null Beeld

Column

James: “Werken is uitstellen. Vrijdag doen wat maandag al moest”

James Worthy

Hij is schrijver, journalist en columnist. James Worthy (40) is getrouwd met Artie en vader van James (7). Voor Libelle schrijft James columns waarin liefde centraal staat: voor zijn ouders, zijn gezin en het leven. Geestig, soms hartverscheurend, maar bovenal eerlijk en ontroerend. Deze week schrijft hij over het schrijven van een boek en een oud medicijnkastje.

De trouwjurk van mijn moeder

De komende drie weken slaap ik bij mijn moeder. Deze column schrijf ik in mijn oude kinderkamer. Er staat hier een bureau en ik word omringd door kledingrekken. Aan de rekken hangen oude kledingstukken. Ik pak de trouwjurk van mijn moeder van het rek. Ik was nog niet geboren toen mijn ouders trouwden. Eigenlijk wil ik de jurk aantrekken, gewoon, omdat ik dan kan zeggen dat ik erbij ben geweest.

Mijn moeder klopt aan en komt binnen met een kopje thee en een boterham. “Hoe gaat het schrijven, jongen?”, vraagt ze. Er zitten zes krulspelden in haar haar.

Als mensen aan mij vragen hoe het schrijven gaat, zeg ik steevast “goed” of “lekker”, maar het schrijven gaat nooit ‘goed’ of ‘lekker’. Muskaatwijn is lekker. Een gratis vakantie is lekker. De geur van benzine is lekker. Een schoolrapport is goed. Een gebit is goed. Secundaire arbeidsvoorwaarden zijn goed. Schrijven is gewoon werken. En werken is uitstellen. Vrijdagmiddag doen wat je maandagochtend al had moeten doen.

‘”Het gaat lekker, mam. Ga je zo naar het casino?”, vraag ik.

“Jazeker. Geef me even een kus. Jij brengt altijd geluk.”

Ik probeer al mijn geluk naar mijn lippen toe te persen en kus mijn moeder op de wangen.

Ze trok het medicijnkastje van de muur

“Heb je vandaag al gedoucht?”, vraagt ze.

“Nee, nog niet. Ik vind de badkamer nog een beetje lastig.”

“Had ik dat medicijnkastje moeten laten hangen?”

“Nee, dat is het niet.”

Maar dat is het wel. In de douche van mijn ouderlijk huis heeft zeker dertig jaar een medicijnkastje gehangen. Twee deurtjes en een spiegel. Ik gebruikte de deurtjes nooit, maar die spiegel was mijn vriend. Als ik aan het douchen was, had ik gesprekken met mijn spiegelbeeld. Ik interviewde mezelf. Het was mijn De Wereld Draait Door.

Ik heb de deurtjes denk ik maar twee keer in mijn leven opengetrokken. In het medicijnkastje lagen medicijnen en wat make-up van mijn zus.

“Ik was gewoon klaar met dat kastje”, zegt mijn moeder.

Een paar weken na de dood van mijn vader trok ze het kastje van de badkamermuur. Ik stond naast haar. Ik was trots op haar, maar ik vond het ook een grote stap. Misschien wel de grootste stap sinds de dood van mijn vader. Hoe gek is dat? Dat het verwijderen van een medicijnkastje zo pijnlijk kan zijn?

“Dat begrijp ik, mams.”

“Ik vond het wel een logische stap eigenlijk. Je vader slikte medicijnen, maar hij is er niet meer. De medicijnen hebben niet geholpen, dus ik vind niet dat ze een eigen kast verdienen.”

“Je hebt gelijk. Laat die pillen lekker door het hele huis slingeren. De klootzakken.”

Spiegel

“Jij hield van dat medicijnkastje, hè?”, vraagt mijn moeder.

“Nee, ik hield van die spiegel. Vooral in mijn puberteit. Mijn huid was slecht, ik stotterde en ik had een beugel. Ik stotterde toen echt erg. Als ik aan het praten was, of probeerde te praten, liepen mijn klasgenoten soms gewoon weg. Ze hadden geen tijd voor mijn gestotter. Maar mijn spiegelbeeld is nog nooit weggelopen. Hij bleef staan. Hij luisterde en omdat hij langer bleef staan, kon hij me begrijpen. In die tijd was de spiegel op het medicijnkastje mijn medicijn.”

“Ik heb dat kastje niet weggegooid, jongen. Het ligt op zolder. Wil jij hem in jouw huis ophangen?”, vraagt ze.

“Nee, hoor, maar ik denk wel dat ik hem vanavond bij het huisvuil ga zetten. Mag dat?”

“Natuurlijk mag dat, maar dan wil ik wel dat je eerlijk tegen me bent. Hoe gaat het schrijven, zoon?”

Pistachenootjes die niet open willen

“Moeizaam. Je hebt toch van die pistachenootjes die niet open willen? Die blijven dan achter in het bakje. En toch probeer je ze te openen. Een kwartier later heb je ze dan open. Je hebt het gewonnen van de nootjes. Maar dan kauw je op die dingen. Man, ze zijn zo hard en goor en droog. De nootjes hebben alsnog gewonnen. Zo gaat het momenteel ook met het schrijven van mijn boek. Alles wat ik schrijf is geforceerd en alles wat geforceerd is, is droog.”

In de avond loop ik met het medicijnkastje naar de hoek van de straat. Mijn moeder is nog niet terug van het casino. Misschien hebben mijn lippen geholpen. Ik hoop het.

Ik kijk in de spiegel van het medicijnkastje en lach naar mijn spiegelbeeld.

“Floortje Dessing, Prem Radhakishun, Ray Slijngaard, Koos Postema, Monique van de Ven, James Worthy. Tafelheer: Jan Mulder. Dit is De Wereld Draait Doorrrrrrrrr.”

Meer over

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden