It was an itsy bitsy teenie weenie…

null Beeld Brunopress, Getty images
Beeld Brunopress, Getty images

De consternatie bij de presentatie van de eerste bikini op 5 juli 1946 was enórm, nu 75 jaar geleden. Speciaal voor Internationale Bikinidag (jawel!) vertellen deze zes vrouwen over hun eerste exemplaar.

null Beeld

Lenie (67) maakte als puber haar eigen bikini.

“Ik was een jaar of dertien toen ik heel graag een bikini wilde, maar dat mocht niet van mijn ouders. Ze waren al wat ouder en ouderwets. Nee zeg, een bikini! Jurken moesten ook altijd een degelijke lengte hebben. Wat kort en bloot was, was onzedelijk en modern. Ik moest het doen met een rozerood badpak. Maar toen mijn moeder een keer weg was, knipte ik het doormidden. Ik maakte met zo’n handnaaimachine een tunneltje waar het broekje moest eindigen en haalde er elastiek doorheen dat ik had gepikt. Heel spannend was dat. Omdat ik bang was dat mijn moeder ineens thuis zou komen, naaide ik het topje op een ander moment. Ook daarin maakte ik een tunneltje met elastiek. Ik moest de bikini dus over mijn hoofd aan en uit doen, maar ik was er hartstikke trots op. Ik kreeg ook van niemand commentaar dat die bikini er niet goed uitzag.
Het duurde twee maanden voordat mijn moeder erachter kwam wat ik met mijn badpak had gedaan. Als we gezwommen hadden, spoelde ik de bikini uit bij het zwembad en hing ik ’m over een stoel te drogen in mijn kamer. Mijn moeder kwam nooit boven, want dan moest ze een heel smal trapje op en dat kon ze niet. Maar op een dag had ik mijn zwemtas beneden laten staan en had zij mijn natte spullen eruit gehaald om die te laten drogen. Zo vond ze niet één maar twee rozerode stukjes. Ze was niet eens boos en zei dat ik de bikini netjes had gemaakt. Maar mijn vader mocht het niet weten.”

“Met een badpak hoefde ik niet te vertellen hoe ik aan dat litteken kwam”

Kim (40) droeg altijd een badpak, maar leerde dankzij haar man anders kijken naar het litteken op haar rug.


“Ik ben als kind bij een verkeersongeluk ternauwernood aan de dood ontsnapt. Daar heb ik een litteken op mijn onderrug aan overgehouden. Om niet steeds te hoeven vertellen hoe ik aan dat litteken kom, droeg ik altijd een badpak. Totdat ik zeven jaar geleden mijn huidige man ontmoette. Toen hij mijn litteken zag, zei hij: ‘Wat mooi. Het lijkt wel een kunstwerk.’ Sindsdien ben ik anders naar dat beschadigde stuk huid gaan kijken. Ik zal niet zeggen dat ik het kunst vind, maar het hoort wel bij mij. Samen met mijn man heb ik zeven jaar geleden mijn eerste bikini gekocht. Wat voelde het fijn om de zon op mijn rug te voelen.”

null Beeld

Ellen (55) moest de bikini dragen die haar moeder uitkoos.

“Tot ik op mijn achttiende het huis uit ging, had ik niets te vertellen. Ik mocht niks van mijn ouders. Ik mocht niet uitgaan, niet bij vriendinnen logeren en geen eigen kleren kopen. Mijn eerste bikini werd dan ook in mijn afwezigheid door mijn moeder gekocht. Ik zie die plastic tas nog voor me. Ik keek er als dertienjarig meisje hoopvol naar, maar wat eruit kwam, vond ik werkelijk verschrikkelijk.
Het boven- en onderstukje pasten niet bij elkaar. Wel qua kleur, maar de patronen van het topje en het broekje waren anders. In mijn herinnering was het bovenstukje wit met groene en rode driehoekjes, en was het broekje groen met witte en rode rechthoekjes. Zoiets. Nu zou het hip zijn, toen vroeg iedereen aan mij: ‘Wat heb jij nou toch aan?’ En ik was al zo onzeker over mijn lijf. Ik was een lange, platte lat en ik kon ook nog niet goed zwemmen. Echt, die bikini is een vreselijke herinnering.”

“Die stukjes stof waren voor mij hét symbool van vrijheid”

Loubna (44) komt uit een islamitisch gezin. Een bikini dragen was uit den boze.

“Toen ik nog een hoofddoek droeg, droomde ik al van een bikini. Vanaf mijn zestiende ging ik weleens naar de Bijenkorf om me te vergapen aan die felgekleurde broekjes en topjes met kraaltjes en frutsels. Prachtig vond ik ze. Ik ging de rekken door, pakte ze in mijn hand. Ooit zou ik weten hoe het zou voelen om over het strand te lopen en de wind en zon op je huid te voelen, fantaseerde ik. Bang dat iemand me zag, was ik niet. Religieuze Marokkanen kwam ik daar niet tegen. Volgens de Koran mag een vrouw geen begeerte opwekken en de focus op de vrouwelijke kuisheid was thuis groot. Niet alleen mijn ouders, maar ook mijn twee broers controleerden of ik wel zedelijk genoeg was gekleed. Zelfs mijn drie jaar jongere broertje vond het nodig om tegen mij te zeggen dat ik mijn hoofddoek om moest doen als ik over de galerij van onze flat liep om de post te halen.
Als jong meisje vond ik het al oneerlijk dat mannen in de islam meer vrijheden hadden dan vrouwen. Mijn broers konden doen en laten wat ze wilden. Ze gingen uit, hadden vriendinnetjes, reden op een brommer, droegen de hipste broeken. Ik mocht niet eens een strakke broek aan, want o, o, dan zag je de vorm van mijn billen. Na school moest ik meteen naar huis komen. Alleen in de vakanties mocht ik vanaf mijn zestiende weleens de stad in met vriendinnen. Geregeld ging ik de discussie aan, maar ik vocht in mijn eentje tegen vijf mensen: mijn ouders en mijn broers. En als ik ongehoorzaam was, als ik na school nog even met wat vriendinnen bleef kletsen, brak er thuis ruzie uit en volgden er vaak klappen van mijn vader of van een van mijn broers.
Ik kon niet wachten tot de dag aanbrak dat ik de deur uit kon om Engels te gaan studeren. Ik werd ook enorm kwaad toen ik niet mocht studeren van mijn ouders. Mijn broers lummelden erop los, ik deed mijn best op school, haalde goede cijfers en ik mocht niets maken van mijn toekomst. Zij zagen een toekomst als huisvrouw voor mij, als moeder. Toen brak er iets in mij. Ik zocht hulp bij een docente en zij zorgde ervoor dat ik me kon inschrijven bij een universiteit, dat ik een studiebeurs kreeg en dat ik een veilige plek kreeg om te wonen. Thuis was ik niet meer welkom, nog steeds niet. Heel af en toe heb ik app-contact met mijn moeder.
In die verdrietige periode was er wel een mooi moment. Of eigenlijk twee. De keer dat ik naar de winkel ging om een bikini te passen en te kopen. Een felle kleur durfde ik nog niet aan, dus het werd een zwarte, maar wat liep ik opgetogen de winkel uit. Die stukjes stof waren voor mij hét symbool van vrijheid.
Ik herinner me ook nog precies hoe het voelde toen ik die bikini voor het eerst droeg. Ik was op het strand met een vriendin en zei tegen haar dat ik dacht dat iedereen naar me keek. Zij zei dat het onzin was, rende naar zee en toen liet ik mijn handdoek los en rende achter haar aan. Ik voelde de wind langs mijn lichaam, de zon op mijn huid: een ongelooflijk gevoel. Ik heb me zelden zo sterk gevoeld als toen. Die bikini heb ik zeker tien jaar bewaard om dat gevoel op te roepen als ik me onzeker voelde. Inmiddels draag ik de felst mogelijke kleuren.”

null Beeld

De bikini die de moeder van Betty (53) maakte, was geen succes.

“Toen ik tien was, besloot mijn moeder voor mij een bikini te maken. Ze maakte altijd alle kleren zelf, dus dit zou vast ook wel lukken, dacht ze. Het bovenstukje bestond uit twee driehoekige lapjes met twee koordjes om te strikken, op de rug en in de nek. Het broekje kon ik aan de zijkanten strikken. De bikini was wit of ecru met een blauw en rood streepje. Dat was nog oké, maar ik vond de stof afschuwelijk lelijk, en dat was niet het enige. Het probleem waren de rode koordjes die had ze gehaakt. Als die koordjes nat waren, werden die twee keer zo lang en verloor ik die bikini bijna tijdens het zwemmen. Ik was dus steeds bezig die veel te losse bikini te strikken. Ik weet nog dat een onbekend meisje in het buitenbad in de Brabantse bossen tegen mij zei: ‘Wat heb jij een rare bikini aan.’ Ik vertelde dat mijn moeder die had gemaakt en vanaf dat moment plaagde ze me ermee. Wat was ik boos op mijn moeder. Waarom moest ze altijd alles zelf maken? Toen ik op mijn veertiende zelf zwemkleding mocht kopen, werd het toch echt een badpak.”

“Mijn lijf laat zien dat ik keihard heb geknokt om te komen waar ik nu ben”

Puck (25) overwon haar eetstoornis en kijkt uit naar haar eerste zomer in bikini.

“Ik durfde nooit een bikini te dragen. Vanaf mijn veertiende jaar worstel ik met mijn lichaam. Ik was ontzettend onzeker. Ik ging wel met vriendinnen mee zwemmen, in badpak, maar ik kon daar nooit zorgeloos van genieten. Ik had altijd een handdoek of iets anders om me heen gewikkeld. Vanwege mijn onzekerheid ging ik sporten en lijnen, maar ik schoot erin door en ontwikkelde een eetstoornis. Rond mijn zeventiende kreeg ik eetbuien. Als ik me slecht voelde, at ik. Of beter: vrat ik. Dat hielp om heel even niks te voelen, maar twee minuten later kwamen de schaamte en het schuldgevoel boven. Ik werd nog onzekerder, trok me terug in huis en groeide van vijfenvijftig naar honderdvijfendertig kilo.
Na veel therapie koos ik in 2017 voor een maagverkleining. Ik vergeet nooit wat de arts zei: ‘Ik help je met de eerste vijf procent, de andere 95 procent moet je echt zelf doen.’ Ik viel 75 kilo af en voelde me als herboren. Helaas sloeg ik weer door. Uit angst om weer dik te worden, sportte ik veel en at ik te weinig. Ik was een skelet met loshangend vel. Voelde ik me voorheen te dik voor een bikini, nu was ik te dun. Ik moest meer eten, maar dat durfde ik niet. Tot ik in februari zwanger werd – toen kon ik me er vanwege de baby toe zetten om normaal te leren eten. Ik heb nog nooit zo’n boost in mijn lichaam gevoeld als nu. Voor het eerst in mijn leven ben ik trots op mezelf en vooral heel erg trots op mijn lichaam. Ik poseer vrolijk met mijn zwangere buik voor de spiegel, maak foto’s tot ik een ons weeg en ik kan niet wachten op de zonnige dag waarop ik in bikini het strand op loop en ik de mensen gewoon mijn lijf toon. Voor het overtollige vel dat ik nog bij me draag, schaam ik me niet langer. Het laat zien dat ik keihard heb geknokt om te komen waar ik nu ben. Niet meer en niet minder.” ■

Meer over

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden