben als je zoiets overkomt. Zonder de support van mijn ouders en vrienden had ik nooit durven geloven dat de aanranding niet mijn schuld was. Dan had ik nooit aangifte gedaan en de rechtszaak volgehouden. Omdat iedereen mijn verhaal serieus nam en me bleef vertellen dat ik mijzelf niets kwalijk mocht nemen, kon ik het naast me neerleggen dat mijn baas in de rechtszaal bleef volhouden dat het mijn schuld was. Ik kreeg gelijk en ontving een flinke schadevergoeding, maar ondertekende met een dubbel gevoel de stilteverklaring die ik toegediend kreeg. Ik mocht jarenlang niet over het voorval praten.

Ik heb me eraan gehouden en heb nooit meer een woord gerept over de aanranding. Maar zelfverwijt en trauma groeien als je een ervaring als deze binnenhoudt. Jaren later beefde ik nog als mijn man me plotseling van achteren knuffelde. En zodra ik in de buurt kwam van het restaurant waar ik als 22-jarige werkte, begon mijn lijf te trillen en kreeg ik zulke woede-uitbarstingen dat ik iedereen die me in de weg liep, uitschold.

Ik heb de stilte doorbroken

Pas vorig jaar besloot ik mijn stil zijn te doorbreken, in therapie. De eerste keren deed ik trillend en in tranen mijn verhaal. Maar het werd makkelijker. Ik vond opnieuw de bevestiging dat wat mij was overkomen, echt niet mijn schuld was. En door te praten in mijn traumatherapieën lukte het me ook om mijn trauma’s te verwerken. Inmiddels loop ik moeiteloos door de straat van het restaurant.

Het zal nooit een neutraal verhaal voor me worden. Als ik denk aan die maandagavond voel ik nog steeds angst en verdriet. Toch praat ik er nu over. Ik heb mijn verhaal zo lang verzwegen en hoopte dat de ergste pijn vanzelf wel weg zou gaan, maar dat gebeurde pas toen ik mijn verhaal deelde. Ik wil andere slachtoffers laten zien dat erover praten écht iets oplevert. De dochter van een vriendin van me is ook aangerand en durft daar nog met niemand over te praten. Ik hoop dat zij dit leest en zich realiseert dat er ruimte is voor haar verhaal. En dat ik er ben om naar haar te luisteren en haar te zeggen dat het niet haar schuld was.”

* Uit privacyoverwegingen is de naam Frida gefingeerd.

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden