null Beeld Ilja Keizer
Beeld Ilja Keizer

James: “Zes uur later sta ik voor de poort van zijn school. Naast mij staat een moeder te snikken”

Hij is schrijver, journalist en columnist. James Worthy (40) is getrouwd met Artie en vader van James (7). Voor Libelle schrijft James columns waarin liefde centraal staat: voor zijn ouders, zijn gezin en het leven. Geestig, soms hartverscheurend, maar bovenal eerlijk en ontroerend. Deze week schrijft hij over de eerste schooldag na de zomervakantie.

Op het aanrecht ligt de lege broodtrommel van mijn zoon. Ik heb nog vijf minuten om twee boterhammen voor hem te smeren. Naast de lege broodtrommel ligt een leeg fruitbakje. Ik heb nog vijf minuten om twee boterhammen voor hem te smeren en om iets van fruit te vinden. Shit, de zomervakantie is nu echt voorbij.

Het brood is nog bevroren, maar dat maakt niet uit. Dan begin ik wel met het fruit. In de kelder van de groentela vind ik twee appels. Het zijn niet de mooiste appels die ik ooit heb gezien, maar het zijn appels. Ze liggen al zo lang in de groentela dat ze op andere groente- en fruitsoorten zijn gaan lijken. De ene appel heeft lang onder een stronk broccoli gelegen en de andere lag zij aan zij met een zacht geworden courgette. Het vocht van de courgette laat de appel glimmen. De groentela is een prachtige plek. Hoe alles samensmelt en samengroeit. De mens kan wat dat betreft nog veel van de groentela leren.

Met pijn in mijn hart leg ik de appels terug in de la. Mijn zoon is acht jaar oud. Hij zit sinds vandaag in groep 5. Dit zijn geen groep 5 appels. In de fruitschaal ligt een mango. Alleen een mango. Vroeger hadden we altijd een propvolle fruitmand, maar tegenwoordig ligt bijna al het fruit in de koelkast. Soms, als ik in een stoute bui ben, leg ik wat koelkastfruit in de fruitmand. Gewoon, omdat ik het zielig voor de fruitmand vind. En een paar uur later krijg ik dan op mijn kop van mijn vrouw.

“Wie heeft dit in de fruitmand gelegd? Dit hoort hier niet.”

“Dat weet ik, schat. Maar vroeger stopten we alles in de fruitschaal.”

“Dingen veranderen, James.”

“En dat vind ik lastig. Vind jij het niet zielig voor de fruitmand? De fruitmand hoeft niet eens meer een mand te zijn. Een schaaltje is genoeg. Of een soepkom.”

Ik leg de mango op het aanrecht en haal drie keer diep adem. Ik ben niet goed in mango’s. In het snijden van mango’s. Ik ben een slimme jongen en ik lees veel, maar geef mij een mango en een mes en ik val volledig door mand.

Ik leg de mango weg en voel of het brood al wat minder bevroren is. Gelukkig. Dan begin ik maar met zijn brood. Ik kijk naar zijn nieuwe broodtrommel. Op bovenkant staat een afbeelding van Venom. Venom is een soort superheld. Veel mensen zien Venom als een slechterik, maar voor mijn zoon is hij een held. Hij is meer goed dan slecht, en dat is goed genoeg voor mijn zoon. Twee jaar geleden had hij nog een broodtrommel van Bob de Bouwer. Dingen veranderen. Helden worden schurken en schurken worden helden. En alle helden gaan vervelen.

Zes uur later sta ik voor de poort van zijn school. Naast mij staat een moeder te snikken.

“Gaat het?”, vraag ik.

“Sorry”, zegt ze.

“Je hoeft geen sorry te zeggen. Ik vond het ook spannend vandaag. Die eerste dag is altijd spannend. Er kan veel in een zomervakantie gebeuren. Kinderen veranderen. Vriendschappen veranderen. Mijn zoon is in de vakantie een heel ander mens geworden. Hoe hij praat, hoe hij leest, en hoe hij kijkt. Hoe gaan die vriendjes en de leraren met deze veranderingen om? Laten ze het toe? Of is hij te snel gegaan?”

“Mijn dochter was zo zenuwachtig vanochtend. Ze was echt aan het trillen op de fiets. Ik vroeg aan haar waarom ze zo zenuwachtig was. En weet je waarom ze het was? Ze was bang om aan de klas te vertellen hoe leuk haar vakantie was geweest. Ze vond het de beste vakantie ooit. Ze was bang dat ze de beste vakantie van haar klas had gehad. En dat vond ze niet leuk voor de andere kinderen. Hoe zouden die gaan reageren, weet je wel?”

“Wat ontzettend lief.”

“Misschien iets te lief?”, vraagt de moeder.

“Nee, precies lief genoeg.”

Mijn zoon loopt de poort uit. Zijn rugzak is groter dan Jupiter. Vroeger rende hij op me af, maar nu loopt hij gewoon. Hij loopt heel rustig op me af en steekt zijn hand uit. Ik geef hem een hand en vraag hoe zijn dag was.

“Daar hebben we het later nog wel over, pap.”

“En was je tevreden met je brood en je fruit?”

“De broodjes waren lekker, maar mijn fruitbakje viel tegen. De appel had een gekke kleur en smaakte naar witlof. En wie had die mango gesneden? Mama snijdt de mango altijd in mooie plakken. Dit waren meer kruimels of zo. Brokjes mango. Het leek wel kattenvoer.”

“Maar je hebt het wel opgegeten, toch?”

“Natuurlijk, ik moet nog groeien, pap”, lacht hij.

Zijn lach vult mijn hart.

Mijn zoon lacht de fruitschaal vol.

Meer over

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden