PREMIUM7 winterse anekdotes

7 Winterse anekdotes: “Die piste was véél steiler dan ik had verwacht”

null Beeld Getty Images
Beeld Getty Images

We zijn niet van suiker, dus we gaan óók naar buiten als het sneeuwt of vriest. Maar of dat altijd verstandig is...

Krista IzelaarGetty Images
null Beeld

Hanna (49): “Het is me elke winter weer een doorn in het oog hoe mijn puberdochter naar buiten gaat. Ook al is het onder nul, ze moet en zal de kou in stijl trotseren. De ene winter wil ze blote enkels, het andere jaar alleen een kort leren jackje. O ja, en afgelopen Halloween ging ze doodleuk als halfnaakte ‘mummie’ de straat op – een sexy jurkje van verband met nepbloedvlekken erop. En nee, ze heeft het écht niet koud, zegt ze dan met rollende ogen. Laatst kwam mijn dochter opeens thuis met een nieuwe jas: een soort slaapzak tot haar enkels. Schijnt heel hip te zijn. Wat mij betreft mag deze trend nog wel een jaar of vijf duren.”

null Beeld

Sjanie (68): “Als ik aan de winters in mijn jeugd denk, zie ik mijn moeder voor me in haar gebloemde peignoir. Die dikke kamerjas trok ze over haar kleren aan om naar de keuken te gaan. Waar het bijna vroor, want alleen in onze piepkleine woonkamer stond een kolenkachel. En dan moest in die keuken ook nog het raam open omdat er geen afzuigkap was. In mijn herinnering lag er elke winter sneeuw en kon ik met mijn vriendje Kees wekenlang schaatsen. ’s Ochtends stonden er ijsbloemen aan de binnenkant van mijn slaapkamerraam en was de wollen deken bevroren van het vocht van mijn adem. In de winter van 1963 was het zelfs zo koud dat de Maas was dichtgevroren, ik heb er een auto over zien rijden. Ook zie ik nog de grote ijsbrokken op het strand voor me. De warmste herinnering heb ik aan die keer dat ik acht was en we mijn vaders verjaardag hartje winter vierden. Na het eten was het gaan ijzelen, dus de visite kon niet meer lopend naar huis, veel te gevaarlijk. De hele familie moest blijven slapen in onze piepkleine arbeiderswoning, opa en oma rechtop in de stoel, tantes bij mij en mijn zus in bed. Ja, we hadden het koud, maar ook heel gezellig.”

null Beeld

Hester (46): “Een paar jaar na mijn scheiding kreeg ik iets met een nieuwe man met een grote hobby: wintersport. Elke winter stond hij wel ergens boven op een berg. Zelf had ik nog nooit geskied, maar het leek me een mooie uitdaging om met Theo naar Oostenrijk te gaan. Ik oefende in een beginnersklasje op een flauwe helling. Aan het eind van elke dag was ik kapot, maar ik vond het leuk! Dus toen Theo aan het eind van de week voorstelde om op de laatste dag mijn klasje over te slaan en met hem de lift naar de top te nemen, zei ik ja. Hij wist wel een makkelijke route over blauwe pistes... Terwijl we in de stoeltjeslift zaten, begon het te sneeuwen en stormen. Boven kreeg ik het Spaans benauwd: dit was veel steiler dan ik had verwacht. Ik bibberde en zag geen hand voor ogen. ‘Ski maar achter mij aan!’, riep Theo en weg was-ie. Ik roetsjte een stukje naar beneden, maar mijn benen leken wel van rubber, ik ben nog nooit zo bang geweest. In de verte zag ik de rode jas van Theo die iets naar me riep. Ik keek naar hem, verloor mijn evenwicht en gleed al gillend méters naar beneden. Ik kwam tot stilstand in een grote hoop sneeuw, vlák naast een ravijn. Uiteindelijk ben ik helemaal op mijn billen naar beneden gegleden, vechtend tegen de tranen. Ik was zo blij toen ik beneden aan de Schnapps kon, tot op het bot verkleumd en met het gevoel dat ik ternauwernood een poolexpeditie had overleefd. Het was meteen mijn laatste keer wintersport. En ook met Theo is het uiteindelijk niks geworden.”

null Beeld

Claire (37): “Met mijn kinderen was ik vorig jaar aan het sleeën toen ik dacht: ik wil ook weleens van die heuvel af. Ik stapte op het houten sleetje en zoefde naar beneden. Hoe het kan weet ik niet, ik bleef waarschijnlijk hangen achter een steen of een tak. Met mijn gezicht dook ik zo op de keiharde sneeuw, voor het oog van heel veel kinderen en ouders. Bloedneus, een paar tanden door m’n lip en een blauwe wang. Ik zag er ook de dagen erna niet uit. Toch best gênant als je op je werk moet zeggen dat je bent gevallen met de slee.”

null Beeld

Jiska (39): “Ik zal nooit de keer vergeten dat ik niet meer kon remmen met skiën en zo op een vol terras af vloog. Gillend knalde ik tegen het rek waartegen iedereen zijn ski’s had geparkeerd. Als dominostenen vielen alle latten om en ik maakte een gigantische smak. Ik was zo geschrokken dat ik moest huilen. Toen ik opkeek, zag ik dat het hele terras mij zat aan te gapen. Gelukkig had ik een grote skibril op en een sjaal voor mijn mond. Ik hoop dat iemand anders al die ski’s rechtop heeft gezet, want ik wist niet hoe snél ik weg moest komen daar.”

null Beeld

Jacqueline (51): “De winter was nooit mijn seizoen. Ik kon niet goed tegen de kou en miste die zomerse vrolijkheid. Dus eind januari zat ik altijd in een enorme winterdip. Ik probeerde daglichtlampen en voedingssupplementen, maar niets hielp echt. Twee jaar geleden hoorde ik voor het eerst over de Wim Hof-methode, een koudetraining. Behalve het boosten van je immuunsysteem en nog tal van voordelen, zou het ook helpen bij een winterdip. Het leek me afschuwelijk, maar ik was ook geïntrigeerd: zou het werken? Ik begon met koud afdouchen en het was inderdaad elke dag doorbijten. Al snel merkte ik dat ik me veel beter voelde. Meer gefocust, helder en zelfs vrolijk. Het effect was zo opvallend dat ik vorig jaar een wijnvat in de tuin heb gezet met ijskoud water. Mijn gezin verklaart me voor gek, maar ik begin elke dag nu met een dip in mijn tobbe. Gewoon in m’n blootje, want niemand kan in onze achtertuin kijken. In het weekend rijd ik soms zelfs naar het strand voor een duik in de ijskoude zee. Als ik dan uit het water kom, voel ik me een soort superheld. Ik vind het ongelooflijk wat de kou voor mijn humeur en mijn geluksgevoel heeft gedaan. Ik heb het in huis ook bijna nooit meer koud, waar ik voorheen altijd met een dekentje omgeslagen achter mijn laptop zat. Ik heb heus nog weleens een slechte dag, maar een serieuze winterdip heb ik niet meer. Kom maar door met die vorst!”

null Beeld

Caroline (44): “Tijdens de lockdown van afgelopen winter was ik uit verveling maar weer eens gaan Tinderen. Ik had nul verwachtingen, want al mijn eerdere ervaringen waren nogal teleurstellend. Deze keer had ik al snel een match met een leuke man en de enige manier waarop we konden daten, was tijdens een wandeling, want verder was alles dicht. We spraken af in de koudste week van het jaar. Ik had de keuze tussen mijn eeuwenoude comfortabele roze sneeuwlaarzen en mijn leuke leren enkellaarsjes. Toch maar voor de knappe laarsjes gegaan. Toen ik uit de auto stapte, merkte ik al dat ik niet de handigste keuze had gemaakt. Het was gaan ijzelen, dus met mijn gladde zolen glibberde ik naar de afgesproken plek. Daar stond hij al! Zijn lichaamshouding, zijn glimlach, zijn geruite winterjas... deze man was écht leuk. Ik probeerde zo normaal mogelijk verder te lopen, maar toen ik op twee meter afstand van mijn date was, maakte ik een enorme smak. Beurse bil en een zere pols, de tranen sprongen in mijn ogen. ‘Je valt nu al voor me!’ riep hij uit terwijl hij me galant overeind hielp. Ik schaamde me kapot, wilde het liefst meteen wegrennen, maar zijn reactie hielp. Toen ik van de schrik bekomen was, moest ik zó ontzettend lachen. Op de een of andere manier voelde het meteen vertrouwd met Frank, ik had met mijn val letterlijk én figuurlijk het ijs gebroken. Ik stelde voor om in plaats van te wandelen bij mij thuis glühwein te gaan drinken. Hij is daarna niet meer weggegaan. Frank en ik hebben al bijna een jaar een fijne relatie.”

Meer over

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden