Ontdek Drenthe! Boek nu met 40% korting>

Zoek binnen:

Interview – acteur Hans dagelet

Tien minuten te laat komt hij binnen. Casual gekleed in een suède jas, makkelijke broek, overhemd met een kek dasje. En gympies. Hij loopt rond en gaat voor het raam staan om over de grachten uit te kijken. Ondanks zijn leeftijd is Dagelet, die we kennen van films als Ik ga naar Tahiti en All Stars en series als Russen en Levenslied, volop aan het werk. Een paar dagen terug acteerde hij anderhalve week op locatie in de eindexamenfilm van een clubje studenten (onbezoldigd) en afgelopen zondag moest hij optreden met zijn trompet. “Maar ik kreeg ontzettende griep, dus dat heb ik moeten afzeggen. Ik had me nog wel in mijn pak gehesen, maar toen ik buiten stond te rillen met mijn trompetkoffertje in mijn hand, dacht ik: dit wordt niks. Heel erg balen, want je weet dat er publiek op je wacht.” Hij gaat zitten, vraagt om een kop thee en bekijkt de flyer van
Hemel, de film waarin hij samen met Hannah Hoekstra en Rifka Lodeizen speelt.

Hoe vind je de film geworden?
“Ik vind ’m mooi en heftig. Toen ik de film voor het eerst zag, in een ruwe versie, brak er iets bij het zien van de laatste scène, waarin Hemel een bloedneus krijgt in de armen van de vrouw van de getrouwde man met wie ze iets heeft. In deze film zie je heel duidelijk wat het betekent voor een vader-dochter-relatie als de moeder al op heel jonge leeftijd overlijdt. Dan zijn vader en dochter op elkaar aangewezen, waardoor een heel hechte band ontstaat. Voor een derde persoon is het moeilijk om daar­tussen te komen.”

En al helemaal als het gaat om een stiefmoeder.
“Ja, dat is natuurlijk een klassiek gegeven: stiefmoeders zijn per definitie fout. Ik spreek uit ervaring, want ik heb het zelf meegemaakt toen ik wegging bij de moeder van mijn oudste dochters Dokus (39) en Tatum (37). De meiden waren toen tien en acht. Ze voelden zich in de steek gelaten. En ik kampte met een enorm schuldgevoel. Ook omdat ik uit een katholiek nest kom en scheiden gebeurde gewoon niet. Het voelde echt als een afgang. Na een jaar of vijf kreeg ik een relatie met Esther, mijn huidige vrouw, en dat was voor mijn dochters heel erg moeilijk. Nóg moeilijker werd het toen Esther ook nog eens in verwachting raakte. Toen kon ze natuurlijk helemaal niets meer goed doen in hun ogen. Door mijn schuldgevoel ging ik me raar tegen hen gedragen. Ik was heel erg aan het compenseren en dat voelden ze aan. Dokus koos de eerste periode voor haar moeder, die destijds de zwakkere partij was en heeft mij twee jaar lang niet willen zien. Vreselijk moeilijk was dat. Wat ik ook deed, bellen of brieven schrijven, ze reageerde niet. Later heeft ze me verteld dat ze al die brieven verscheurd heeft zonder ze te lezen.”

Advertentie

Hoe is dat weer goed gekomen?
“Toen Esther en ik ons kind kregen, Charlie, kwam Dokus voor het eerst bij ons thuis. Ze was te nieuwsgierig naar de baby. Ik herinner het me nog heel goed. Ze had Charlie in haar armen en zei, met een schuin oog naar mij: ‘Ze lijkt helemaal niet op je.’ (Krijgt vochtige ogen). ‘Ze lijkt wel een Chinees.’ En vanaf dat moment bleef ze niet meer weg.”

