Dagboek van Manon: “Ik moet hier weg. Nú!” Beeld
Dagboek van Manon: “Ik moet hier weg. Nú!”

PREMIUMDagboek van Manon

Dagboek van Manon: “Kersthits, op elkaar gepakte mensen en glitters, ik moet hier weg. Nu!”

Manon gaat samen met Boy en Titia op pad om een kerstboom te halen. Maar dat gaat niet zonder slag of stoot.

Maartje Fleur

Zaterdag

Eefje raadde me een tuincentrum aan dat volgens haar een groot winterwonderland is. “Echt, je weet niet wat je ziet. Zingende elanden, een enorm kerstminiatuurlandschap, gratis warme choco, en er was zelfs een koortje dat kerstliedjes zong. Fantastisch!” Aangezien we een boom nodig hebben, zijn Boy en ik met Titia in de auto gestapt om dit kerstwonder te beleven. Om de sfeer te verhogen heb ik Sky Radio opgezet en Driving home for Christmas Van Chris Rea komt voorbij. Boy en ik kijken elkaar aan en zingen hard mee: I take a look at the driver next to me. He’s just the same, he’s just the same.

Er staat een flinke file voor het tuincentrum en een kerstman wijst ons een parkeerplaats. “Klaas! Klaas!” roept Titia blij.

“Dat is de kerstman”, zegt Boy. “Die geeft ook cadeautjes aan kinderen.”

“Maar alleen aan kindjes die niet in Nederland wonen”, zeg ik snel. Straks verwacht Titia nog meer speelgoed, ze heeft al zo ontzettend veel.

We pakken een winkelwagen, zetten Titia voorin en rijden het tuincentrum in. Het is ongelooflijk druk in het winterwonderland. De route leidt ons langs bomen die in verschillende thema’s zijn versierd: roze flamingobomen, safaribomen met pluchen tijgerballen, bomen in ruiten in allerlei schizofrene kleuren. Ertussenin liggen ballen, takken, slingers in alle kleuren en maten, en de ene na de andere kersthit schalt uit de speakers. Het is lastig niemand met de kar op de hielen te rijden. Ondertussen probeert Titia te grijpen naar alles dat glittert. Ik rits mijn jas open. “Vind jij het ook zo warm?”

“Nee, niet echt”, antwoordt Boy, die een kerstbal in de vorm van een kameel bestudeert.

“Afblijven, Titia!” snerp ik voor de zoveelste keer. Maar ze heeft de glazen auto al uit de boom geslagen, en nu ligt hij in duizend stukjes op de grond. Een vrouw, die sterk lijkt op mijn voormalige lerares Duits, kijkt me streng aan. “Moeten we dit vergoeden, denk je?” vraag ik Boy.

“Ik denk dat ze er wel voor verzekerd zijn.” Hij manoeuvreert de kar voor een kerststal waarin Jozef en Maria worden uitgebeeld door zingende herten, die met elektronische stemmen Stille nacht burlen. Titia hupt mee in de wagen terwijl ik een daverende hoofdpijn voel opkomen.

“Waar is de uitgang eigenlijk?”

Boy kijkt om zich heen. “Volgens mij is er maar één route.”

Ineens weet ik heel zeker dat ik niet langer kersthits, op elkaar gepakte mensen en glitters aankan. “Ik moet hier weg”, zeg ik. “Nú!”

Hij schudt zijn hoofd. “Ik denk niet dat dat kan.”

Paniekerig kijk ik om me heen, dan zie ik een winkelmedewerker: een meisje van een jaar of zestien met een kerstmuts met knipperende lichtjes erop. Ik ren op haar af en probeer niet hysterisch te klinken als ik vraag: “Hallo, hallo! Is er ook een uitgang? Ik wil eruit.”

“Er is een verkorte route”, zegt ze met een begripvolle blik. “Maar die is een beetje verstopt. Achter de arrenslee zit een deur die direct naar de kassa’s leidt.” Ik moet me beheersen haar geen knuffel te geven.

Nog geen vijf minuten later staan we buiten en adem ik de frisse buitenlucht diep in. Boy kijkt me aan en begint te lachen. “Het was ook echt heel erg! Ik heb nog nooit zo veel plastic meuk uit China bij elkaar gezien.”

Op de terugweg stoppen we bij een boerderij waar kerstbomen worden verkocht. Daar kopen we zoals elk jaar een veel te grote nordmannspar.

Zondag

De laatste tijd vraag ik me regelmatig af of het wel goed gaat met mams. Ze is een beetje tam, lijkt nergens zin in te hebben, en is zelfs weer bij de broodjeszaak gaan werken. Terwijl ze me eerder verzekerde dat dat het laatste was wat ze wilde. Met haar handen in haar zakken loopt ze naast me door het bos. “Ik begrijp het gewoon niet”, zeg ik. “Ik dacht dat je helemaal klaar was met die Sjoerd, zeker nadat hij je zo belachelijk heeft behandeld.”

“Och”, ze wuift met haar hand. “Ik was gewoon blij dat er iemand op me zat te wachten.”

“Mams!” roep ik verontwaardigd. “Iedereen zit op jou te wachten.”

Meer lezen van Manon? Dat kan hier!

Manon is de dochter van Anne-Wil. In haar dagboek schrijft ze over haar moeder, gezin, haarvriendinnen en haar werk bij de plaatselijke krant. Met haar ex Joris kreeg ze Robbert en dochter Willeke, nu pubers. Ze heeft een relatie met de veel jongere Boy, de vader van baby Titia.

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden