Word abonnee

Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting

Zoek binnen:

José Rozenbroek: "Mijn moeder was een verwoede wandelaarster. Ik haatte het"

Bladenmaker en journalist José Rozenbroek is een nieuwsjunk. Elke week schrijft ze voor Libelle een column over wat haar opvalt en waarover ze zich opwindt. Deze week: er komt geen einde aan corona en hoe fijn wandelen kan zijn, juist in deze tijd.

Advertentie

Lockdown

De eerste lockdown afgelopen voorjaar had iets romantisch, bijna op het sentimentele af. Wij met z’n allen tegen het onbekende gevaar. Zoiets. De straten waren leeg, binnen bakten we bananenbrood en via de iPad zwaaiden we naar onze breekbare oudjes met onderliggend leed die we hadden opgesloten in hun huizen. We keken naar het Journaal, Frontberichten en OP1 totdat corona ons geheel bij de lurven had en we nog maar een glaasje namen. Elke dag zetten we 10.000 stappen, onze medeweggebruikers met een ruime boog omzeilend.

Nu is de stemming anders. We kunnen geen bananenbrood meer zien en geen pandemiedeskundige meer horen, en van weekhartige eensgezindheid is geen sprake. Onze breekbare oudjes zijn dood of in opstand gekomen tegen de afgedwongen eenzaamheid. Die 10.000 stappen per dag haal ik allang niet meer, opgeslokt als ik ben door andere zaken. Terwijl die dagelijkse wandeling ongeveer het enige is waarnaar ik terugverlang, het lopen door de uitgestorven stad die zijn schoonheid toonde, langs de zee of in de bossen.

Wandelen

Afgelopen zaterdag trok ik weer eens de wandelschoenen aan en ging met twee vrienden uit wandelen. Een van hen had een route gevonden in de bossen rondom Driebergen op de Utrechtse Heuvelrug. Toevallig ook het dorp waar mijn ouders de laatste twintig jaar van hun leven woonden, voordat ze als dor hout afbraken van de boom des levens (járen voor corona, geen zorgen). Mijn moeder was een verwoede wandelaarster en als klein kind sjokte ik elke zondag twee uur lang achter de familie aan die onder haar leiding een verplichte wandeling maakte. Ik haatte het.

Eenmaal volwassen deed ik alles op de fiets, maar op een gegeven moment moest ik bekennen dat ik meer op mijn moeder ging lijken dan ik ooit voor mogelijk had gehouden. Ik zag het in de spiegel en op foto’s. En net als zij ging ik van wandelen houden, van de cadans van mijn stappen, de ene voet voor de andere, de frisse lucht, het tempo waarbij je de wonderlijke kromming van een boom en kleine beestjes op het pad kan zien en het ruizen van de wind door de bladeren kan horen.

Ook in de bossen bij Driebergen heb ik heel wat stappen liggen. Als ik met mijn dochters op zondag bij mijn ouders ging lunchen liepen we daarna altijd nog een uurtje. Of twee. We speelden boompje verwisselen en Annamaria Koekoek en altijd moesten mijn ouders, hoe oud ze ook waren, nog over een liggende boomstam lopen, de meisje wiebelend achter hen aan.

Herinneringen

Ergens op landgoed Bornia, tussen Zeist en Driebergen, waar zand, hei en bomen zich afwisselen, hebben we veertien jaar geleden haar as verstrooid, mijn vader, de zes kinderen, de aanhang en twaalf kleinkinderen. Mijn broer voorop met de bus met as en en de zilveren soeplepel uit het ouderlijk huis. Om beurten schepten we giechelend van de zenuwen mijn moeder uit over het grond waar ze zo graag had gelopen. In mijn herinnering kwam er geen einde aan aan. We werden er melig van, steeds wilder werd er met de soeplepel gezwaaid.

Ik moest eraan denken toen ik daar zaterdag weer liep. Geen spoor van haar te bekennen. Ook het kruis van takken dat de kleinkinderen hadden gemaakt en waarbij we de allerlaatste restjes hadden uitgestrooid, kon ik niet meer terugvinden. Maar toen de zon doorbrak liep ze een eindje met me op, zo verbeeldde ik mij, tevreden, omdat ik, het kind dat nooit wilde wandelen, daar aan het wandelen was.

Tekst: José Rozenbroek. Beeld: Tamar Ottink

Lees meer

voor jou geselecteerd

Laat meer voor jou geselecteerd zien

Hoofdredacteur Hilmar Mulder: "Mijn mama was en is een groot voorbeeld"

Moederdag valt dit jaar op 9 mei en is dé dag om moeders eens flink in het zonnetje te zetten. Libelle-hoofdredacteur Hilmar Mulder schrijft over haar eigen moeder, voor wie ze veel bewondering heeft.

Of het nou een bosje bloemen uit eigen tuin was, zelfgemaakte jam of mislukte boterkoek: mijn moeder kwam nooit met lege handen. En ze stond altijd voor iedereen klaar.

Advertentie

Naaimachine

Zoals die keer in mijn laatste jaar aan de kunstacademie, waar ik de moderichting volgde. Vlak voor de eindstreep moesten nog een zestal kledingstukken worden gemaakt, wat natuurlijk nachtenlang doorwerken betekende. Geen nood! Gewapend met haar eigen naaimachine arriveerde ze in mijn studentenhok en bleef me vol goede moed assisteren tot het ochtendgloren.

Gezondheidszorg

Maar dat is klein bier vergeleken met de hele bups pleegkinderen die ze in de jaren daarvoor, naast haar werk in de wijkverpleging, in huis haalde. En ook zieken en bejaarden uit de buurt konden altijd op haar rekenen. Een ritje naar de fysio of een pannetje soep brengen vond ze niet meer dan normaal. In de laatste jaren voor hun pensioen ging ze samen met mijn vader aan de slag in de gezondheidszorg op het Cambodjaanse platteland.

Tijdelijke projecten

Terug in Nederland deden ze tijdelijke projecten: van het opzetten van zuigelingenzorg in Zimbabwe tot een onderzoek in een doven- en blindeninstituut in India – dat werk. Ook reisden ze als vrijwilligers met United Civilians for Peace naar Palestina. Gedurende drie maanden waren ze gestationeerd in de Gazastrook, terwijl de bommen soms letterlijk over hun hoofd vlogen.

Trots

Het is een kleine greep uit het rijke leven van mijn lieve moeder die maar 65 werd. Ze had het vast overdreven gevonden dat ik er, 17 jaar na haar overlijden, nog een stukje aan wijd. Zij was altijd zo bescheiden. En vooral zo vaak veel stoerder dan ik ooit zal zijn. Dus voor één keer wil ik op moederdag schaamteloos over haar opscheppen. Mijn bewondering niet onder stoelen of banken steken. Omdat ik haar helaas nooit verteld heb hoe trots ik op haar was. Dat mijn mama een groot voorbeeld was en is.

Vertroetelen

En iedereen die vandaag wel het geluk heeft om haar moeder op deze dag in de buurt te hebben: vertel haar wat je voelt. Vertroetel haar en vier het leven met haar! En bewaar dat niet alleen voor die tweede zondag van mei.

De beste berichten van Libelle in je mailbox ontvangen? Meld je nu aan voor de nieuwsbrief!

Lees meer

voor jou geselecteerd

Laat meer voor jou geselecteerd zien

Hoofdredacteur Hilmar Mulder: "Mijn mama was en is een groot voorbeeld"

Moederdag valt dit jaar op 9 mei en is dé dag om moeders eens flink in het zonnetje te zetten. Libelle-hoofdredacteur Hilmar Mulder schrijft over haar eigen moeder, voor wie ze veel bewondering heeft.

Of het nou een bosje bloemen uit eigen tuin was, zelfgemaakte jam of mislukte boterkoek: mijn moeder kwam nooit met lege handen. En ze stond altijd voor iedereen klaar.

Advertentie

Naaimachine

Zoals die keer in mijn laatste jaar aan de kunstacademie, waar ik de moderichting volgde. Vlak voor de eindstreep moesten nog een zestal kledingstukken worden gemaakt, wat natuurlijk nachtenlang doorwerken betekende. Geen nood! Gewapend met haar eigen naaimachine arriveerde ze in mijn studentenhok en bleef me vol goede moed assisteren tot het ochtendgloren.

Gezondheidszorg

Maar dat is klein bier vergeleken met de hele bups pleegkinderen die ze in de jaren daarvoor, naast haar werk in de wijkverpleging, in huis haalde. En ook zieken en bejaarden uit de buurt konden altijd op haar rekenen. Een ritje naar de fysio of een pannetje soep brengen vond ze niet meer dan normaal. In de laatste jaren voor hun pensioen ging ze samen met mijn vader aan de slag in de gezondheidszorg op het Cambodjaanse platteland.

Tijdelijke projecten

Terug in Nederland deden ze tijdelijke projecten: van het opzetten van zuigelingenzorg in Zimbabwe tot een onderzoek in een doven- en blindeninstituut in India – dat werk. Ook reisden ze als vrijwilligers met United Civilians for Peace naar Palestina. Gedurende drie maanden waren ze gestationeerd in de Gazastrook, terwijl de bommen soms letterlijk over hun hoofd vlogen.

Trots

Het is een kleine greep uit het rijke leven van mijn lieve moeder die maar 65 werd. Ze had het vast overdreven gevonden dat ik er, 17 jaar na haar overlijden, nog een stukje aan wijd. Zij was altijd zo bescheiden. En vooral zo vaak veel stoerder dan ik ooit zal zijn. Dus voor één keer wil ik op moederdag schaamteloos over haar opscheppen. Mijn bewondering niet onder stoelen of banken steken. Omdat ik haar helaas nooit verteld heb hoe trots ik op haar was. Dat mijn mama een groot voorbeeld was en is.

Vertroetelen

En iedereen die vandaag wel het geluk heeft om haar moeder op deze dag in de buurt te hebben: vertel haar wat je voelt. Vertroetel haar en vier het leven met haar! En bewaar dat niet alleen voor die tweede zondag van mei.

De beste berichten van Libelle in je mailbox ontvangen? Meld je nu aan voor de nieuwsbrief!

Lees meer

voor jou geselecteerd

Laat meer voor jou geselecteerd zien

Sunita (49) werd na 22 ongeboren kinderen toch moeder: "Ik wist: jij hoort bij ons"

Na drie buitenbaarmoederlijke zwangerschappen, zeven miskramen en zes kortstondige IVF-zwangerschappen accepteerde Sunita Changoe (49) dat ze geen moeder zou worden. Maar het liep anders.

“Op mijn 23e, ik studeerde nog, werd ik voor de eerste keer zwanger. Ik had een relatie maar dacht nog helemaal niet aan kinderen en slikte trouw de pil. Dat mijn zwangerschap als een verrassing kwam, is dus een understatement. Eenmaal bekomen van de schrik was ik bereid om al mijn plannen aan te passen aan de komst van een kindje. Maar in de zevende week werd ik overvallen door heftige, pijnlijke steken in mijn buik. Ik haastte me naar de Eerste Hulp en in het ziekenhuis bleek dat er sprake was van een buitenbaarmoederlijke zwangerschap. Het vruchtje groeide niet in de baarmoeder, maar erbuiten. Levensgevaarlijk, want de eileider kon knappen en ik kon sterven. Er volgde meteen een operatie om de zwangerschap af te breken. Ik was ontzettend verdrietig want ik had me er helemaal op ingesteld dat ik een kind zou krijgen.”

