Maaike bleek ernstig ziek tijdens haar zwangerschap

“Dat ik er nog ben, heb ik aan mijn zoontje te danken”

null Beeld Petronellanitta
Beeld Petronellanitta

Dankzij de NIPT-test die in Nederland nog maar net beschikbaar was, ontdekte de zwangere Maaike Kuethe (37) dat ze lymfeklierkanker had. De chemotherapie kon niet wachten. “Ik was zo bang voor mijn baby.”

Krista IzelaarPetronellanitta

“Ik was 25 weken zwanger toen ik de eerste keer een infuus met chemo- en immunotherapie in mijn arm kreeg. Daar lag ik dan, met mijn dikke buik tussen de andere kankerpatiënten. Ik moest ontzettend huilen, ik was zó bang. De dag erna had ik spierpijn in mijn hele lijf omdat ik me helemaal schrap had gezet. De hematoloog had me verzekerd dat de chemo niet bij mijn kind terecht kon komen. Vanaf het tweede trimester van de zwangerschap is zo’n behandeling veilig. Ik besloot volledig op haar woorden te varen, dat anker had ik nodig, maar het voelde zo tegennatuurlijk. Ik moest mijn best doen om de chemo niet als gif te zien, maar als iets wat mij beter ging maken.

Kwaadaardig

Een paar weken daarvoor zag mijn leven er nog totaal anders uit. Ik was net een jaar getrouwd en makkelijk zwanger geworden, mijn man Pieter en ik konden ons geluk niet op. We waren samen op vakantie in Zuid-Afrika, in een afgelegen huisje aan de prachtige kust, toen ik werd gebeld door het hoofd klinische genetica van het Erasmus MC. Ik was dertien weken zwanger en begon me net wat minder moe en misselijk te voelen. De arts vertelde dat de uitslag van de NIPT-test zeer afwijkend was. Maar omdat op de echo alles prima leek te gaan met de baby, vermoedde hij dat er iets met mij aan de hand was. In doktersjargon liet hij iets vallen over maligniteit, toevallig wist ik dat dit ‘kwaadaardig’ betekent. Ik was totaal in de war. Daar zaten we dan, op een prachtige plek, met nieuws dat waarschijnlijk alles op zijn kop zou zetten. Ik weet niet of ik bang was, de situatie was vooral onwerkelijk. Wat als we de zwangerschap zouden moeten afbreken?

Medische molen

Na thuiskomst werd ik meteen aan allerlei onderzoeken onderworpen. Ik ging de hele medische molen door, vijf weken lang werd er onderzocht en nog meer onderzocht. De internist was gelukkig erg doortastend, ze wilde pas stoppen als er iets was gevonden, daar ben ik haar nog steeds dankbaar voor. Uiteindelijk kreeg ik een CT-scan van mijn borst. En toen zagen ze iets tussen mijn longen. Ik bleek lymfeklierkanker te hebben. Oké, dus toch kanker, dacht ik.

null Beeld

Onverdraaglijk

Ik was bang en pragmatisch tegelijk, en schakelde over op de overlevingsstand. Na een biopt – een vreselijk ellendige ingreep, ik ging fit het ziekenhuis in en kwam eruit als een zieke patiënt – bleek dat het om non-hodgkin ging. Het was een heel agressieve vorm van kanker, wat meteen ook mijn geluk was, want daardoor goed te behandelen. Hoewel mijn prognoses goed waren, was ik soms bang dat mijn kindje zonder moeder zou moeten opgroeien. Ik had vaak een visioen van Pieter en ons zoontje zonder mij erbij. Die gedachte was onverdraaglijk, dus die drukte ik zo snel mogelijk weer weg.

Geen roze wolk

Ik moest zes chemokuren ondergaan, vijf tijdens mijn zwangerschap en één na de geboorte van ons kind. Gelukkig ben ik nooit doodziek geweest van de behandeling. Zelfs op mijn slechtste dagen kon ik buiten nog een rondje lopen. Dat moest van mezelf, ook al was ik soms onbeschrijfelijk moe. Dat ik zwanger was, heeft me er gek genoeg ook doorheen gesleept, ik wilde zo sterk mogelijk zijn voor het kindje in mijn buik. Pieter hielp me ook enorm met zijn optimisme en zijn zorg, ik weet niet wat ik zonder hem had gemoeten. In de derde week na een kuur ging ik vaak zelfs even naar het advocatenkantoor waar ik werkte, om toch een beetje mee te blijven doen. Genieten van de zwangerschap is eigenlijk geen moment echt gelukt. Die roze wolk was er totaal niet. Pieter en ik hebben nog wel samen de babykamer geverfd en kleertjes gekocht, maar ik was er niet helemaal bij met mijn hoofd. Zo had ik allemaal rompertjes in maat 62 gekocht, veel te groot voor een pasgeborene.

Extra echo’s

Ik probeerde mijn zwangerschap en de kankerbehandeling als twee zaken te zien die los van elkaar stonden, alleen zo kon ik het aan. Daarom vond ik het ook moeilijk als mensen vroegen of ik bang was dat mijn stress invloed zou hebben op de baby. Het was allemaal al moeilijk genoeg, ik wilde daar niet te veel over nadenken. Ik kreeg gelukkig veel extra echo’s om mijn baby in de gaten te houden, en telkens weer bleek dat hij prima groeide. ‘Kijk, je kindje heeft haar’, zeiden ze tegen me, terwijl ik zelf mijn haren aan het verliezen was. Daarmee liet de gynaecoloog zien dat de baby echt geen last ondervond van mijn behandeling, heel fijn.

null Beeld

Blakende baby

Hugo kwam schreeuwend en roze ter wereld. Een blakende baby, met een apgarscore van tien, hij deed het perfect. Ik was zo blij en opgelucht dat hij oké was. Mijn bevalling was ingeleid, omdat die precies tussen twee chemokuren in moest worden gepland. Dat was niet ideaal. Het liefst had ik thuis op een skippybal weeën op willen vangen. Het allerbelangrijkste was dat Hugo gezond was. Wat ik heel moeilijk vond, was dat ik hem geen borstvoeding mocht geven. Het kon niet, omdat de chemo hem via moedermelk wél zou kunnen bereiken. Toen ik dat hoorde aan het eind van mijn zwangerschap, had ik het gevoel dat ik faalde: ik ben nog niet eens moeder en ik schiet nu al tekort, dacht ik. Waar ik tot die tijd Hugo en de kanker los van elkaar kon zien, kwamen ze nu ineens samen. Daar kan ik nu nog steeds verdrietig van worden.

Helemaal schoon

Maar uiteindelijk heb ik zo veel geluk gehad: oké, mijn zwangerschap was niet leuk, maar als kankerpatiënt ben ik er heel, héél goed uit gekomen. Zeven weken nadat Hugo was geboren, kreeg ik voor het eerst een scan om te zien of de behandeling was aangeslagen. De dagen dat ik moest wachten op de uitslag waren zenuwslopend. Voor Hugo zorgen bood afleiding, het was de ultieme mindfulness, voor hem móest ik wel sterk zijn. Toen belde de oncoloog me met de uitslag: ik was helemaal schoon. De opluchting was immens, alsof iemand plots was opgehouden me te wurgen.

Stichting STER(k)

Ondanks steun van familie en vrienden heb ik me heel eenzaam gevoeld tijdens mijn zwangerschap. Ik had het gevoel dat ik de enige was. Toen ik hoorde dat er jaarlijks maar liefst tweehonderd vrouwen kanker krijgen tijdens de zwangerschap, ontstond het idee om een stichting te beginnen voor deze vrouwen. Vorig jaar ben ik samen met twee anderen Stichting STER(k) begonnen. Vrouwen vinden het ontzettend fijn om lotgenoten te vinden via onze online gespreksgroep. Ze kunnen informatie op één plek vinden en krijgen support. Het gaat er vooral om dat ze niet alleen zijn. Ik wilde dat ik zelf zo’n plek had gehad tijdens mijn zwangerschap. Dat we dit nu kunnen bieden aan anderen, geeft me het gevoel dat mijn ziekte ook nog ergens goed voor is geweest.

null Beeld

Tweede kindje

Het moederschap is geweldig, ik heb zó’n leuk kind! Hugo is vol leven ter wereld gekomen en zo is hij nog steeds, barstensvol energie en fantasie. Het lijkt erop dat hij godzijdank niets heeft overgehouden aan mijn behandeling, Hugo wordt in de gaten gehouden via een studie van de cancer in pregnancy-poli van het Prinses Máxima Centrum. Zelf sta ik nog onder controle, eerst driemaandelijks en tegenwoordig jaarlijks. Zo’n scan is altijd weer spannend, maar de kans dat het terugkomt is inmiddels een stuk kleiner. Pieter en ik denken nu voorzichtig aan een tweede kindje. Ontzettend spannend. Een totaal onbezorgde zwangerschap zal ik niet meer krijgen, maar misschien dat die roze wolk alsnog komt.

NIPT-test dankbaar

Hugo en ik hebben een sterke band. Zoals mijn vader eens zei: ‘Alle kinderen zijn kostbaar, maar hij is net iets harder bevochten.’ Zo is het. Als hij weleens ziek is, zeg ik tegen Hugo: ‘We hebben wel voor hetere vuren gestaan.’ Dat ik er nog ben, heb ik aan hem te danken. Het is bizar toevallig dat die NIPT-test pas net een paar maanden beschikbaar was in Nederland toen ik zwanger werd. Ik was de derde vrouw in Nederland die er dankzij die test achter kwam dat ze kanker had. Dankzij die test leef ik nog, daar ben ik van overtuigd, want lymfeklierkanker is normaal niet iets wat je zelf in zo’n vroeg stadium zult ontdekken. In mijn geval waren ze er razendsnel bij. En dat heeft Hugo geregeld.” ■

Meer lezen over Stichting STER(k)? Kijk op stermetk.nl.

Styling: Gwendolyn Nicole. | Haar en make-up: Astrid Timmer. | M.m.v. Yolenth Hoogendoorn@Celeb Studio’s (decor), C&A Premium (vest en bloes), Weekday (broek), Zara (laarzen)

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden