Word abonnee

Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting

Zoek binnen:

De zoon (23) van Wil (49) was drugsdealer: "Zijn donkere kant maakt me bang"

Het is een nachtmerrie voor iedere ouder: je kind dat zich in de drugswereld begeeft. Het leven van Wil stond op z’n kop toen ze ontdekte dat haar zoon dealde. 

Advertentie

Acht maanden zat de zoon (23) van Wil (49) in de gevangenis. Hij bleek zijn geld te verdienen met drugshandel.

“Mijn zoon Anton is onzeker, lief en zorgzaam. Als iemand hulp nodig heeft, is hij er meteen. Maar hij heeft ook een andere kant, een donkere kant die me bang maakt. Dan staat hij schreeuwend tegenover mij, of vertelt hoe hij mensen onder druk zette omdat ze niet deden wat hij wilde. Hij was een drugsdealer.”

Zakje wit poeder

“Anton is mijn enige kind. Zijn vader was weinig in beeld en heeft zich nooit om ons bekommerd. Al op jonge leeftijd had mijn zoon twee gezichten. Hij kon opeens heel boos of verdrietig worden en was dan onhandelbaar. Anton heeft bij zijn geboorte zuurstofgebrek gehad. Toen hij 8 was, constateerde de kinderarts gedragsproblemen en schreef medicatie voor die hem rustiger maakte. Het ging mis toen Anton daar op zijn 18de radicaal mee stopte, geen begeleiding meer kreeg en therapie weigerde.”

“Jongens op scooters reden af en aan bij ons thuis. Anton is handig en hij zei dat hij reparaties uitvoerde of advies gaf. Ik wilde hem graag geloven, maar vond het wel verdacht. Daarom doorzocht ik zijn spullen en op een dag vond ik een zakje wit poeder. Anton was in paniek toen hij zag dat ik het open had gescheurd en er spul uit was gelekt. ‘Nu krijg ik op mijn donder, omdat ik nog maar de helft heb!’, schreeuwde hij.”

“Regelmatig vertrok hij midden in de nacht, zogenaamd om ergens ‘een babbeltje’ te maken. Ik geloofde hem niet. Vrienden van Anton vertelden dat hij met grote jongens omging. Zelf gebruikte Anton niet, maar hij bezorgde anderen drugs. Ik vond het zó erg. Hoeveel levens hielp hij hiermee de vernieling in? Maar als ik hem daarmee confronteerde, werd hij boos.”

“Mijn leven was een hel. Ik werd bedreigd door mensen uit zijn wereldje, telefonisch of via Anton zelf. Daarnaast voelde ik schaamte; de buren zagen die scooters en auto’s van mensen die drugs kwamen kopen natuurlijk ook. Op straat negeerden ze mij.”

Angst voor wraak

“Vrienden en familieleden zeiden dat ik hulp moest zoeken. Maar bij wie? Als ik naar de politie ging, zouden de drugsbazen wraak nemen op mij of Anton. Ik heb verschillende instanties om hulp gevraagd en uiteindelijk werd de beloofde hulp door de gemeente in gang gezet. Maar opeens werd alles afgeblazen omdat Anton volwassen was en zelf om hulp moest vragen. Ik stortte in. Zo had het niet mogen gaan, ze hadden moeten helpen. Ik was een sterke vrouw, redde het altijd in mijn eentje, maar nu niet meer. Ik was wanhopig en kon voor mijn gevoel nergens terecht.”

“Het was wachten op het moment dat Anton werd gearresteerd. Toen dat gebeurde, was dat aan de ene kant een opluchting. Nu was hij veilig en kon hij geen foute dingen doen. Aan de andere kant was het heel verdrietig. Hij wilde niet dat ik op bezoek kwam, wat ik echt heftig vond. Ik wilde hem zo graag even zien. Ging het wel goed met hem? Later hoorde ik van een vriend van Anton dat hij bang was dat hij moest huilen als hij mij zou zien.

“Op een dag, terwijl ik kleren voor Anton naar de gevangenis bracht, werd mijn huis doorzocht door de politie. Ze gingen naar binnen met Antons sleutels en lieten tijdens de huiszoeking de voordeur openstaan. De buren konden alles volgen. Ik was er kapot van. Die avond trok ik het niet meer, ik liep voortdurend huilend rondjes in mijn huis.”

Gevangenenzorg

“De volgende ochtend zocht ik contact met Gevangenenzorg, een stichting die gevangenen en hun familie begeleidt. Iemand die luisterde, mijn verhaal herkende en mij steunde, dat had ik al lang niet meer meegemaakt. Ik kreeg steun via de telefoon en bezoek van vrijwilligers. Nog steeds zijn ze er voor mij als ik het even niet meer zie zitten.”

“Na acht maanden gevangenis woont Anton nu samen. Ik ben bang voor een terugval, maar heb inmiddels geleerd te geloven in herstel. Dat houdt mij op de been en ik vind het ook belangrijk om Anton dat vertrouwen te geven. Hij is een volwassen man van 23, mijn zoon van wie ik verschrikkelijk veel houd en die ik nooit los zal laten.”

Vanwege privacyredenen zijn de namen veranderd.

PS: Gevangenenzorg gelooft in herstel en wil gevangenen en hun familieleden begeleiden naar een hoopvolle toekomst zonder criminaliteit.

1

Beeld: Getty Images.

Lees meer

voor jou geselecteerd

Laat meer voor jou geselecteerd zien

De zoon (23) van Wil (49) was drugsdealer: "Zijn donkere kant maakt me bang"

Het is een nachtmerrie voor iedere ouder: je kind dat zich in de drugswereld begeeft. Het leven van Wil stond op z’n kop toen ze ontdekte dat haar zoon dealde. 

Advertentie

Acht maanden zat de zoon (23) van Wil (49) in de gevangenis. Hij bleek zijn geld te verdienen met drugshandel.

“Mijn zoon Anton is onzeker, lief en zorgzaam. Als iemand hulp nodig heeft, is hij er meteen. Maar hij heeft ook een andere kant, een donkere kant die me bang maakt. Dan staat hij schreeuwend tegenover mij, of vertelt hoe hij mensen onder druk zette omdat ze niet deden wat hij wilde. Hij was een drugsdealer.”

Zakje wit poeder

“Anton is mijn enige kind. Zijn vader was weinig in beeld en heeft zich nooit om ons bekommerd. Al op jonge leeftijd had mijn zoon twee gezichten. Hij kon opeens heel boos of verdrietig worden en was dan onhandelbaar. Anton heeft bij zijn geboorte zuurstofgebrek gehad. Toen hij 8 was, constateerde de kinderarts gedragsproblemen en schreef medicatie voor die hem rustiger maakte. Het ging mis toen Anton daar op zijn 18de radicaal mee stopte, geen begeleiding meer kreeg en therapie weigerde.”

“Jongens op scooters reden af en aan bij ons thuis. Anton is handig en hij zei dat hij reparaties uitvoerde of advies gaf. Ik wilde hem graag geloven, maar vond het wel verdacht. Daarom doorzocht ik zijn spullen en op een dag vond ik een zakje wit poeder. Anton was in paniek toen hij zag dat ik het open had gescheurd en er spul uit was gelekt. ‘Nu krijg ik op mijn donder, omdat ik nog maar de helft heb!’, schreeuwde hij.”

“Regelmatig vertrok hij midden in de nacht, zogenaamd om ergens ‘een babbeltje’ te maken. Ik geloofde hem niet. Vrienden van Anton vertelden dat hij met grote jongens omging. Zelf gebruikte Anton niet, maar hij bezorgde anderen drugs. Ik vond het zó erg. Hoeveel levens hielp hij hiermee de vernieling in? Maar als ik hem daarmee confronteerde, werd hij boos.”

“Mijn leven was een hel. Ik werd bedreigd door mensen uit zijn wereldje, telefonisch of via Anton zelf. Daarnaast voelde ik schaamte; de buren zagen die scooters en auto’s van mensen die drugs kwamen kopen natuurlijk ook. Op straat negeerden ze mij.”

Angst voor wraak

“Vrienden en familieleden zeiden dat ik hulp moest zoeken. Maar bij wie? Als ik naar de politie ging, zouden de drugsbazen wraak nemen op mij of Anton. Ik heb verschillende instanties om hulp gevraagd en uiteindelijk werd de beloofde hulp door de gemeente in gang gezet. Maar opeens werd alles afgeblazen omdat Anton volwassen was en zelf om hulp moest vragen. Ik stortte in. Zo had het niet mogen gaan, ze hadden moeten helpen. Ik was een sterke vrouw, redde het altijd in mijn eentje, maar nu niet meer. Ik was wanhopig en kon voor mijn gevoel nergens terecht.”

“Het was wachten op het moment dat Anton werd gearresteerd. Toen dat gebeurde, was dat aan de ene kant een opluchting. Nu was hij veilig en kon hij geen foute dingen doen. Aan de andere kant was het heel verdrietig. Hij wilde niet dat ik op bezoek kwam, wat ik echt heftig vond. Ik wilde hem zo graag even zien. Ging het wel goed met hem? Later hoorde ik van een vriend van Anton dat hij bang was dat hij moest huilen als hij mij zou zien.

“Op een dag, terwijl ik kleren voor Anton naar de gevangenis bracht, werd mijn huis doorzocht door de politie. Ze gingen naar binnen met Antons sleutels en lieten tijdens de huiszoeking de voordeur openstaan. De buren konden alles volgen. Ik was er kapot van. Die avond trok ik het niet meer, ik liep voortdurend huilend rondjes in mijn huis.”

Gevangenenzorg

“De volgende ochtend zocht ik contact met Gevangenenzorg, een stichting die gevangenen en hun familie begeleidt. Iemand die luisterde, mijn verhaal herkende en mij steunde, dat had ik al lang niet meer meegemaakt. Ik kreeg steun via de telefoon en bezoek van vrijwilligers. Nog steeds zijn ze er voor mij als ik het even niet meer zie zitten.”

“Na acht maanden gevangenis woont Anton nu samen. Ik ben bang voor een terugval, maar heb inmiddels geleerd te geloven in herstel. Dat houdt mij op de been en ik vind het ook belangrijk om Anton dat vertrouwen te geven. Hij is een volwassen man van 23, mijn zoon van wie ik verschrikkelijk veel houd en die ik nooit los zal laten.”

Vanwege privacyredenen zijn de namen veranderd.

PS: Gevangenenzorg gelooft in herstel en wil gevangenen en hun familieleden begeleiden naar een hoopvolle toekomst zonder criminaliteit.

1

Beeld: Getty Images.

Lees meer

voor jou geselecteerd

Laat meer voor jou geselecteerd zien

Dít is het verschil tussen gewone trombose en vaccin-trombose

Er wordt veel gesproken over trombose als mogelijke zeer zeldzame bijwerking van corona-vaccins AstraZeneca en Janssen. Al meerdere malen zijn vaccinatiepauzes ingelast en prikken uitgesteld. Maar is deze trombose anders dan ‘gewone’ trombose?

Advertentie

Wij zochten het voor je uit.

Trombose vs. vaccin-trombose

Wat bij ‘gewone’ trombose gebeurt, is dat een bloedvat verstopt raakt door een bloedstolsel. Bij de trombose die soms opspeelt na een vaccinatie van AstraZeneca of Janssen gaat dit ook samen met een tekort aan bloedplaatjes. Dit type trombose heeft daarom een eigen naam gekregen: Vaccine Induced Thrombotic Thrombocytopenia (VITT).

Het is mogelijk dat bij dit type trombose het immuunsysteem de bloedplaatjes aanvalt, waardoor er een tekort ontstaat. Al moet de exacte reden nog worden onderzocht.

Jonge vrouwen

Risico op trombose neemt normaal gesproken toe bij mensen vanaf 65 jaar, maar de meldingen van vaccin-trombose lijken juist van jongere vrouwen te komen. Omdat er nog een gebrek is aan cijfers, is het volgens het Europees Geneesmiddelenagentschap (EMA) nog te vroeg om daar verdere conclusies uit te trekken. Een verklaring hiervoor zou echter kunnen zijn dat er al veel zorgmedewerkers zijn gevaccineerd en dat dat relatief meer (jonge) vrouwen zijn. Het is niet duidelijk of dit een aantoonbaar verschil is of dat de kans op dit type trombose bij jongere en oudere vrouwen even groot is.

Kleine kans op vaccin-trombose

De kans op ‘gewone’ trombose is relatief best groot: elk uur krijgen zo’n elf mensen het. Trombose na een vaccinatie van AstraZeneca of Janssen komt relatief veel minder vaak voor: bij het Janssen-vaccin zijn nu 6 trombosegevallen gemeld na 7 miljoen vaccinaties. Bij AstraZeneca zijn er 222 gevallen gemeld na 34 miljoen prikken.

Trombose op de ic

Volgens de cijfers is de kans op trombose veel groter wanneer je corona krijgt, dan wanneer je tegen corona wordt gevaccineerd. Van de coronapatiënten op de intensive care (ic) krijgt namelijk ongeveer de helft trombose.

Bestaat er iets als een post-COVID-syndroom? Veel mensen blijven na corona nog serieuze klachten houden. Dokter Rutger vertelt:

De beste berichten van Libelle in je mailbox ontvangen? Meld je nu aan voor de nieuwsbrief!

1

Bron: Margriet. Beeld: Shutterstock.

voor jou geselecteerd

Laat meer voor jou geselecteerd zien

Dít is het verschil tussen gewone trombose en vaccin-trombose

Er wordt veel gesproken over trombose als mogelijke zeer zeldzame bijwerking van corona-vaccins AstraZeneca en Janssen. Al meerdere malen zijn vaccinatiepauzes ingelast en prikken uitgesteld. Maar is deze trombose anders dan ‘gewone’ trombose?

Advertentie

Wij zochten het voor je uit.

Trombose vs. vaccin-trombose

Wat bij ‘gewone’ trombose gebeurt, is dat een bloedvat verstopt raakt door een bloedstolsel. Bij de trombose die soms opspeelt na een vaccinatie van AstraZeneca of Janssen gaat dit ook samen met een tekort aan bloedplaatjes. Dit type trombose heeft daarom een eigen naam gekregen: Vaccine Induced Thrombotic Thrombocytopenia (VITT).

Het is mogelijk dat bij dit type trombose het immuunsysteem de bloedplaatjes aanvalt, waardoor er een tekort ontstaat. Al moet de exacte reden nog worden onderzocht.

Jonge vrouwen

Risico op trombose neemt normaal gesproken toe bij mensen vanaf 65 jaar, maar de meldingen van vaccin-trombose lijken juist van jongere vrouwen te komen. Omdat er nog een gebrek is aan cijfers, is het volgens het Europees Geneesmiddelenagentschap (EMA) nog te vroeg om daar verdere conclusies uit te trekken. Een verklaring hiervoor zou echter kunnen zijn dat er al veel zorgmedewerkers zijn gevaccineerd en dat dat relatief meer (jonge) vrouwen zijn. Het is niet duidelijk of dit een aantoonbaar verschil is of dat de kans op dit type trombose bij jongere en oudere vrouwen even groot is.

Kleine kans op vaccin-trombose

De kans op ‘gewone’ trombose is relatief best groot: elk uur krijgen zo’n elf mensen het. Trombose na een vaccinatie van AstraZeneca of Janssen komt relatief veel minder vaak voor: bij het Janssen-vaccin zijn nu 6 trombosegevallen gemeld na 7 miljoen vaccinaties. Bij AstraZeneca zijn er 222 gevallen gemeld na 34 miljoen prikken.

Trombose op de ic

Volgens de cijfers is de kans op trombose veel groter wanneer je corona krijgt, dan wanneer je tegen corona wordt gevaccineerd. Van de coronapatiënten op de intensive care (ic) krijgt namelijk ongeveer de helft trombose.

Bestaat er iets als een post-COVID-syndroom? Veel mensen blijven na corona nog serieuze klachten houden. Dokter Rutger vertelt:

De beste berichten van Libelle in je mailbox ontvangen? Meld je nu aan voor de nieuwsbrief!

1

Bron: Margriet. Beeld: Shutterstock.

voor jou geselecteerd

Laat meer voor jou geselecteerd zien