Advertentie

Niet oprecht

“Een tijdje later werd ik opnieuw zwanger, wéér door de pil heen. Ook deze zwangerschap bleek buitenbaarmoederlijk te zijn. Tijdens de operatie verwijderde de chirurg een van mijn eileiders. Hij dacht dat het om dezelfde eileider ging als tijdens mijn eerste zwangerschap, maar dat was niet het geval. De arts gaf zijn fout toe en bood zijn excuses aan, maar ik voelde dat hij niet oprecht was. Hij wilde gewoon dat ik geen aanklacht in zou dienen. Dat was ik eerst wel van plan, maar daarmee zou ik mijn eileider niet terugkrijgen.”

Adopteren

“Eigenlijk had ik nooit de behoefte om zelf een kind op de wereld te zetten. Toen ik een jaar of negen was, zei ik al tegen mijn vader: ‘Ik ga uit elk werelddeel een kind adopteren’, maar op mijn 36e kreeg ik een relatie met Carlos en toen we drie jaar samen waren, wilden we een kindje. Adoptie zag Carlos niet zitten. Hij en zijn biologische broer zijn zelf geadopteerd uit Colombia, net als zijn zus van wie hij geen bloedverwant is. Zijn moeder heeft hij nooit gekend, hij weet alleen haar naam, verder niets. Zelfs niet op welke datum hij geboren is. Hierdoor heeft hij zich altijd ontworteld gevoeld.”

Verlies

“Mijn verlangen om zwanger te worden werd sterker na gesprekken met mijn vader. Hij zei: ‘Als je kinderen krijgt, leef je niet alleen je eigen leven, je geeft het ook door.’ Met mijn vruchtbaarheid was niets mis. Ik werd, zelfs met één eileider, meerdere keren zwanger. Maar aan mijn zwangerschappen kwam elke keer voortijdig een eind. Eén keer door wederom een buitenbaarmoederlijke zwangerschap, andere keren door een miskraam. Een medische oorzaak werd niet gevonden. We gaven niet op. Ik onderging twee ivf-behandelingen en in anderhalf jaar tijd werd ik vijf keer zwanger, telkens van een tweeling. Steeds weer ging het mis en belandden we in een emotionele achtbaan: blijdschap, niet durven hopen, positief blijven, en dan het verdriet om het verlies.”

Schilderen

“Om de gebeurtenissen een plek te geven, ging ik schilderen. Een van mijn schilderijen staat in de slaapkamer. ‘Wat moet die sliert voorstellen?’ vragen mensen soms. Maar mijn zusje zag het meteen: daar staat een zwangere vrouw. Van haar kreeg ik een mooi kaartje met de treffende tekst: Soms ben je even zwanger omdat dat voldoende is voor een ziel. Dat vind ik een mooie gedachte. Sommige zieltjes zijn maar even op deze wereld en het is een geluk dat ik die dan even bij me mocht houden. Mijn ouders zijn van Aziatische afkomst en zij hebben me meegegeven dat er meer is dan we kunnen waarnemen, dat dingen gebeuren om een reden. Dat geeft berusting.”

Laatste kans

“Ik twijfelde over een derde ivf-behandeling, het is een enorme aanslag op je lijf. Maar toen mijn vader kwam te overlijden, besloot ik het toch nog een keer te proberen. In gedachten hoorde ik zijn woorden: ‘Geef je leven door.’ Carlos en ik spraken af: als het deze keer niet lukt, gaan we een Colombiaans kindje adopteren en de moeder op afstand ondersteunen. Opnieuw was ik zwanger van een tweeling. Hoewel het deze keer anders voelde en ik er vertrouwen in had, kreeg ik ook dit keer hevige bloedingen. Toeval of niet: in de nacht dat ik onze kindjes verloor, kreeg Carlos een appje van zijn zus: ze was bevallen van een gezonde zoon.”

Onverwacht verzoek

“Na deze miskraam namen we afscheid van onze kinderwens. We hadden het geprobeerd en het was goed zo. Maar het gezegde ‘als er een deur dichtgaat, opent er een raam’ bleek op ons van toepassing. Mijn schoonzus vroeg of wij voor haar zoontje Sebastiàn wilden zorgen. We waren totaal overvallen door haar vraag. We wisten wel dat de vader niet in beeld was en dat de zorg voor het kindje een uitdaging voor haar zou zijn, maar dit hadden we niet zien aankomen. Over de precieze reden waarom mijn schoonzus niet voor haar zoon kan zorgen wil ik hier niet uitweiden, dat is haar verhaal om te vertellen. Na lang overwegen stemden Carlos en ik ermee in om voor haar kind, ons neefje, te zorgen. Na een aantal gesprekken met Pleegzorg kregen we groen licht en toen ging het opeens snel. Sebastiàn was inmiddels ruim zeven maanden en woonde bij een christelijk crisispleeggezin. Op een maandag gingen we erheen om hem te ontmoeten. Zijn crisispleegmoeder liep met hem in haar armen naar ons toe. Het eerste wat ik dacht toen ik ze samen zag was: jij bent een heel lieve vrouw, maar Sebastiàn hoort bij ons, hij is ons neefje. Hij maakte meteen oogcontact, was enthousiast aan het bewegen. Ik nam hem in mijn armen en ervaarde de betekenis van ‘a bundle of joy‘. Dat was hij. Een schattige, prachtige, flinke, vrolijke baby.”

Mama en mamatua

“Ik ging na het bezoek snel naar een babywinkel en zei: ‘Ik krijg deze week een kind, kunnen jullie mij helpen?’ Twee dagen na de eerste ontmoeting kwam Sebastiàn met zijn crisispleegmoeder bij ons op bezoek en kreeg hij mijn babydekentje mee om aan mijn geur te wennen. Weer twee dagen later hadden we een baby in huis. In het begin weken we geen moment van zijn zijde. Als Sebastiàn sliep, hingen we boven zijn ledikantje. Want daar lag een prachtig ventje voor wie wij verantwoordelijk waren. ‘Wat lijkt hij op jullie’, zei iedereen die hem zag. Een buurvrouw kwam een cadeautje brengen. Ze dacht dat ik zelf bevallen was. Door de ivf-behandelingen had ik een dikkere buik, waaruit zij had opgemaakt dat ik zwanger was. Maar toen ze Sebastiàn zag, werden haar ogen zo groot als schoteltjes. ‘Hoe heb je díe eruit gekregen!’ riep ze. We hebben er hartelijk om gelachen.”

Tijdelijk

“We dachten dat de zorg voor Sebastiàn tijdelijk zou zijn: wij zorgen voor hem en als mijn schoonzus hier zelf weer toe in staat is, gaat hij terug naar haar. Zij zou zijn mama blijven, ik zijn mamatua, dat is Moluks voor oudere tante. Maar in de loop der maanden werd duidelijk dat er niets tijdelijks aan was. Mijn schoonzus vindt geborgenheid erg belangrijk en vroeg aan mij: ‘Wil je hem opvoeden als je eigen kind?’ Ik zei haar in alle eerlijkheid dat ik niet wist hoe het is om een eigen kind te hebben, maar dat ik hem heel veel liefde zal geven en hem altijd zal beschermen. Carlos en ik zijn nu Sebastiàns voogd, wij hebben het ouderlijk gezag, zijn moeder is ouder op afstand. Sebas heeft een vader en twee moeders: een moeder uit wier buik hij is gekomen en een moeder die voor hem zorgt. We houden alle drie van hem. Sebas noemt zijn biologische moeder Tía, dat is Spaans voor tante, met een moederlijke klank. Ze zien elkaar regelmatig en er is ruimte om een band op te bouwen.”

Extra liefde en aandacht

“Sebastiàn is inmiddels acht jaar, een heerlijk kind. Ik schrijf hem elke dag een berichtje waarin staat wat we die dag hebben gedaan en hoe veel ik van hem houd. Die berichtjes kan hij later altijd teruglezen, zodat hij weet dat hij geliefd is en dat er in hem wordt geloofd. Pleegkinderen en geadopteerde kinderen missen een solide basis, dus ik probeer de scheurtjes in de basis op te vullen met extra liefde en aandacht. Ik vertel hem ook dagelijks dat ik van hem houd. De ene keer antwoordt hij: ‘Ik ook van u, mama.’ De andere keer zegt hij plagend: ‘Mahaam, dat weet ik nou wel!’ Er was een tijd dat Sebas een grote broer wilde zijn. Als mijn buik opgezet was, zei hij tegen de juf dat hij een broertje of zusje kreeg. Maar dat zit er niet in. Ik heb 22 ongeboren kindjes, twee keer een elftal in de hemel. Mijn reis naar het moederschap was er een met obstakels en verre van gebruikelijk. Maar ik heb de juiste eindbestemming bereikt. Sebas zei laatst: ‘Mam, ik ben blij dat u geen kindjes van uzelf had. Want als u al andere kindjes had, had ik niet kunnen komen.’ Ik stelde hem gerust: ‘Ook al had ik andere kinderen, voor jou is er altijd plaats.'”

Libelle babbelt met 3 generaties: “Uiteindelijk ben ik hetzelfde als m’n moeder gaan doen”

De beste berichten van Libelle in je mailbox ontvangen? Meld je nu aan voor de nieuwsbrief!

Interview: Amanda van Schaik. Fotografie: Petronellanitta

Lees meer

voor jou geselecteerd

Laat meer voor jou geselecteerd zien

Sunita (49) werd na 22 ongeboren kinderen toch moeder: "Ik wist: jij hoort bij ons"

Na drie buitenbaarmoederlijke zwangerschappen, zeven miskramen en zes kortstondige IVF-zwangerschappen accepteerde Sunita Changoe (49) dat ze geen moeder zou worden. Maar het liep anders.

“Op mijn 23e, ik studeerde nog, werd ik voor de eerste keer zwanger. Ik had een relatie maar dacht nog helemaal niet aan kinderen en slikte trouw de pil. Dat mijn zwangerschap als een verrassing kwam, is dus een understatement. Eenmaal bekomen van de schrik was ik bereid om al mijn plannen aan te passen aan de komst van een kindje. Maar in de zevende week werd ik overvallen door heftige, pijnlijke steken in mijn buik. Ik haastte me naar de Eerste Hulp en in het ziekenhuis bleek dat er sprake was van een buitenbaarmoederlijke zwangerschap. Het vruchtje groeide niet in de baarmoeder, maar erbuiten. Levensgevaarlijk, want de eileider kon knappen en ik kon sterven. Er volgde meteen een operatie om de zwangerschap af te breken. Ik was ontzettend verdrietig want ik had me er helemaal op ingesteld dat ik een kind zou krijgen.”

Advertentie

Niet oprecht

“Een tijdje later werd ik opnieuw zwanger, wéér door de pil heen. Ook deze zwangerschap bleek buitenbaarmoederlijk te zijn. Tijdens de operatie verwijderde de chirurg een van mijn eileiders. Hij dacht dat het om dezelfde eileider ging als tijdens mijn eerste zwangerschap, maar dat was niet het geval. De arts gaf zijn fout toe en bood zijn excuses aan, maar ik voelde dat hij niet oprecht was. Hij wilde gewoon dat ik geen aanklacht in zou dienen. Dat was ik eerst wel van plan, maar daarmee zou ik mijn eileider niet terugkrijgen.”

Adopteren

“Eigenlijk had ik nooit de behoefte om zelf een kind op de wereld te zetten. Toen ik een jaar of negen was, zei ik al tegen mijn vader: ‘Ik ga uit elk werelddeel een kind adopteren’, maar op mijn 36e kreeg ik een relatie met Carlos en toen we drie jaar samen waren, wilden we een kindje. Adoptie zag Carlos niet zitten. Hij en zijn biologische broer zijn zelf geadopteerd uit Colombia, net als zijn zus van wie hij geen bloedverwant is. Zijn moeder heeft hij nooit gekend, hij weet alleen haar naam, verder niets. Zelfs niet op welke datum hij geboren is. Hierdoor heeft hij zich altijd ontworteld gevoeld.”

Verlies

“Mijn verlangen om zwanger te worden werd sterker na gesprekken met mijn vader. Hij zei: ‘Als je kinderen krijgt, leef je niet alleen je eigen leven, je geeft het ook door.’ Met mijn vruchtbaarheid was niets mis. Ik werd, zelfs met één eileider, meerdere keren zwanger. Maar aan mijn zwangerschappen kwam elke keer voortijdig een eind. Eén keer door wederom een buitenbaarmoederlijke zwangerschap, andere keren door een miskraam. Een medische oorzaak werd niet gevonden. We gaven niet op. Ik onderging twee ivf-behandelingen en in anderhalf jaar tijd werd ik vijf keer zwanger, telkens van een tweeling. Steeds weer ging het mis en belandden we in een emotionele achtbaan: blijdschap, niet durven hopen, positief blijven, en dan het verdriet om het verlies.”

Schilderen

“Om de gebeurtenissen een plek te geven, ging ik schilderen. Een van mijn schilderijen staat in de slaapkamer. ‘Wat moet die sliert voorstellen?’ vragen mensen soms. Maar mijn zusje zag het meteen: daar staat een zwangere vrouw. Van haar kreeg ik een mooi kaartje met de treffende tekst: Soms ben je even zwanger omdat dat voldoende is voor een ziel. Dat vind ik een mooie gedachte. Sommige zieltjes zijn maar even op deze wereld en het is een geluk dat ik die dan even bij me mocht houden. Mijn ouders zijn van Aziatische afkomst en zij hebben me meegegeven dat er meer is dan we kunnen waarnemen, dat dingen gebeuren om een reden. Dat geeft berusting.”

Laatste kans

“Ik twijfelde over een derde ivf-behandeling, het is een enorme aanslag op je lijf. Maar toen mijn vader kwam te overlijden, besloot ik het toch nog een keer te proberen. In gedachten hoorde ik zijn woorden: ‘Geef je leven door.’ Carlos en ik spraken af: als het deze keer niet lukt, gaan we een Colombiaans kindje adopteren en de moeder op afstand ondersteunen. Opnieuw was ik zwanger van een tweeling. Hoewel het deze keer anders voelde en ik er vertrouwen in had, kreeg ik ook dit keer hevige bloedingen. Toeval of niet: in de nacht dat ik onze kindjes verloor, kreeg Carlos een appje van zijn zus: ze was bevallen van een gezonde zoon.”

Onverwacht verzoek

“Na deze miskraam namen we afscheid van onze kinderwens. We hadden het geprobeerd en het was goed zo. Maar het gezegde ‘als er een deur dichtgaat, opent er een raam’ bleek op ons van toepassing. Mijn schoonzus vroeg of wij voor haar zoontje Sebastiàn wilden zorgen. We waren totaal overvallen door haar vraag. We wisten wel dat de vader niet in beeld was en dat de zorg voor het kindje een uitdaging voor haar zou zijn, maar dit hadden we niet zien aankomen. Over de precieze reden waarom mijn schoonzus niet voor haar zoon kan zorgen wil ik hier niet uitweiden, dat is haar verhaal om te vertellen. Na lang overwegen stemden Carlos en ik ermee in om voor haar kind, ons neefje, te zorgen. Na een aantal gesprekken met Pleegzorg kregen we groen licht en toen ging het opeens snel. Sebastiàn was inmiddels ruim zeven maanden en woonde bij een christelijk crisispleeggezin. Op een maandag gingen we erheen om hem te ontmoeten. Zijn crisispleegmoeder liep met hem in haar armen naar ons toe. Het eerste wat ik dacht toen ik ze samen zag was: jij bent een heel lieve vrouw, maar Sebastiàn hoort bij ons, hij is ons neefje. Hij maakte meteen oogcontact, was enthousiast aan het bewegen. Ik nam hem in mijn armen en ervaarde de betekenis van ‘a bundle of joy‘. Dat was hij. Een schattige, prachtige, flinke, vrolijke baby.”

Mama en mamatua

“Ik ging na het bezoek snel naar een babywinkel en zei: ‘Ik krijg deze week een kind, kunnen jullie mij helpen?’ Twee dagen na de eerste ontmoeting kwam Sebastiàn met zijn crisispleegmoeder bij ons op bezoek en kreeg hij mijn babydekentje mee om aan mijn geur te wennen. Weer twee dagen later hadden we een baby in huis. In het begin weken we geen moment van zijn zijde. Als Sebastiàn sliep, hingen we boven zijn ledikantje. Want daar lag een prachtig ventje voor wie wij verantwoordelijk waren. ‘Wat lijkt hij op jullie’, zei iedereen die hem zag. Een buurvrouw kwam een cadeautje brengen. Ze dacht dat ik zelf bevallen was. Door de ivf-behandelingen had ik een dikkere buik, waaruit zij had opgemaakt dat ik zwanger was. Maar toen ze Sebastiàn zag, werden haar ogen zo groot als schoteltjes. ‘Hoe heb je díe eruit gekregen!’ riep ze. We hebben er hartelijk om gelachen.”

Tijdelijk

“We dachten dat de zorg voor Sebastiàn tijdelijk zou zijn: wij zorgen voor hem en als mijn schoonzus hier zelf weer toe in staat is, gaat hij terug naar haar. Zij zou zijn mama blijven, ik zijn mamatua, dat is Moluks voor oudere tante. Maar in de loop der maanden werd duidelijk dat er niets tijdelijks aan was. Mijn schoonzus vindt geborgenheid erg belangrijk en vroeg aan mij: ‘Wil je hem opvoeden als je eigen kind?’ Ik zei haar in alle eerlijkheid dat ik niet wist hoe het is om een eigen kind te hebben, maar dat ik hem heel veel liefde zal geven en hem altijd zal beschermen. Carlos en ik zijn nu Sebastiàns voogd, wij hebben het ouderlijk gezag, zijn moeder is ouder op afstand. Sebas heeft een vader en twee moeders: een moeder uit wier buik hij is gekomen en een moeder die voor hem zorgt. We houden alle drie van hem. Sebas noemt zijn biologische moeder Tía, dat is Spaans voor tante, met een moederlijke klank. Ze zien elkaar regelmatig en er is ruimte om een band op te bouwen.”

Extra liefde en aandacht

“Sebastiàn is inmiddels acht jaar, een heerlijk kind. Ik schrijf hem elke dag een berichtje waarin staat wat we die dag hebben gedaan en hoe veel ik van hem houd. Die berichtjes kan hij later altijd teruglezen, zodat hij weet dat hij geliefd is en dat er in hem wordt geloofd. Pleegkinderen en geadopteerde kinderen missen een solide basis, dus ik probeer de scheurtjes in de basis op te vullen met extra liefde en aandacht. Ik vertel hem ook dagelijks dat ik van hem houd. De ene keer antwoordt hij: ‘Ik ook van u, mama.’ De andere keer zegt hij plagend: ‘Mahaam, dat weet ik nou wel!’ Er was een tijd dat Sebas een grote broer wilde zijn. Als mijn buik opgezet was, zei hij tegen de juf dat hij een broertje of zusje kreeg. Maar dat zit er niet in. Ik heb 22 ongeboren kindjes, twee keer een elftal in de hemel. Mijn reis naar het moederschap was er een met obstakels en verre van gebruikelijk. Maar ik heb de juiste eindbestemming bereikt. Sebas zei laatst: ‘Mam, ik ben blij dat u geen kindjes van uzelf had. Want als u al andere kindjes had, had ik niet kunnen komen.’ Ik stelde hem gerust: ‘Ook al had ik andere kinderen, voor jou is er altijd plaats.'”

Libelle babbelt met 3 generaties: “Uiteindelijk ben ik hetzelfde als m’n moeder gaan doen”

De beste berichten van Libelle in je mailbox ontvangen? Meld je nu aan voor de nieuwsbrief!

Interview: Amanda van Schaik. Fotografie: Petronellanitta

Lees meer

voor jou geselecteerd

Laat meer voor jou geselecteerd zien