null Beeld

COLUMN: Hans schept op over zijn renprestaties

Columnist Hans haalde laconiek zijn schouders op: ach, een marathon, wat stelt het eigenlijk voor?

online redactie Libelle Daily

Als het zo uitkomt, mag ik tijdens een gesprek graag tussen neus en lippen door melden dat ik de marathon van New York heb gelopen. Dat is best lang geleden: zondag 22 oktober 1978. Maar altijd als ik het weer vertel, geef ik min of meer de indruk dat deze topprestatie pas onlangs – vorige week, vorige maand, zoiets - heeft plaatsgevonden. Ach ja, een man moet wat overhebben voor bewonderende blikken.

Twee maanden geleden ben ik weer gaan hardlopen. Van mijn conditie van toen is nauwelijks nog iets over. Na nog geen 2 kilometer loop ik doorgaans al ernstig te puffen en te hijgen en zwaar te zweten en moet ik echt een minuut of 10 op een bankje plaatsnemen. Gisteren zat ik daar toen Els langskwam. Els woont verderop in het dorp: ze is begin 40 en loopt eveneens hard – zij het, ik geef het niet graag toe, in een veel sneller tempo. "Hé Hans!", zei ze en stopte bij het bankje. "Even aan het uitrusten? Ben je al lang bezig?"

"Uurtje of 2", loog ik.

"Wow zeg! Hoeveel kilometer?"

"Och, 18, 19, misschien 20", loog ik verder.

"Poeh! Dat haal ik niet hoor. Maar ja, jij hebt nog niet zo lang geleden de marathon van New York gelopen, toch?"

"Klopt", loog ik. Laatst werd me op een buurtbarbecue gevraagd of ik aan sport deed en ik had toen, voor de zoveelste keer, op uiterst bescheiden wijze wat gemompeld over de marathon van New York. "De marathon van New York", zuchtte ze bewonderend, waarop ik laconiek mijn schouders ophaalde, zo van: ach, 42 kilometer en 195 meter, wat stelt het nou eigenlijk voor?

Toen zei ze iets wat me verschrikkelijk deed schrikken: "Zeg, Hans, zullen we samen teruglopen naar het dorp?" Ik probeerde snel een goed excuus te verzinnen waarom ik per se op dit bankje moest blijven zitten – maar er kwam niets in me op. Dus zei ik maar: "Is goed."

"Maar niet te hard hè?"

"Nee hoor, ik houd me in", zei ik.

Het werd een slópende tocht. Ik moest twee dingen tegelijk doen. Wanhopig pogen om Els bij te houden, wat nét lukte, en doen alsof ik nergens last van, wat nét lukte. Totaal kapot kwam ik aan. Ze zei: "Morgen weer?" Ik had moeten zeggen: "Els, die marathon, dat was 37 jaar geleden." Maar had ik al gezegd dat Els erg charmant is en dat ik een man ben? "Ja, leuk!", zei ik.

null Beeld


Hans Verstraaten is getrouwd. Hij is journalist en columnist voor o.a. Management Team. Iedere week schrijft Hans een prachtige column voor Libelle. En omdat we hem jou natuurlijk niet willen onthouden, kun je ’m hier – helemaal gratis en voor niets – nog eens nalezen! Lees ook zijn andere columns.

Beeld: iStock

Meer over

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden