“Ik ga niet kijken hoor, wil mijn favoriete kroeg niet zien afbranden”, zei de vader in spe Beeld Getty Images
“Ik ga niet kijken hoor, wil mijn favoriete kroeg niet zien afbranden”, zei de vader in speBeeld Getty Images

“Ik ga niet kijken hoor, wil mijn favoriete kroeg niet zien afbranden”, zei de vader in spe

Tara Stokdijk

Libelle’s Tara ging samen met haar vriend naar een bevalcursus. Hoewel de informatie over ontsluiting, vluchtkoffers en puffen interessant was, waren het de andere koppels die haar het meest fascineerden.

We waren met tien stellen, allemaal in verwachting van ons eerste kind. Nog nooit eerder was ik in een ruimte met zoveel lotgenoten. Ik vond ze gelijk mateloos interessant. Hoewel mijn ogen eigenlijk op cursusleidster Josefien en haar zorgvuldig voorbereidde Powerpoint-presentatie gericht moesten zijn, wilde ik liever alles weten van de mede-zwangeren in de groep. Hoeveel weken zijn zij al zwanger? Zijn hun buiken groter of kleiner dan de mijne? Hoe is de relatie met hun partner en welke vragen hebben zij? Ik luisterde geïnteresseerd toen een van de zwangeren vertelde waarom ze per se in bad wil bevallen (‘minder kans op uitscheuren’) en waarom een ander dat absoluut niet wil (‘supergoor, lig je in al die lichaamssappen!’). Al gauw bleek dat er één iemand in de ruimte was die wel heel graag van zich wilde laten horen. En nee, dat was geen zwangere, maar een van de aanstaande vaders, Duncan.

“Duncan, wil je dat ik een raam opendoe, volgens mij heb je het warm?”, aldus cursusleidster Josefien. Duncan had inderdaad een kop als een boei. “Nou, ik krijg het vooral warm van al dat gepraat over bloed en inknippen en zo”, verklaarde Duncan. Fijne wedstrijd dan vriend, dacht ik nog, maar Josefien schrok: “Goed dat je het zegt. Ik had eigenlijk vooraf even moeten vragen of iemand hier moeite mee heeft, sorry.” Ze besloot het woord ‘bloed’ de rest van de cursus niet meer te noemen, het werd ‘B’. B-verlies, B-prop, B bij het plassen. Ook de dia met foto’s van placenta’s werd overgeslagen. Dat laatste stelde me best teleur – ik vind die gekke groeizakken uitermate boeiend - maar Duncan deed het zichtbaar deugd dat er rekening werd gehouden met zijn tere ziel.

Al gauw begon Duncan zich ook hoorbaar op zijn gemak te voelen. Sterker nog: het leek wel alsof Duncan dacht dat de gehele groep op speeddate was met Duncan. Begon Josefien over eten meenemen in de vluchtkoffer, vertelde hij over zijn backpackervaring in Azië. “Ik kan dagenlang op één banaan leven hoor, dat maakt me niks uit.” Kwam Josefien bij het hoofdstuk ‘ademhalingstechnieken’, bleek er in Duncan een ware Wim Hof te schuilen. “Als je op de juiste manier ademt, voel je geen pijn.” Stel je voor dat je man dit tijdens een weeënstorm tegen je zegt, dan wil je hem toch het liefst in een ijsbad verzuipen?

Ik bleek niet de enige met irritatie jegens deze lomperik. Koppels wisselden betekenisvolle blikken met elkaar uit en af en toe zag ik een stel ogen wegdraaien. Toch hadden we het ergste van Duncan nog niet gezien. Toen de persfase van de bevalling ter sprake kwam, besloot Duncan woorden uit zijn mond te persen die nog gênanter waren dan iedere vorm van ontlasting op een hagelwit ziekenhuisbed. “Ik ga dan echt aan de andere kant van de kamer staan hoor”, zei hij. “Ik hoef dat niet te zien. Die beelden krijg ik nooit meer van mijn netvlies. Net alsof ik mijn favoriete kroeg zie afbranden.” De groep zuchtte, maar het geluid werd overschaduwd door Duncan’s bulderende lach. Je zou maar zo’n vent hebben. Niet alleen eentje die niet tegen bloed kan – dat hoor je een vrouw toch niet zo snel zeggen, we dealen immers maandelijks met een bloedend orgaan - maar ook nog eens eentje die niet begrijpt dat een afgebrande kroeg toch nét iets vervelender is voor de kroegeigenaar dan voor de lompe gast die er af en toe eens een biertje komt drinken. “Wat vind jij daarvan, Inge?”, vroeg Josefien. Tot nu toe bleef Duncan’s vriendin stil. We keken haar verwachtingsvol aan. “Prima hoor. Als hij met zo’n smoel aan m’n bed staat, trap ik hem nog een bloedneus. O, sorry, schatje… B-neus.” Duncan was af.

Tara (28) is online redacteur bij Libelle. Ze woont samen met haar vriend en kat en is zwanger van haar eerste kind.

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden