Queen-Musical ‘We Will Rock You’: tot € 15,- voordeel per kaart

Zoek binnen:

De dag nadat mijn broer me misbruikte

Bestel bij Bruna

Haar hoofddoek zit losjes om haar hoofd en om haar middel heeft ze een mendil gewikkeld, de rood-wit gestreepte doek die alle Noord-Marokkaanse dorpsvrouwen dragen. Ondanks het zonnige weer brandt er een lamp in de keuken. Het kleine raam laat te weinig licht binnen omdat mijn vader het binnenplaatsje dat achter de keuken ligt, heeft overdekt.

Advertentie

Mijn moeder kijkt heel even op als ik de keuken binnenkom en gaat zwijgend verder met haar ui. Haar gezicht staat streng. Maar dat zegt niets. Ze kan stiekem toch een goed humeur hebben.
‘Mama, het is heel erg lekker weer en de jongens zijn allemaal buiten.’
Mijn moeder laat het laatste stukje ui in de pan vallen. Ze pakt een pollepel en roert even. Ik ruik de geur van gebakken uien.‘Mag ik ook even naar buiten, mama, eventjes maar?’ Mijn moeder pakt een nieuwe ui, haalt met een handig gebaar de schil eraf en begint weer te snipperen boven de pan. ‘Ik blijf maar een kwartiertje weg, mag het, mama, mag het?’ Het mes blijft bewegen door de ui. Mijn moeder stopt alleen even om met de rug van haar hand een traan van haar wang te vegen. Maar ik laat me niet uit het veld slaan. Nog niet, in ieder geval. ‘Ik beloof dat ik voor de deur blijf.’
Zonder op te kijken zegt mijn moeder: ‘Voor de deur? En als er mannen naar je kijken?’Daar heb ik niet van terug. De kans dat er mannen naar mij kijken als ik voor de deur van het huis speel, is erg groot.

Tegenover ons huis zit een garage waar de hele tijd mannen in en uit lopen. Die zullen mij zeker zien als ik op de stoep voor het huis zit. Bovendien zijn het annasara – geen Marokkanen. En dat maakt het nog erger.
Ik zal het over een andere boeg moeten gooien. ‘Als ik naar buiten mag, doe ik de afwas.’ Mijn moeder legt haar mes neer en kijkt me aan met haar zachte, zwarte ogen. ‘Je bent een meisje, Ibtisam, en je bent al zes jaar oud. Je hebt buiten niets te zoeken. Buiten zijn alleen jongens.’ Dat kan ik met geen mogelijkheid ontkennen. Neem mijn oudere zus Hanan: die peinst er niet over om buiten te gaan spelen. Ze gaat alleen de straat op als ze daar een heel goede reden voor heeft, bijvoorbeeld als ze voor mijn moeder een boodschap moet doen bij de kruidenier op de hoek. En de dochters van de Berberse buren, die van onze leeftijd zijn, komen helemaal nooit buiten. Ze komen zelfs niet bij ons binnen spelen. Hun ouders vinden ons te modern.

De zeldzame momenten dat ik naar buiten mag, speel ik altijd met jongens. Het liefst met Patrick, de jongen die schuin tegenover ons woont. Samen klimmen we in de bomen op het grote speelplein. Zo hoog mogelijk. Of we gaan knikkeren – met zijn knikkers, want zelf heb ik die niet. Of we graven onszelf in in de zandbak op het kleine pleintje. Als ik met Patrick in de zandbak zit, beeld ik me in dat ik later met hem ga trouwen. Onzin natuurlijk, ik weet heel goed dat het huis te klein zou zijn als ik met een annasrani zou thuiskomen. En ik weet zeker dat de vader van Patrick ook geen Marokkaanse schoondochter wil. Als die weer eens gedronken heeft en we bellen aan om te vragen of Patrick buiten komt spelen, scheldt hij ons uit voor bruine apen.

Ik loop schoorvoetend de keuken uit. Als ik echt naar buiten wil, zit er niets anders op dan te wachten tot mijn vader thuiskomt. Ik dwaal door het smalle huis waar nauwelijks meubels staan en nooit speelgoed rondslingert. Dit is het huis dat mijn vader huurde toen mijn moeder met Ali, Rachid, Hanan en Mohammed uit Marokko overkwam. Veel was het niet, maar de huur was laag. Het huis was vroeger een café en daarom heb je er geen hal of portaal. Als je door de voordeur komt, sta je meteen in de woonkamer. Langs de muur van de woonkamer staan houten banken die mijn vader heeft getimmerd, met kussens die mijn moeder heeft genaaid en gevuld met schapenwol. Verder is er een kolenkachel, de enige in het huis, een eettafel en een zwart-wittelevisie. Ik vind de televisie geweldig. Ik kijk met open mond naar Paulus de boskabouter. Maar helaas heeft hij een groot nadeel, die televisie: mijn vader zet hem regelmatig zomaar uit. Zit ik lekker te kijken naar een film over een man die op een of ander feest een blonde vrouw in een avondjurk ontmoet en net als hij haar iets in haar oor wil fluisteren, drukt mijn vader op de uitknop. Je kunt dan smeken wat je wilt, maar dat heeft geen effect. Het ding blijft uit.

Deze winactie is afgelopen. De winnaars ontvangen bericht. Niet gewonnen? Kijk op www.libelle.nl/winnen en maak kans op andere mooie prijzen.

Een meisje voor dag en nacht – Renate van der Zee, Uitgeverij: De Geus
ISBN: 9789044515664
Genre: Roman, prijs: € 18,90
Verschenen maart 2010

Meer boekentips

voor jou geselecteerd

Laat meer voor jou geselecteerd zien