Column Lies Visschedijk: Waar ben ik jaloers op?

Ik vertel natuurlijk niet dat ik de hele ochtend met een schaterende baby op de bank heb gelegen.

Libelle Admin

Soms ben ik jaloers op mensen met een regelmatig leven. Vier dagen werken, je man/vrouw ook vier. Op dinsdag komt je schoonvader oppassen, op donderdag je eigen moeder. Vrijdag ben je lekker thuis en bak je dingen van brooddeeg met je kinderen.

Nee, dan hier. Ik kom ’s avonds om half een thuis uit het theater, veel te wakker om te gaan slapen. Daarom wordt er dan afgewassen, er worden kinderbroeken gerepareerd, de vloer wordt geveegd, de administratie gedaan. Alles om maar niet klaarwakker in bed te liggen koekeloeren. Uiteindelijk ga ik slapen, en het lijkt wel of het een krappe minuut later alweer ochtend is. Er word een baby wakker, en die wil drinken.

Het lukt nooit, regelmaat.

Of het is te druk, of er is niks te doen. Nou ja, niks, met kleine kinderen is het begrip vrije tijd natuurlijk iets wat stamt uit de tijd van de dinosaurussen, uit de tijd dat mensen met pijl en boog rondliepen, kortom: de tijd dat we nog jong waren.

Ja, lieve ouders en carrièretijgers, kijk daar nu nog maar eens op terug.

Ik zie ze zitten, de kinderlozen, samen met de mensen die alles wél enorm goed geregeld hebben. Ze drinken koffie verkeerd op de Noordermarkt, ze lezen kranten in het lentezonnetje of ze doen ingewikkelde dingen met tapas in het uitgaansleven. En op hen ben ik dus stinkend jaloers.

Op mijn huidige werk ben ik de enige met kinderen. En bijna de oudste. Dit heeft mij al meer dan eens de benaming Oma opgeleverd. Een geuzennaam die ik met waardigheid draag.

Als ik ’s middags de spelersbus instap, op weg naar bijvoorbeeld Almere om onze voorstelling te spelen, is mijn vraag steevast: “Hoe was jullie dag?” (Eigenlijk wil ik er met een sinterklaasachtige stem nog “Zo kinderen…” voor zeggen, maar dat durf ik nog niet. Misschien over tien jaar.)

De vrolijke, blozende jonge gezichten van mijn collega’s draaien mijn kant op, en dan tuimelt het over elkaar.

“Ik heb net achteneenhalf uur geluncht bij de Bakkerswinkel met mijn tien beste vriendinnen. Ik ben helemaal kapot, man!”

“Bah, ik moest om tien uur op voor een auditie!”

“Ik had gisteren een surprise-avond voor mijn beste vriend die terug is van een half jaar Botswana en om half zeven ’s ochtends zijn we geëindigd bij iemand thuis die we helemaal niet kenden en toen hebben we nog een broodje gyros gegeten bij snackbar Ma Baker en toen nog drie uur lang Kolonisten van Catan gespeeld, en toen, en toen…”

“Leuk hoor, jongens”, zeg ik.

Steevast is het dan even stil. Vaak zegt de liefste van de groep vervolgens, met zachte stem: “En jij dan, Lies?”

“Ach jongens, ach”, murmel ik dan. “Tja.”

Meestal schuift iemand me dan bemoedigend een kopje koffie toe, of het Parool. De liefste collega’s van de wereld heb ik.

Stiekem zeg ik er dan niet bij dat ik de hele ochtend in pyjama met een schaterende baby op de bank heb gelegen. Of dat ik mijn oudste zoon naar school heb gebracht die in een driedelig kinderkostuumpje gekleed was, compleet met vlinderdasje, omdat hij een spreekbeurt heeft over vliegtuigen.

Zielig doen is ook best fijn.

Actrice Lies Visschedijk (1974) is getrouwd met acteur Marc van Uchelen. Ze hebben twee zoons: Ko (6) en Sjef (1).

Meer over

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden