Italiaans leren tassen van € 329,- voor € 79,95

Zoek binnen:

The circle of life

Vrijdag de dertiende. De telefoon gaat op een dusdanig vroeg tijdstip dat je eigenlijk al meteen weet: dit kan nooit een leuk telefoontje zijn. Eigenlijk hoefde ik ook niet op te nemen. Ik wist dat het mijn moeder was en ik wist ook wat ze ging zeggen. Met een geknepen stem vroeg ze eerst of Olivia al naar school was. En toen zei ik het maar. ‘Oma is dood, hè?’ En toen begonnen we allebei te huilen.

Mijn oma
Als ik aan haar denk, zie ik haar nooit hoe ze op het laatst was. Schuifelend, een beetje gelaten glimlachend, met een blik in haar ogen die heel duidelijk vertelde dat ze dit zo allemaal niet zag zitten. Haar hoofd werkte nog prima. Alleen lichamelijk wilde het niet meer.

Advertentie

Nee, ik denk dan aan de oma die ze tot een paar jaar geleden was. Altijd actief. Mijn oma liep niet gewoon, mijn oma rende! Tien kinderen gebaard en een figuurtje om door een ringetje te halen (doe dat maar eens na). Altijd perfect gekleed en gekapt. Gewerkt als een paard. Ik zie haar nog lopen/rennen met twee kratten bier in haar handen (samen met mijn opa runde ze een drankenhandel aan huis). En ik zie haar nog in de keuken staan bergen aardappels schillend, voor een heel legioen frieten bakkend, stapels strijk wegwerkend en de ene pot koffie na de andere zettend. Elk jaar stond er een grote kerstboom in huis, altijd stond ons bedje klaar en altijd was er een plekje aan de grote tafel vrij voor iedereen. Nooit gezeurd. Nooit moe. Nooit ziek. Altijd voor anderen zorgend, nooit aan zichzelf denkend. Daar had ze simpelweg geen tijd voor.

Op latere leeftijd haalde ze nog haar rijbewijs en reed ze overal naartoe in de dikke Audi 80 van mijn opa. Een klein kopje dat maar net boven het stuur uit kwam. En toen ze geen auto meer reed, fietste ze en toen ze dat niet meer kon, nam ze de bus en toen ze dat niet meer kon, liep ze. Een rollator weigerde ze pertinent. ‘Dat is voor bejaarden,’ zei ze gedecideerd toen ze zelf al een eind in de tachtig was.

Vertellen deed ze graag. Over vroeger, over toen haar ouders een hotel hadden. Over opa en de oorlog. Over hoe ze als meisje van achttien van toeten nog blazen wist en opeens zwanger was zonder dat ze eigenlijk in de gaten had wat er nou precies gebeurd was. Ze moest er zelf altijd om lachen. En hoe jaloers ze was op onze generatie en de vrijheid en keuzes die we hebben. En dat ze het wel zou weten als ze ons was. Ze was bij de tijd en bij de pinken. Las de krant, keek naar het nieuws en wist wat er in de wereld te doen was. Tot op hoge leeftijd legde ze de moeilijkste scrabble-woorden.

Er was één ding waar ze niet tegen kon: luie mensen. Mensen die niet wilden werken. Mensen die de kantjes ervan af liepen. Mensen die hun plicht verzaakten. Dan kon ze behoorlijk scherp uit de hoek komen. Daarom was het waarschijnlijk ook zo moeilijk voor haar om te verteren dat haar lichaam het steeds meer liet afweten. Het begon met haar armen die ze niet meer kon optillen, haar gehoor dat het liet afweten. Op het laatst werkte niets meer naar behoren en moest ze haar zelfstandigheid opgeven. Ze wilde niet, maar ze moest…

Weg uit haar huisje en naar een verzorgingsflat. Het eindstation en dat wist ze. Dat zag je aan haar blik. De stralende en enigszins ondeugende lichtjes waren uit haar ogen verdwenen. Haar altijd zo wonderbaarlijk rimpelloze zachte huid werd vaal en toonde voor het eerst vermoeide trekken en haar typische lachje hoorde je niet meer. ‘Machteldje,’ zei ze, steeds als ik er was, de laatste tijd veel te weinig. ‘Ik bid elke avond voor ik ga slapen dat ik niet meer wakker zal worden.’

Haar gebed is verhoord. Heel discreet is ze er tussenuit gepiept. In haar slaap. Zonder het te merken, zonder pijn, zonder lang ziekbed en zonder iemand lastig te vallen (dat zou ze waarschijnlijk nog het ergste gevonden hebben). Vredig. Op vrijdag de dertiende. Als het dan toch moest gebeuren dan maar op die datum. Ergens zie ik er ook nog wel de humor van in. Zij ook waarschijnlijk.
Ze is net geen negentig geworden…

Ik ben mijn oma kwijt. De laatste grootouder die ik nog had. Ik ben weer een stukje volwassener geworden. Een stukje minder kind. Een rij naar voren geschoven in het absurdistische theaterstuk dat leven heet en waarvan je nooit weet hoe het gaat aflopen. In mijn gedachten hoor ik Elton John voortdurend op de achtergrond The Circle of life kwelen…

Weg is de vrouw die mij altijd grenzeloos bewonderde, die alles fantastisch vond, wat ik ook deed. Die me nooit veroordeelde, die me altijd met open armen stond op te wachten. Weg is de vrouw die kaarsjes voor ons brandde toen ik maar niet zwanger werd en toen ik met een gebroken rug in het ziekenhuis lag. Weg is de enige persoon die me steevast en tot het laatst Machteldje bleef noemen, ook al ben ik allang geen Machteldje meer…

Dag lieve oma. Ik zal je missen!

Eerder verschenen op VrouwOnline

Thelma: “Ik trouwde opnieuw met mijn ex-man”

Trouwen

Premium

Thelma (60) en Gabrie Jansen (60) trouwden jong en kregen samen 3 kinderen. Het huwelijk strandde en bijna 20 jaar lang hadden ze nauwelijks contact. Tot vorig jaar, toen ze tijdens een verjaardag naast elkaar op de bank belandden en tussen hen - tot  ieders verrassing - de vonk opnieuw oversloeg. Afgelopen zomer gaven ze elkaar voor de tweede keer het jawoord. "We zijn nooit gestopt met van elkaar houden."

Thelma: “Op onze trouwkaart staat: ‘Loved you yesterday, love you still, always have and always will’. Zo voelen we dat allebei. We zijn nooit gestopt me

Lees Verder >>

voor jou geselecteerd

Laat meer voor jou geselecteerd zien