Baby clothes, diaper, ultrasonography and toy in moses basket. Preparation for the appearance of a child. Expectation of a child concept.

De dag nadat... ik hoorde dat ik nooit oma zal worden

Baby clothes, diaper, ultrasonography and toy in moses basket. Preparation for the appearance of a child. Expectation of a child concept.Beeld Getty Images

Joyce (66): “Ik zal nooit oma worden. Gisteren kwam mijn dochter Pien het vertellen. Ze stoppen met de vruchtbaarheidsbehandelingen.”

“Terwijl ik bij de kapper zit, overkomt het me ineens: de tranen stromen over mijn wangen. Het lijkt wel of door de aanrakingen aan mijn hoofd het verdriet keihard binnenkomt. Ik begin zelfs hardop te snikken, kan het niet meer tegenhouden. Tegelijkertijd schaam ik me behoorlijk dat iedereen kan zien dat ik huil. ‘Zullen we achter even een glaasje water drinken?’, fluistert mijn kapster Jessica tactisch. Ze loodst me naar het keukentje achterin de salon en zet me op een stoel aan de tafel. Zit ik daar met een nat hoofd en half geknipt haar. Jessica gaat tegenover me zitten. Ze zegt niets, toch merk ik dat ze nieuwsgierig is. Iets verzinnen gaat me niet lukken, in huichelen ben ik nooit goed geweest. Wat geeft het ook, bedenk ik, Jessica is een lieverd en ik ken haar al heel lang. ‘Ik zal nooit oma worden’, zeg ik plompverloren. ‘Gisteren kwam mijn dochter Pien het vertellen. Ze stoppen met de vruchtbaarheidsbehandelingen.’

Pien en haar man Thijs wisten het zeker. Na vier jaar van ziekenhuisbezoeken, hormoonbehandelingen, eicelpuncties en terugplaatsingen wilden ze hun leven terug. Geen enkele keer was een behandeling aangeslagen. Onbegrepen onvruchtbaar, was het eindoordeel van de fertiliteitsartsen. ‘Ik kán niet meer, mam’, zei Pien gisteren, haar ogen vol tranen. ‘We zetten er een streep onder. We gaan een leven zonder kinderen opbouwen. Dat kan ook de moeite waard zijn.’ Ik deed wat een moeder moet doen: ik luisterde naar mijn kind en troostte haar. Pas toen ze weg was, liet ik mijn eigen verdriet toe.

Verdriet om Pien, die zo dapper alle behandelingen had doorstaan. Die al die jaren met hart en ziel bleef geloven dat het zou lukken. Die vijftien kilo aankwam door de hormoonbehandelingen, en enorme stemmingswisselingen kreeg. En ook verdriet om mezelf, omdat ik geen oma word. Voor mij geen oppasdagen, dierentuinbezoekjes en logeerpartijtjes. Een voor een worden mijn vriendinnen oma. Ze zijn er vol van en praten er veel over. Kleinkinderen hebben, het leek me geweldig.

Als Pien de afgelopen jaren bij mij kwam uithuilen dat ze wéér niet zwanger was, kwam af en toe oud zeer boven. Na Pien kregen Harry en ik geen kinderen meer. De oorzaak lieten we niet onderzoeken, want we hadden immers een prachtige dochter. Toch bleef het altijd een wond – die door een kleinkind wat geheeld zou worden, hoopte ik. En Harry zou de leukste opa ter wereld zijn geworden. Dit nieuws zou bij hem ook keihard zijn aangekomen. Voor het eerst in vier jaar voel ik iets wat op opluchting lijkt als ik aan zijn dood denk. Hij hoeft dit niet meer mee te maken.

Jessica pakt me bij mijn arm vast: ‘Ach, wat een verdriet.’ Hoewel ze pas 45 is, heeft ze zelf sinds vorig jaar een kleinzoon op wie ze stapel is en over wie ze regelmatig vertelt. Ze begrijpt me echt, dat voel ik. Haar troost doet me goed. ‘Het gaat wel weer’, zeg ik en ik sta op. De rest van de knipbeurt praten we over ditjes en datjes.

’s Middags voel ik me toch weer rot. In de supermarkt zie ik twee keer een oma met kleinkinderen. Een paar keer hoor ik een hoog kinderstemmetje ‘oma!’ zeggen en zie ik wat een plezier ze hebben. Die ervaring zal ik nooit hebben, dreunt door mijn hoofd. Het lukt me niet meer om aan leuke dingen te denken. Ik heb behoefte aan iemand om mee te praten. Pien wil ik nu niet met mijn tranen belasten en van sommige vriendinnen weet ik dat ze vandaag op hun kleinkinderen passen.

Ik bel een vriendin die alleenstaand is en geen kinderen heeft. ‘Meid, kom lekker hiernaartoe’, zegt ze. ‘Je mag blijven logeren, zo veel praten als je wil en ik ga je verwennen.’ Als ik na een uur rijden bij haar aankom, schenkt ze meteen twee bellen witte wijn in. Twee glazen en een fijn gesprek verder voel ik me stukken beter. We kletsen over andere dingen en al snel gieren we van de lach. Ja, ik heb verdriet en moet een rouwproces door, maar vanavond ga ik er even niet meer aan denken.”

Lees op libelle.nl/dedagnadat of via de Libelle-app hoe Joyce’s verhaal verdergaat.

Meer over

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden