null Beeld

PREMIUMCOLUMN

Agnes: “Het lijkt erop dat we onze boerderij eindelijk hebben gevonden”

Agnes Hofman

Agnes had bijna de moed opgegeven, maar heeft ze nu dan eindelijk haar droomboerderij gevonden?

Mijn hart klopte in mijn keel. Als een malle. Want de eigenaresse van ‘ons’ huis had tegen haar man gemompeld dat ze het over bedragen wilde hebben. Zoon T. en ik liepen op dat moment al anderhalf uur door het huis en de tuin. Hetzelfde huis van mijn vorige column, waar ik volgens T. te ordinair en jong gekleed was. Gelukkig voor hem - ik kan nogal blijven zeuren - viel ik als een blok voor dat huis, vlakbij een grote stad, met enorme tuin en uitzicht op de bergen. Eerlijk is eerlijk, als het om mini-boerderijtjes gaat, ben ik al snel verliefd. Tijdens een bezichtiging sneak ik altijd even weg. Heel interessant hoor, de uitgebreide uitleg over de waterput, maar ik wil juist de sfeer proeven die in de lucht hangt.

Zie ik mezelf deze column tikken op het terras? Eten verbouwen in de tuin? In de weekends met T. een sangriaatje wegtikken, met fruit van ons eigen land? Of met vrienden en familie wanneer ze op bezoek komen? Ja. Bij dit huis was het allemaal ja. En meer. Want het huis is op leeftijd, maar wel heel goed bewoonbaar. Afgezien van wat schilderwerk en een nieuwe keuken hoeven we niet te renoveren. En al het papierwerk bleek nog in orde ook! Is dit te mooi om waar te zijn? Vast wel. Ik vergelijk huizen shoppen vaak met Tinder. De eerste paar keer op de app ben je nog vol verwachting: dit zou zomaar De Man Van Mijn Leven kunnen zijn. Stiekem maak je allerlei toekomstplannen, die je niet eens durft uit te spreken. Maar ergens tussen date drie en vijf komt de aap uit de mouw: hij is niet helemaal eerlijk geweest, jullie persoonlijkheden zijn toch geen match of hij heeft nog een paar sensuele projectjes lopen. Dat kan, dat is het leven. Nou ja, in ieder geval mijn leven. Dus als ik eens - zomaar in het wild - een interessante man spot, ga ik er eigenlijk al vanuit dat het toch niets wordt. En dankzij al mijn ingebouwde reserves komt die negatieve verwachting nog uit ook.

Daarom besloot ik het nu anders aan te vliegen, door te manifesteren. Oprecht te geloven dat we ons droomhuis gingen vinden. Dat was weleens lastig. Zeker die keer toen we tussen de rattenpoep in een vervallen schuurtje stonden. Deze schillenhut zag er op de advertentie toch echt anders uit. Dreigende makelaars - ja, echt! - en niet kloppend papierwerk, hielpen me niet bepaald om het vertrouwen te houden. En toen ik ook nog de huizenprijzen en hypotheekrentes zag stijgen, wilde ik een paar keer moedeloos opgeven. “Misschien is deze droom niet voor ons, schat”, zei ik tegen T. Maar daar wilde hij niets van weten. “Mam, die boerderij gaat er echt komen. Ik voel het”, zei hij. En afgelopen zaterdag bezochten we voor de tweede keer ‘onze’ boerderij. Onze advocaat en de bouwtechnische expert konden geen rare dingen vinden.

Vandaar dat ik een bod had gedaan. Een dat niet werd geaccepteerd, maar ook niet werd afgewezen. “Kom zaterdag even langs, om het er in persoon over te hebben”, had de eigenaresse geappt. Ik zou zelf de onderhandelingen doen, in mijn steenkolen-Portugees. Vandaar dat mijn hart in mijn keel klopte. En echt, als een malle. Vooraf hadden T. en ik ons maximumbedrag besproken, maar ja... Ik ken mezelf. En mijn ouders, die belden om te zeggen dat ik het niet op een paar duizend euro moest laten spaaklopen. “Eventueel springen wij wel bij.” Maar gelukkig is dat niet nodig. De eigenaar schreef een bedrag op papier en liet het me zien. Ik glimlachte, en schudde nee. “Oké, geen probleem”, zei hij. En hij gooide er vijftienhonderd af. Zo ging dat een paar keer, tot we precies op het bedrag kwamen dat T. en ik er graag voor betalen.

De eigenaresse begon te snikken van blijdschap. Want ze vindt het enorm moeilijk om haar ouderlijk huis te verkopen. “Maar nu gaan jullie er wonen, en wordt het weer een familiehuis. En daar ben ik heel gelukkig mee.” Ik voelde T.’s hand op mijn arm en hij kneep. We keken elkaar aan en ook bij ons begonnen de tranen te vloeien. Want als de bank meewerkt en we snel een hypotheek krijgen, lijkt het erop dat we onze boerderij eindelijk echt hebben gevonden.

Agnes Hofman (42) is lifestyle journalist met Nederlandse en Braziliaanse roots. Ze woont in Lissabon met zoon T. (22). Ze schrijft voor Libelle over haar leven, loslaten en gelukkig(er) worden.

Meer over

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden