José Beeld Tamar Ottink
JoséBeeld Tamar Ottink

Column

José: “Soms wil een mens op reis, voorbij Arnhem of Maastricht, voor een avond op een Frans dorpsplein met eeuwenoude bomen”

Bladenmaker en journalist José Rozenbroek is een nieuwsjunk. Elke week schrijft ze voor Libelle een column over wat haar opvalt en waarover ze zich opwindt.

Friesland is mooi, Schiermonnikoog fantastisch en Zuid-Limburg lijkt wel het buitenland. Ik heb het halve land bewandeld in coronatijd dus ik kan het weten. Een vakantie op de Drentse hei of in een huisje aan de Noordzee: ik haal er mijn neus niet voor op. En toch lonkte deze natte zomer het buitenland, Frankrijk om precies te zijn, waar ik was uitgenodigd door vrienden die een huis hebben in de Drôme. Ik had gretig beide vaccinaties in de armen laten spuiten, mijn QR-code werkte, niets wat me tegenhield. De vriendelijke garagist om de hoek checkte mijn Fiatje, pompte de banden op, gooide een litertje olie onder de motorkap en weg was ik. Door België en Luxemburg, verder naar het zuiden. Ik overnachtte in een ommuurd stadje waar ik ’s avonds wandelde door de eeuwenoude straten, huizen met luiken waarachter het leven van andere mensen schemerde: flarden muziek, gelach, een kind dat huilde, een televisiecommentator die juichte.

De man in de rolstoel

Twee dagen later zaten we ‘s avonds op een dorpspleintje onder de platanen te eten. Rosé, slappe frieten, soupe au pistou. Een godenmaaltijd was het niet, maar wat kon het schelen, de avondlucht was zoel, de sfeer als in een Franse film. Ik keek naar een oude man in een rolstoel. Hij had een voornaam gezicht en iets vaags bekends. Stil zat hij te midden van een luidruchtig gezelschap van muzikanten die later op de avond een concert zouden geven. Geduldig liet hij zich een servet voorknopen door een vrouw in een rode jurk die zijn wijn inschonk, zijn broodje smeerde, om hem heen fladderde als een maîtresse die eindelijk haar kans schoon zag om de liefde van haar leven te betuttelen. Hij liet het zich allemaal lijdzaam aanleunen, maar ik verbeeldde me dat hij het liefst hard was weggelopen. Ook mijn vriend keek naar de man. ‘Dat is Jean-Louis Trintignant’, zag hij opeens, ‘je weet wel, die acteur.’ We googleden, vergeleken de foto’s op het internet met de man in de rolstoel. Verdomd, het was hem, ik had hem zien spelen Un homme et une femme en nog maar een paar jaar geleden acteerde hij in het vervolg op die film, Les plus belles années d’une vie. De mooiste jaren van je leven. En nu zat hij daar, gevangen in zijn oude lijf, op een plein in een niksig dorpje in Zuid-Frankrijk.

Muziek om bij te wenen

Een uur later zaten we tussen de Fransen te luisteren naar een bandoneonist die Piazolla speelde, muziek vol heimwee en weemoed. Achter de platanen kleurde de lucht nachtblauw, de maan toonde haar halve gezicht. De man in de rolstoel werd door de vrouw in de rode jurk naast de bandoneonist geduwd en met een verrassend jonge stem declameerde hij enkele gedichten.

Het publiek zuchtte.

Daarom wil een mens soms op reis, verder dan Arnhem of Schagen, Kloosterburen of Maastricht, voor een avond op een Frans dorpsplein met eeuwenoude bomen, een oude man in een rolstoel, muziek om zachtjes bij te wenen.

Meer over

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden