bookazine voorpublicatie

EEN HEEL GEWOON GEZIN

null Beeld Trevillion
Beeld Trevillion

Met zijn vrouw Ulrika en hun dochter Stella leidt Adam een heerlijk leven in een villawijk. Tot Stella wordt gearresteerd op verdenking van moord op een zakenman. Terwijl Adam overtuigd is van haar onschuld heeft Ulrika het idee dat ze iets verzwijgt. Lees hier een fragment uit het nieuwe Bookazine ‘Een heel gewoon gezin’, door Mattias Edvardsson.

We zaten in de serre te genieten van Dino’s pita’s en minipasteitjes. En van handbalverhalen, natuurlijk. Dino kan zich spelsequenties van tien jaar geleden herinneren, daar heeft hij een weergaloos geheugen voor. Mijn sterkste herinneringen zijn juist gekoppeld aan gebeurtenissen buiten de sporthal. Een bus waarvan midden in Jutland de tank ging lekken, een coach uit Skövde die een vurig pleidooi hield voor het nationaalsocialisme, of die keer in Litouwen toen we onszelf hadden buitengesloten en een halve nacht onder de blote hemel moesten doorbrengen.
Alexandra begon al snel te geeuwen bij alle gepraat over handbal. “Hebben jullie het gehoord van de moord?” Dat was een effectieve manier om van onderwerp te veranderen.
“De moord?”
“Hier bij de Polhemschool. Ze hebben daar vanochtend een lijk gevonden.”
“De politie”, zei Ulrika. “Daarom...”
Ze werd onderbroken door de piepende balkondeur. In de kier achter ons kwam Amina tevoorschijn, met glanzende ogen en kleurloos als een uitgeputte schaduw.
“Maar kind, wat zie jij eruit”, merkte Ulrika zonder enige fijngevoeligheid op.
“Ik weet het”, antwoordde Amina schor. Ze klampte zich vast aan de balkondeur, alsof ze bang was in elkaar te zakken.
“Ga maar gauw weer naar bed.”
“Het zal denk ik wel een kwestie van tijd zijn voordat Stella het ook krijgt”, zei ik.
“Want ze was toch bij jou gisteravond?”
Amina’s blik verstrakte. Een seconde, of misschien een fractie van een seconde, maar Amina’s blik verstrakte en ik begreep meteen wat dat betekende.
“Ja, dat klopt.” Ze hoestte. “Ik hoop dat zij het niet krijgt.”
“Ga nu maar naar bed”, zei Ulrika.
Amina trok de balkondeur dicht en sleepte zich de woonkamer door.
Liegen is een kunst die weinigen ten volle beheersen.

Als onze dochters er niet waren geweest, waren Ulrika en ik waarschijnlijk nooit bevriend geraakt met Alexandra en Dino. Amina en Stella waren zes toen ze in hetzelfde handbalteam kwamen. De meeste teamgenoten waren een jaar ouder, maar dat merkte je niet. Amina en Stella gaven allebei al vroeg blijk van een winnaarsmentaliteit. Ze waren sterk, koppig en moeilijk te stoppen. In tegenstelling tot Stella had Amina een buitengewoon gevoel voor de bal.
De eerste trainingen zaten Ulrika en ik op de bank in het zweterige gymlokaal te kijken hoe onze kleine meid zich moe rende. Zo vrij en gelukkig als in de handbalzaal hadden we haar zelden meegemaakt. Dino was de enige trainer van de meisjes, hij was enorm gedreven en spontaan en gaf de kleine handballertjes massa’s liefde. Maar er was een probleem: zijn lichaamstaal. Zo explosief als hij met gebaren en uitroepen zijn vreugde uitte als een van de meisjes een geslaagde actie uitvoerde op het veld, zo duidelijk liet hij zijn teleurstelling zien als het minder goed ging. Ik stelde voor om te vragen wat de andere ouders ervan vonden of ons misschien tot het clubbestuur te wenden. We mochten Dino graag als trainer. Misschien was hij zich er domweg niet van bewust hoe zijn lichaamstaal geïnterpreteerd kon worden.
“We kunnen beter persoonlijk met hem praten”, besloot Ulrika en na de volgende training ging ze naar Dino toe, die volgens de verhalen zelf op hoog niveau had gehandbald.

null Beeld


Ik bleef op de achtergrond, terwijl Dino naar Ulrika luisterde. Toen zei hij: “Je lijkt er kijk op te hebben. Wil je mijn collega worden?”
Ulrika was met stomheid geslagen. Toen ze eindelijk een woord kon uitbrengen, wees ze in mijn richting en zei dat ik meer verstand had van handbal en dat ik vast een uitstekende collega-trainer voor hem kon worden.
“Oké”, zei Dino en hij keek me aan. “Je krijgt de baan.”
De rest is geschiedenis, zoals dat heet. We leidden dat team van het ene succes naar het andere, we reisden half Europa rond en wonnen zoveel bekers en medailles dat ze niet allemaal in Stella’s boekenkast pasten.
Amina en Stella vonden elkaar snel op het handbalveld. Met list en raffinement wist Amina de bal naar Stella over te spelen, die zich losrukte op de lijn en het nooit opgaf voordat de bal in het doel zat. Maar die winnaarsmentaliteit had ook negatieve kanten. Stella was nog maar acht toen het voor het eerst ontspoorde. Tijdens een wedstrijd in de Fäladshal kreeg ze een schitterende pass van Amina, ze was helemaal alleen met de keeper, maar miste. Toen de bal terugstuiterde, pakte ze hem op en gooide hem van drie meter afstand met volle kracht recht in het gezicht van de keeper.
Het werd natuurlijk een chaotische toestand. De coaches en ouders van het andere team renden het veld op en kwamen bij Stella en mij verhaal halen. Het was niet de bedoeling. Stella richtte haar woede nooit op iemand anders, altijd alleen op zichzelf. In haar ergernis over de gemiste kans had ze impulsief gereageerd. Ze had enorm veel spijt, ze was er gewoon kapot van.
“Sorry, ik dacht er niet bij na.”
Dat werd een vaak terugkerende reactie. Bijna een mantra.
Dino zei altijd tegen me dat Stella haar eigen ergste tegenstander was. Als ze van zichzelf wist te winnen, kon ze het verschrikkelijk ver schoppen. Ze kon haar gevoelens alleen zo verdraaid slecht in toom houden. Voor de rest had Stella een prettig karakter. Ze hield rekening met anderen en had een groot rechtvaardigheidsgevoel, ze was een energieke en extraverte meid.
Algauw leefden Amina en Stella samen in een hechte symbiose, ook buiten het handbalveld. Ze zaten bij elkaar in de klas, kochten dezelfde kleren en hielden van dezelfde muziek. En Amina had een goede invloed op Stella. Ze was charmant en snel van begrip, zorgzaam en ambitieus. Wanneer Stella dreigde uit te glijden, was Amina er altijd om tegengas te geven.
Hadden Ulrika en ik Stella’s problemen maar serieus genomen en eerder gereageerd. Ik schaam me als ik eraan denk, maar de grootste hinderpaal was waarschijnlijk onze trots. Voor Ulrika en mij betekende het een fundamentele mislukking als je je heil zocht bij maatschappelijke instanties. Dat lijkt misschien egoïstisch, maar tegelijkertijd is het heel menselijk, en ondanks alles misschien niet helemaal verkeerd bedacht. We hadden de pretentie gehad de best mogelijke ouders te zijn voor ons kind, maar dat hadden we niet waargemaakt.
Misschien had het nooit zover hoeven komen.

null Beeld

Toen we terugfietsten bij Alexandra en Dino vandaan, stonden de politieauto’s nog steeds bij de school. Dat was een naar idee, het kwam veel te dichtbij. Kennelijk was het lichaam gevonden op een speelplaats door een moeder die al vroeg uit de veren was en daar kwam met haar kinderen. Ik huiverde bij de gedachte.
Op onze oprit sprong Ulrika van haar fiets en rende naar de deur.
“Zet je hem niet op slot?” riep ik.
“Moet plassen”, mompelde ze en ze zocht naar de sleutels in haar handtas.
Ik liep met haar fiets aan de hand over het pad en parkeerde hem naast de mijne onder het metalen dak. Ik ontdekte dat ik was vergeten de barbecue af te dekken en ik ging naar de berging om de hoes te halen.
Toen ik het huis binnenkwam, stond Ulrika in de hal.
“Stella is nog steeds niet thuis. Ik heb gebeld, maar ze neemt niet op.”
“Ze werkt vast over”, zei ik. “Je weet dat ze geen mobiel in de winkel mogen hebben.”
“Maar het is zaterdag. De winkel is al een paar uur dicht.”
Daar had ik niet bij stilgestaan.
“Ze zal wel met een collega zijn meegegaan. We moeten haar er vanavond maar weer eens op aanspreken. Ze moet vaker iets van zich laten horen.”
Ik sloeg mijn arm om Ulrika heen.
“Ik kreeg zo’n naar gevoel toen we daarnet al die agenten zagen”, zei ze. “Een moord? Hier?”
“Dat snap ik. Ik vind het ook akelig.”
We gingen op de bank zitten en ik zocht op mijn mobiel het laatste nieuws op over de moord en las het haar voor. Het slachtoffer was een dertiger die hier in de stad woonde. De politie was erg zwijgzaam over de gebeurtenis, maar in een van de boulevardbladen vertelde een buurvrouw dat ze ’s nachts buiten geruzie en geschreeuw had gehoord.
“Dit soort dingen overkomt niet zomaar iedereen”, zei ik, alsof ik en niet Ulrika de expert was op dat gebied. “Het zullen wel alcoholisten of junks zijn. Of een criminele bende.”
Ulrika ademde rustig tegen mijn schouder.
Maar ik zei dat niet om haar gerust te stellen. Ik was ervan overtuigd dat het zo was.
“Ik wilde een carbonara maken.” Ik stond op en zoende haar op de wang.
“Nu al? Ik denk dat ik nu nog geen blaadje rucola naar binnen kan krijgen.”
Ik glimlachte. “Slowfood. Goed eten kost tijd, schat.”
Terwijl het spek siste in mijn zorgvuldig uitgekozen olijfolie uit Campanië kwam Ulrika de trap af denderen.
“Stella is haar mobiel vergeten.”
“Wat?”
Ze stapte rusteloos heen en weer tussen het keukeneiland en het raam. “Hij lag op haar bureau.”
“O jee.” De carbonara bevond zich in zo’n kritisch stadium dat ik het oog erop moest houden. “Is ze die vergeten?”
“Ja, dat zei ik toch! Hij lag op haar bureau.” Ulrika schreeuwde bijna.
Het was inderdaad heel raar dat Stella haar telefoon thuis had laten liggen, maar er was geen reden om te overdrijven. Ik roerde heftig in de carbonara, terwijl ik op de knoppen van het fornuis drukte.
“Laat die pasta nou maar”, zei Ulrika en ze trok aan mijn arm. “Ik maak me echt zorgen. Ik heb Amina net gebeld, maar die neemt ook niet op.”
“Die is toch ziek?” Op hetzelfde moment besefte ik dat de carbonara zou mislukken.
Ik liet de houten lepel op het aanrecht kletteren en trok de koekenpan van de plaat.
“Misschien heeft ze haar mobiel opzettelijk laten liggen.” Ik vocht tegen het gevoel dat in me opwelde. “Je weet dat haar cheffin er iets over heeft gezegd tegen haar.”
Ulrika schudde driftig haar hoofd. “Niet tegen haar speciaal. Dat was een algemeen praatje over het gebruik van de mobiel. Je denkt toch niet dat Stella haar mobiel vrijwillig thuis zou laten liggen?”

null Beeld

Nee, dat klonk niet waarschijnlijk.
“Ze moet hem zijn vergeten. Ze had zeker haast vanmorgen.”
“Ik ga haar vriendinnen bellen”, zei Ulrika. “Dit is niets voor haar.”
“Zou je niet nog even wachten?”
Ik bazelde wat over de moderne techniek en de constante bereikbaarheid en dat we verwend waren met voortdurende informatie over waar onze dochter zich bevond. Eigenlijk was er geen reden om ons druk te maken.
“Ze komt vast zo binnenstuiven.”
Maar tegelijkertijd werd het zeurderige gevoel in mijn maag steeds sterker. Als ouder kun je nooit ontspannen.
Toen Ulrika de krakende trap op sloop, maakte ik van de gelegenheid gebruik om de wasruimte binnen te glippen. Gewoonlijk doet Ulrika daar bijna alles; dat klinkt misschien als een achterhaalde verdeling van de huishoudelijke taken, maar we hebben er nooit afspraken over gemaakt of erover gediscussieerd, het is gewoon zo geworden. De keuken is mijn domein en de wasruimte dat van Ulrika.
Maar nu ging ik erheen. Het was toch niet gewoon toeval? Ik opende het deurtje van de wasmachine en trok de vochtige kledingstukken eruit. Een donkere spijkerbroek die ik eerst binnenstebuiten moest keren om met zekerheid vast te kunnen stellen dat die van Stella was. Een zwart topje dat ook van Stella was. En de witte bloes met bloemen op het borstzakje.
Haar favoriete kledingstuk deze zomer.
Ik hield de bloes in mijn ene hand en zocht met de andere naar een hangertje. Toen zag ik het.
Stella’s lievelingsbloes. De rechtermouw en de borst zaten onder de donkere vlekken.
Ik keek naar het plafond en bad in stilte. Tegelijkertijd wist ik dat God hier geen moer mee te maken had. ■

null Beeld Caroline Andersson
Beeld Caroline Andersson

De Zweedse auteur Mattias Edvardsson is ook docent op een middelbare school. Van Een heel gewoon gezin werden in Zweden ruim 100.000 exemplaren verkocht. Inmiddels is dit boek al in meer dan 30 landen uitgegeven. Edvardsson woont met zijn (gelukkig heel gewone!) gezin in het Zweedse Löddeköpinge.

null Beeld

PS

Lees het verhaal van Adam, Ulrika en Stella in Bookazine 6, vanaf 27 mei in de winkel.

Meer over

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden