Lion King de musical, 2e kaart halve prijs >

Zoek binnen:

Wereldreiziger Iris Hannema vroeg zich af: maakt reizen me nog gelukkig?

Schrijver en reisjournalist Iris Hannema (33) reisde in tien jaar tijd naar meer dan honderd landen. In haar nieuwe boek Reizen volgens Hannema maakt ze de balans op. “De tijdelijkheid die ik eerst zo aantrekkelijk vond, was nu niet meer zo fijn.” 

Interview: Elselien van Dieren

Het is twaalf uur eerder op Fakarava, de piepkleine atol in Frans-Polynesië waar Iris is neergestreken. Haar dag is al lang begonnen als ik haar om half negen ‘s avonds bel en ze vanaf het strand toekijkt hoe haar geliefde Francisque en de honden een duik nemen in zee. “In de tropen sta je rond vijf uur ’s ochtends op. De kippen zijn wakker, de honden blaffen en rond half zes gaan de winkels open. Als je na zessen opstaat ben je lui of ziek.”

Iris reisde voor haar tweede boek Het Bitterzoete Paradijs naar de eilanden in de Stille Oceaan met de vraag: bestaat het paradijs? Het paradijs vond ze niet, de liefde wel. Op Fakarava werd ze verliefd op de Franse duikinstructeur Francisque, met wie ze twee jaar op het eiland woonde tot ze verlangden naar ‘reliëf en seizoenen’. Een plek zonder tropische hitte, muggen en bacteriële infecties. Ze pakten hun spullen en verhuisden met hun hond naar Francisque’s familiehuis in de Franse Alpen.

Maar de duiker miste zijn zee en dus keerden ze een jaar later met hun honden (er kwam er in Frankrijk eentje bij) terug naar het stipje in de oceaan, bij duikers beroemd om de ‘muur van honderd haaien’. Na een maand logeren bij vrienden, zijn ze gisteren in hun eigen huisje aan het strand getrokken.

Voel je je al thuis?
“Tja, wat is dat, je thuis voelen? Is dat voor altijd ergens waar je zelf niet bent, of is dat toch gewoon de plek waar je bed staat, waar je boeken zijn, waar je geliefde is? Ik heb twaalf kilo boeken meegenomen en daar kijk ik heel graag naar. Hier kunnen ze op rijtje staan. Ik voel me thuis bij mezelf. Als ik schrijf. Toch zal Nederland, Haarlem, voor mij altijd voelen als een plek waar ik alles los kan laten. Daar zijn mijn ouders, daar ben ik opgegroeid, geaard. Het is niet de plek, het zijn de mensen die je wortels geven.”

In je eerste boek schrijf je dat je moeder twee horloges draagt als je op reis bent: één met de Nederlandse tijd en één met de tijdzone waarin jij op dat moment leeft.
“Haha ja, dat doet ze nog steeds. Ik zei laatst nog: ‘Mam, het verschil is twaalf uur dus het tijdstip is hetzelfde.’ Maar in de winter is het elf uur en dan is het net iets moeilijker rekenen. Mijn moeder heeft het gevoel dat ze op die manier onze twee werelden om haar pols heeft.”

Je reisde in je eentje naar meer dan honderd landen. Zou iedereen een keer alleen op reis moeten gaan?
“Ik vind helemaal niet dat je op reis moet gaan. Ik denk dat veel mensen tegenwoordig met een andere reden gaan reizen dan ik destijds deed. Het is nu iets dat hoort bij je ontwikkeling, iets dat je op Instagram moet delen. Ik vind dat je moet gaan reizen als je er zin in hebt, als je wilt weten op welke planeet we leven, als je ergens naar op zoek bent.”

Wat zocht jij toen je op je negentiende vertrok?
“Dat wist ik eigenlijk niet. Ik wilde vooral heel graag weg uit Haarlem. Mensen om me heen gingen samenwonen en namen een kat. Ik dacht: nu moet ik heel snel veranderen. Straks word ik verliefd en wil ik niet meer weg. Dan zou ik gaan studeren, werken, uit eten gaan en met dezelfde mensen optrekken. Ik wilde niet met haringen vastzitten aan Haarlem.”

Niet spannend genoeg?
“Ik weet niet of je er weleens geweest bent, maar Haarlem ís niet spannend. Ik had echt de behoefte om een paar jaar weg te gaan, een ander leven te beginnen. Dat vonden mensen thuis confronterend. Ik kreeg nooit inhoudelijke vragen over mijn reizen, ze vroegen alleen maar: ‘Wanneer kom je terug? Wanneer ga je een normaal leven leiden?’. Mensen houden niet van verandering in hun omgeving. Het confronteert ze met zichzelf, de manier waarop zij hun leven invullen. Toen ik op reis ging kwam ik mensen tegen die hetzelfde dachten als ik, dat was echt een openbaring.”

Je komt op reis ook mensen tegen die niet het beste met je voor hebben. Voel je het aan als iets niet in de haak is? 
“In 99,9 procent van de gevallen weet ik of iemand goede intenties heeft. Dat was altijd al zo, maar ik heb mezelf met de jaren moeten leren om naar die alarmbellen te luisteren. Als ik nu een ‘nee’ voel bij iemand, ga ik zelfs geen kop thee drinken. Dat heeft me wel minder flexibel gemaakt. Vroeger liftte ik gerust door Syrië naar de grens van Irak en bleef ik onderweg bij families logeren. Ik deed het gewoon en dan zag ik het wel.”

Wat heeft je veranderd?
“Ik reisde door de Pacific voor mijn tweede boek. Bora Bora, Haïti, Tonga… Dit wordt echt het summum, dacht ik toen ik begon. Ik kwam op Vanuatu in een cycloon terecht, het hele eiland was naar de kloten. Daarna ging ik mee op een tonijnvissersboot, maar ik begon het allemaal vermoeiend te vinden. Reizen ís vermoeiend, dus dat was niet veranderd. Ík was veranderd. De ervaringen bevredigden niet meer. Heel cliché rond mijn dertigste, kreeg ik behoefte om minder snel te leven. Ik wilde geen risico meer lopen, had geen zin om met drie ton dode tonijn naar de bodem van de oceaan te zinken. De tijdelijkheid die ik eerst zo aantrekkelijk vond, was nu niet meer zo fijn. Ik dacht: ik maak mijn reis af en dan ga ik me een paar jaar settelen. Ergens in Europa.”

En toen kwam je Francisque tegen.
“Ik weet niet hoe chemie werkt, maar het heeft zeker te maken met wie je bent en waar je zelf behoefte aan hebt. Francisque is een sterke en stabiele man die niet over zich heen laat lopen. Dat had ik een paar jaar eerder misschien nog moeilijk gevonden. Het was de goede man op het goede moment.”

Hebben jullie het vaak over de toekomst?
“Voor mij is de toekomst september of oktober, dat voelt heel ver weg. Ik denk niet in decennia. Wat ik wel weet: dit is niet de plek waar we zestig worden. Het eiland blijft tijdelijk voelen. Dit soort huizen hebben ook een tijdelijk karakter. Het familiehuis in Frankrijk is anders. Dat verplaatst niet. Het staat er altijd.”

Zou je ooit nog terug naar Haarlem willen?
“Nee, dat zou voelen als een terugval. Daarvoor sta ik te ver af van de mensen en de samenleving. Al kan ik me wel voorstellen dat ik terugga om voor mijn ouders te zorgen. Ze zijn nu 73 en hebben net hun 38-jarig huwelijksfeest gevierd. Als ze mij nodig hebben in de toekomst zeg ik niet: ‘Ik woon op 24 uur vliegen, bel maar als jullie bijna dood gaan’. Ze zijn er altijd voor me geweest, dus het is heel vanzelfsprekend dat ik er ook voor hen ben. Ik zie het ook wel voor me dat we samen in het huis in Frankrijk wonen.”

‘Genezen van rusteloosheid’, staat op je Twitter-pagina. Ben je echt genezen?
“Haha, ik heb het net aangepast. Eerst stond er iets anders: lijdend aan rusteloosheid of zoiets. Ik denk niet dat een rusteloze geest ooit geneest. Ik heb altijd behoefte aan een nieuw project of nieuwe dromen, maar de behoefte om alleen te zijn en overal weer weg te willen is verdwenen. Reizen is mijn werk, dus het is niet zo dat ik dat niet meer doe, maar de vorm en het verlangen is veranderd.”

Reizen volgens Hannema (€ 19,99, Arbeiderspers) ligt nu in de winkel. Klik hier voor meer informatie over het boek.

Libelle mag 10 exemplaren van Reizen volgens Hannema verloten. Vul het winformulier in en maak kans! Alleen winnaars krijgen bericht.

 

De beste berichten van Libelle in je mailbox ontvangen? Meld je aan voor onze nieuwsbrief.

Beeld: Ernie Enkelaar. 

voor jou geselecteerd

Laat meer voor jou geselecteerd zien