Vol enthousiasme vertelt hij over zijn gezin. De jongste, Monk van 14, heeft afgelopen weekend met zijn bandje twee nummers opgenomen en zit nu uren te oefenen met zijn gitaar. Mingus (20) heeft net de hoofdrol in de boekverfilming van Jan Terlouws Koning van Katoren gekregen (en lijkt nu het drummen, waarin hij zeer ge­talenteerd is, op te geven voor het acteren). En wat is hij trots op Charlie (25), die recentelijk een rol speelde in de serie Lijn 32. “Maar ik was ook heel trots op Tatum toen ze Brutale meiden maakte met Jennifer de Jong. Dat had ze helemaal zelf bedacht.” Over Dokus: “Zij heeft van alles gedaan. Ze is nu personal trainer en ook zij is een goed actrice. Op haar vijftiende speelde ze in een film en toen ik dat zag: fan-tas-tisch!” Met het hele gezin maakten ze tot vier keer toe een theatervoorstelling waarmee ze op De Parade stonden (reizend theaterfestival, red.). “Dat kwam uit de koker van Esther, die altijd een soort ideaal heeft gehad om als zigeuners de wereld over te trekken en straattheater te maken of een klein orkestje te zijn.” Het theaterproject van de familie Dagelet had een enorme impact op het publiek, maar ook op het gezin zelf. “Het was af en toe rampzalig, want je hebt een vader en moeder die hun eigen ideeën hebben, maar de kinderen zijn ook eigenwijs en willen overal iets over te zeggen hebben.­ Bovendien vonden ze het na één keer repeteren vaak wel weer mooi. Dan wilden ze gaan buitenspelen.” Dagelet lacht als hij denkt aan zijn zoon Monk, die na de laatste voorstelling uitriep dat hij vond dat hij ‘uitgebuit’ was en het meeste geld hoorde te krijgen omdat hij ‘de hoofdrol’ had. “Het grappige is dat hij destijds zei dat hij nooit meer mee wilde, maar niet zo lang geleden toch vroeg wanneer we weer op De Parade zouden staan. Alle kinderen kijken er nu met heel veel plezier op terug.”

Is jouw eigen jeugd te vergelijken met die van je kinderen?
“Nee, helemaal niet. Ik was alleen met mijn zus, die vier jaar ouder is. Mijn ouders zaten allebei in het onderwijs. We woonden in Deventer en daar gebeurde helemaal niks. De katholieke school waar ik naartoe ging en waar mijn vader ook lesgaf, was heel keurig en formeel. Er gaven zelfs nog paters les. Ik vond het er heel vervelend en was ook echt een buitenbeentje. Toen ik door een leraar Nederlands in aanraking kwam met de moderne literatuur en daardoor met de schilderkunst en muziek, wist ik meteen dat dat de richting was waarin ik het zoeken moest. Maar dat werd vanuit huis niet gestimuleerd. Ik heb zelf rond mijn zestiende gevraagd of ik een trompet mocht. Op tv had ik Louis Armstrong zien spelen en dacht: dat wil ik ook!”

Je had niets met het katholicisme?
“In mijn jeugd heb ik wel heel erg geloofd, maar dat stopte abrupt toen mijn moeder ziek werd. Ik was achttien toen zij kanker kreeg. Dat was verschrikkelijk… Ze leed ontzettend. Haar leven werd tot het uiterste gerekt, terwijl zij allang wilde sterven, maar euthanasie was natuurlijk absoluut geen optie. Och, het was niet om aan te zien en te horen. Hoe vaak ik niet in mijn kamertje naar het plafond heb liggen staren, terwijl ik mijn moeder op de verdieping boven me hoorde schreeuwen van de pijn. Dan riep ik: ‘Laat haar alsjeblieft doodgaan!’ Maar dat heeft nog zo lang geduurd dat ik daarna de overtuiging kreeg dat er helemaal geen God bestaat.”

Lees de rest van het interview in Libelle 13
Lees ook het interview met Lange Frans

Iris tegen Hugo: “Bij elke speech van Rutte rolden de tranen over m’n wangen”

Hugo Borst Libelle

Hugo Borst en Iris Koppe zijn beiden schrijvers maar daar houdt de gelijkenis wel op. Toch zijn ze vrienden én gaan ze geen onderwerp uit de weg. Over oud worden, politiek, sex, corona en meer: Hugo en Iris stellen brutale vragen en geven openhartig antwoord.

I: "Ik zeg het niet graag, maar je had gelijk."
H: "Waarin nu weer?"
I: "Die tent op het dakterras was een aanfluiting."
H: "Hahaha."
I: "Kijk, hij paste prima. Qua wind en regen viel het ook wel mee. We hadden hem met scheer

Lees Verder >>

voor jou geselecteerd

Laat meer voor jou geselecteerd zien