Lekker lezen: Libelle bookazines voor € 3,35

Zoek binnen:

Suzan (38) verloor haar twee dochtertjes: “Het gemis is onderdeel geworden van wie ik ben”

Suzan (38) is haar twee dochtertjes verloren. Sara werd slechts 8 weken oud, Liv 2 weken. Beide meisjes werden blakend van gezondheid geboren, maar stierven aan dezelfde, zeer zeldzame ziekte.

“Sara en Liv zijn gecremeerd. Hun urnen liggen begraven in een urnenbos. Onder een grote berk. Een prachtige plek waar we een soort spektakel van hebben gemaakt met vogelhuisjes in allerlei kleuren. Een echte meisjesplek waar we graag komen. Als we er zijn geweest, heb ik soms de neiging om andere mensen er foto’s van te laten zien. Gewoon, omdat ik het zo’n mooie plek vind. Maar ik weet dat het te confronterend is. Voor ons is het verdriet om Sara en Liv dagelijkse kost, voor anderen niet en daar moet ik voorzichtig mee zijn.”

Advertentie

Een huis vol chaos
“Mijn vriend Jens en ik ontmoetten elkaar 9 jaar geleden tijdens een reis in Honduras. Jens komt uit Zweden en de eerste jaren van onze relatie reisden we op en neer. Toen hij voorgoed naar Nederland verhuisde, werd ik al snel zwanger van Nils, onze zoon van inmiddels 5 jaar. Dat was helemaal te gek; de zwangerschap verliep goed en Nils was en is een makkelijk en vrolijk mannetje. Nadat Nils geboren werd, wisten we allebei dat we dit snel nog een keertje wilden. 3 kinderen krijgen was onze wens. Het leek ons heerlijk, een huis vol chaos en reuring. 2 jaar na de geboorte van Nils raakte ik zwanger van Sara. Fantastisch, een meisje. Ook die zwangerschap verliep uitstekend en ze werd blakend van gezondheid geboren. Er braken prachtige kraamweken aan, een fijne tijd waarin we genoten van Sara.”

Raadsel
“Tot ze ongeveer 3 weken oud was. Opeens merkte ik dat ze niet meer zo goed dronk en ze zweette ineens tijdens het drinken. Dat bleef ook die nacht zo en in de ochtend ben ik met haar naar de huisarts gegaan. We werden doorgestuurd naar het ziekenhuis en daar is ze uit het niets ingestort. De artsen stonden voor een raadsel, niemand wist wat er aan de hand was. Het enige duidelijke was dat er iets mis was met haar hart. Uiteindelijk kwamen we terecht in het Sophia Kinderziekenhuis in Rotterdam. Daar is een hart-longmachine en de artsen wilden dat Sara daar in de buurt was voor het geval het nodig was. Die machine neemt de functie over van het hart en de longen. Na een week in het ziekenhuis is ze aangesloten aan de machine waar ze uiteindelijk 4 weken aan gelegen heeft. Tot bleek dat er een bloedprop bij haar hart zat en de artsen haar echt niet meer konden redden. Een dag van tevoren kregen we te horen dat Sara van de machine zou worden gehaald. We wisten wat het betekende: zonder die machine zou ze sterven. Haar hartje kon het niet alleen.”

Oerhoop
“Hoop heeft ons door die weken in het ziekenhuis geholpen. Het is gek, maar als je in zo’n benarde situatie zit, kun je bijna niet anders dan ervan uitgaan dat het goed komt. Het is niet alleen hoop, maar bijna een weten. Als ik ook maar enigszins twijfel zou toelaten, ging ik wankelen en kon ik niet meer sterk zijn. Ik noem het een soort oerhoop, we hadden geen keuze. Natuurlijk zat er ergens een luikje in ons hoofd dat leidde naar de waarheid. We zijn weldenkende mensen en wisten hoe ernstig de situatie was. Toch kozen we ervoor dat luikje dicht te laten en ons te storten op de toekomst en op beter worden. Dat was onze manier om het vol te houden, we creëerden onze eigen propagandamachine. We filterden alle informatie die we kregen van de artsen en hielden ons vast aan het positieve. Voor het slechte nieuws was nog tijd genoeg.”

Bijzonder moment
“De nacht voordat Sara van de machine werd gehaald, mochten Jens en ik bij haar slapen, iets wat ongebruikelijk is op de intensive care. Ik kon alleen maar naar haar kijken. De afgelopen dagen had ze nauwelijks haar ogen open gedaan, maar die nacht werd ze wakker. Ze bewoog zelfs haar hoofdje en keek me aan. Ik maakte snel Jens wakker en ze keek ons allebei aan; het was echt een contactmoment. Daarna sloot ze haar ogen en ze deed ze ook niet meer open. Voor mijn gevoel nam ze daarmee afscheid van ons. Ik ben heel dankbaar voor dat moment, het was zo bijzonder. Een halfuur nadat Sara van de machine is gehaald, is ze overleden. Jens en ik waren alleen met haar, ze lag op mijn schoot en Jens had ons allebei in zijn armen. Samen hebben we haar heel rustig begeleid tot waar ze zelf verder moest, waar ook naartoe. Zelfs in dat laatste halfuurtje had ik nog hoop en dacht: nu komt het. Het moment dat ze iedereen verbaasd laat staan, dat ze laat zien dat ze het toch zelf kan, het grote wonder. Het gebeurde niet… Ik heb tegen haar gezegd dat het goed is, dat ze mocht gaan. We hebben voor haar gezongen en hadden muziek aan. Er is niets zo intiem als een kind dat geboren wordt, maar je kind laten gaan is net zo intiem.”

Niet nog een keer
“De manier waarop Sara is gestorven, is een groot contrast met hoe Liv is overleden. Dat was zo plotseling en zo’n mokerslag. ’s Ochtends was er nog iemand geweest van het consultatiebureau die zei dat Liv zo’n gezonde baby was, ’s avonds was ze er niet meer. De symptomen waren hetzelfde als bij Sara. Ook Liv wilde niet meer drinken en begon te zweten. Toen we met haar in het ziekenhuis waren, was het zo chaotisch. Ik was totaal in paniek en raakte mezelf compleet kwijt. Terwijl artsen met haar bezig waren, kon ik alleen maar roepen: ‘Dit kan niet, het is niet erfelijk!’ Tot er ineens een rust over me heen kwam en de gedachte: dit gebeurt nu, ik ben haar moeder, ik moet kalm blijven en er voor haar zijn. Ik wurmde me door het groepje artsen en verpleegkundigen heen, heb haar zuurstofmasker overgenomen en ben voor haar gaan zingen. Ik wilde dat ze me zou horen en voelen, dat ze wist dat ik er was. Iemand riep nog: ‘Haal die moeder daar weg!’ Maar ik was vastberaden, ik moest bij haar zijn. Het is niet gelukt Liv te stabiliseren. Ook Liv werd bij me op schoot gelegd en weer moesten we afscheid nemen van ons kind. Anders dan bij Sara bleef ik me verzetten tegen haar overlijden, ik bleef maar zeggen: ‘Niet jij, niet nog een keer.’”

Worstelen
“Sara en Liv hadden een heel grillige ziekte die niet met het leven verenigbaar is. Een ziekte die de medische wetenschap niet kent en daarom neem ik ook helemaal niemand iets kwalijk. Wel wordt er nu onderzoek gedaan; het vermoeden bestaat dat het een nog onbekende stofwisselingsziekte is. Omdat na het overlijden van Sara werd gezegd dat haar ziekte waarschijnlijk niet erfelijk was en dat de kans dat het nog eens zou gebeuren net zo groot was als bij andere stellen, wilden we graag nog een kindje. Drie kinderen krijgen was onze wens. Toen het al snel raak was, Sara is geboren op 29 juli 2014 en Liv op 1 oktober 2015, was dat natuurlijk dubbel. We waren erg bezig met dat grote verdriet en aan het worstelen hoe we dat verdriet onderdeel moesten laten worden van ons dagelijks leven. Toch hielp de zwangerschap ons ook om weer naar de toekomst te kijken. De angst dat het nog eens zou gebeuren, was er niet echt. Het was immers zo uniek en de kans zo minimaal. Daarbij stond ik onder controle van het ziekenhuis en na ieder onderzoek werden we weer gerustgesteld. Alles was goed.”

Gelukkig zijn is een keuze
“Ons verdriet is zo extreem groot. Ik heb geprobeerd het niet in één keer aan te pakken, daarvoor was het te overweldigend. Afleiding hielp en heel bewust ging ik steeds met één stukje verdriet aan de slag. Het is net als met fysieke pijn, als je je ertegen verzet, wordt het alleen maar erger. Zo ook met de pijn van verlies; doseren en accepteren helpt. Dat is natuurlijk heel moeilijk. Hoe accepteer je dat je dochters er niet meer zijn? Het gemis is onderdeel geworden van wie ik ben. Ik heb geleerd dat je naast dat grote verdriet ook gelukkig kan zijn, tegelijkertijd. Dat is een keuze geweest. Ik heb nog een heel leven voor me. Een leven zonder mijn dochters, maar ik heb het wel. Na Livs overlijden heb ik mezelf gevraagd: ga ik het leven aan of niet? Als ik het ga doen, dan moet ik zorgen dat het voor Jens, Nils en mezelf een gelukkig leven wordt. En dat heb ik gedaan. Onder andere door een oude droom op te pakken: schrijven. Een halfjaar na het overlijden van Sara ben ik al begonnen aan mijn boek Sara en Liv en een half jaar na Liv haar overlijden was het klaar. Het was een verhaal dat verteld moest worden. Ik zal voor altijd een intens verdriet met me meedragen, maar ik ben ook blij met wat er nog voor me ligt. Jens zei, nadat Liv overleden was, dat onze meisjes niet geboren zijn om verdriet te brengen. Uit liefde en respect voor hen gaan we ervoor.”

Iedere dag de best gelezen berichten van Libelle Daily in je mailbox? Dat wil jij niet missen! Meld je aan voor de Daily Update!

BEKIJK OOK DEZE VIDEO:

Tekst: Annemieke Riesebos. Beeld: Robert Alexander

Lees meer

Schrijver Hugo Borst: “Durfde je eindelijk een 1,5-meter-terras op?”

Hugo en Iris - Libelle

Hugo Borst (57) en Iris Koppe (35) zijn beiden schrijvers, maar daar houdt de gelijkenis wel op. Toch zijn ze vrienden en gaan ze geen onderwerp uit de weg. Over oud worden, sex, politiek, corona en meer: Hugo en Iris stellen brutale vragen én geven openhartig antwoord. 

I: Jij bent toch getrouwd?
H: Jazeker, 24 kilo geleden.
I: Hoelang al?
H: Het was 1988.
I: Neeeee. Toen was ik 3.

H: Eh, waar wil je naartoe? Goed nieuws? Ben je ten huwelijk gevraagd?
I: Niet zo snel. Ik heb koppijn vandaag, Hugo, kóppijn.
H: Wat heeft dat met trouwen te maken? Oh, wacht even

Lees Verder >>

voor jou geselecteerd

Laat meer voor jou geselecteerd zien