Dagboek van Manon: “In vier dagen tijd is ze haar bril al kwijt” Beeld Libelle
Dagboek van Manon: “In vier dagen tijd is ze haar bril al kwijt”Beeld Libelle

PREMIUMDagboek van Manon

Dagboek van Manon: “Binnen vier dagen is Titia haar bril al kwijt”

Titia heeft een bril en dat is even wennen, want zo’n ding laat je makkelijk slingeren. Robbert viert pakjesavond mee en vertelt zijn moeder eindelijk dat hij niet meer bij Nelson woont.

Maartje FleurLibelle

Vrijdag

Hoe klein ze ook is, Titia heeft een uitgesproken smaak. Dat liet ze ook duidelijk merken toen we bij de opticien een bril gingen uitzoeken. Hij moest per se roze en rond zijn. Ik vond het gouden montuurtje haar veel mooier staan, maar die sloeg ze verontwaardigd uit mijn hand. “Nee, roze!” Van de week hebben we haar bril opgehaald en ze is er maar wat blij mee. Trots als een pauw loopt ze ermee rond. Ze zegt voortduren: “Tiets bril!” Ik blader in een tijdschrift en Titia speelt met auto’s als Boy thuiskomt. Nadat hij ons allebei een kus heeft gegeven, vraagt hij: “Waar is haar bril?”

Goede vraag. De prinses moet nog aan het ding wennen en zet ’m steeds af. “Ik denk in de speelhoek.”

“Je moet in de gaten houden wanneer ze ’m afdoet. Straks is ze dat ding kwijt en hij is harstikke duur.” Dat is zeker waar. Toen ik het bedrag pinde, moest ik even naar adem happen. Ik graai door de bak met Duplo, kijk onder de poppen in de kinderwagen, open de oven van het keukentje. Geen bril. “Waar zijn jullie nog meer geweest?” vraagt Boy.

“Na haar middagslaapje zijn we naar het park geweest om Arie uit te laten. Ik weet zeker dat ze ’m toen ophad.” Gespannen kijk ik hem aan. “Ze is ook in de zandbak geweest. Ik fiets er wel even naartoe.”

Met ingehouden paniek rijd ik naar de speeltuin. Dadelijk heeft een ander kindje de bril gevonden en mee naar huis genomen. Of heeft een hond erop liggen kluiven! In vier dagen tijd is ze haar bril al kwijt. Hoeveel gaat ze er nog kwijtraken? Ik mag wel een extra baan nemen om alle toekomstige exemplaren voor de prinses te bekostigen. Ik stap af, pak mijn telefoon en speur de zandbak af. Ik woel tussen blaadjes, vind een verlaten hark, wat snoeppapiertjes en een leeg appelsappakje, maar geen bril. Daarna zoek ik onder het bankje waar ik zat, onder de kleine glijbaan. Als ik daar ook niets vind, besluit ik het op te geven. Inmiddels is het hartstikke donker en ik heb het steenkoud. Als ik terugloop naar mijn fiets valt mijn oog op een stenen paaltje, waarop iets ligt te glanzen. Mijn hart bonst – het zal toch niet?! Maar het is echt de bril! Een aardig, lief, meedenkend iemand heeft de bril op het paaltje gezet, zodat ik ’m kon vinden. “Halleluja, thank the lord!” roep ik blij.

Dinsdag

Sinterklaas was weer chaotisch als vanouds. Door de hele woonkamer lagen proppen pakpapier, sinterklaasliedjes klonken via Spotify, Titia was zo overprikkeld dat ze begon te huilen, de volwassenen dronken chocolademelk met rum, en iedereen at te veel speculaas en pepernoten. Mama had een prachtig gedicht voor Boy geschreven, waarin ze zijn vaderschap en sterke spieren roemde. Willeke had snel nog een surprise voor Robbert gemaakt, omdat hij het feest onverwacht meevierde. Van een schoenendoos had ze een kamer geknutseld, met meubeltjes gemaakt van doosjes en kleine plaatjes van schilderijen aan de wand. Niemand vroeg waarom hij als surprise een kamer kreeg, maar misschien viel het gewoon niet op in de drukte. Bovendien is hij nog steeds een oester als het over zijn relatie met Nelson gaat.

Nu breng ik hem met de auto naar het station. “Leuk dat je nog bleef voor pakjesavond”, zeg ik.

Hij knikt, tikt nerveus met een vinger op het autoportier. Met zijn cognackleurige lammycoat, designerzonnebril en witte mutsje ziet hij eruit of hij een borrel gaat drinken in een chique après-skibar. Af en toe kan ik gewoon niet geloven dat hij een kind van mij is. Ik leg mijn hand op zijn been. “Ga je nu naar Nelson?”

Hij schudt zijn hoofd. “Naar de galerie. Ik ben op zoek naar andere woonruimte.”

Dus toch. Het ligt op het puntje van mijn tong om te zeggen dat hij altijd weer thuis kan komen wonen, maar slik het in. Hoeveel ik ook van hem hou, die fase is voorbij.

Meer lezen van Manon? Dat kan hier!

Manon is de dochter van Anne-Wil. In haar dagboek schrijft ze over haar moeder, gezin, haarvriendinnen en haar werk bij de plaatselijke krant. Met haar ex Joris kreeg ze Robbert en dochter Willeke, nu pubers. Ze heeft een relatie met de veel jongere Boy, de vader van baby Titia.

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden