José Beeld Tamar Ottink
JoséBeeld Tamar Ottink

Column

José: “Voor hoeveel mensen was Peter R. de Vries een man om bij te schuilen?”

Bladenmaker en journalist José Rozenbroek is een nieuwsjunk. Elke week schrijft ze voor Libelle een column over wat haar opvalt en waarover ze zich opwindt.

Kun je in een week als deze niet praten, denken, lezen of schrijven over de aanslag op Peter R. de Vries? Maar valt er nog iets toe te voegen aan alles wat over hem is gezegd of geschreven? Toch fiets ik donderdagavond naar de Lange Leidsedwarsstraat waar de julizon nog warm is en de terrasjes vol zitten met mensen die pizza eten en biertjes drinken.

Bloemenzee

Twee dagen eerder liep hij rond dezelfde tijd nietsvermoedend over dezelfde stenen, in zijn mooie zomerpak, hand in de zak, kijkend op zijn telefoon. Aan het einde van de straat zijn dranghekken geplaatst. Daarachter een bloemenzee waarin het geel van zonnebloemen overheerst.

Ik ben een ramptoerist. Nooit eerder ben ik op een plaats delict gaan kijken. Ik loop langs de hekken, bekijk de bloemen, de kindertekeningen, de hartenkreten, lees hart-onder-de-riem-brieven en aandoenlijke gedichten: Fiere man met rechte rug, vecht je weg naar ons terug, held in ’t bed, ik bid voor jou, en voor je kinderen en je vrouw.

Eerste stage

Daar komt een collega aangefietst. Hij stapt af en enigszins gegeneerd begroeten we elkaar. Waarom jij, waarom hij hier? Hij vertelt over zijn eerste stage in het eerste jaar van de School voor de Journalistiek. Peter R. de Vries was zijn baas, drie weken lang. Toen nog niet alom gerespecteerd, meer een man waar collega’s van deftige kranten een beetje meesmuilend over deden.

In de tweede week van de stage meldden zich twee zware jongens bij de receptie. Ze waren kwaad op De Vries over het een of ander, kwamen verhaal halen. “Op dat moment heb ik geleerd dat je altijd je eigen problemen moet oplossen”, zegt mijn collega. “Peter ging naar ze toe en loste het op. Hij was ook toen nooit bang.”

Vaderfiguur

Hij vertelt dat hij altijd contact met hem heeft gehouden. Voegt er een beetje verlegen aan toe: “Ik realiseer me nu dat hij een soort vaderfiguur voor me was. Ik ben mijn eigen vader op mijn derde verloren, dan verzamel je de rest van je leven vaders, zoals een ekster takjes voor zijn nest.” Voor hoeveel mensen was Peter R. de Vries een man om bij te schuilen? “Gaat hij het redden?”, vraag ik. Dat weet mijn collega net zomin als de rest van de wereld. Vijf kogels.

We praten over een van mijn beste vrienden die deze lente 60 lange dagen op de IC lag na een hartstilstand. Zijn vrouw heeft hem wel 600 keer in gedachten begraven. Familie, vrienden en vriendinnen brandden kaarsjes voor hem en zelfs wie het geloof allang had afgeschud deed stiekem schietgebedjes. Hoe rampzalig soms ook zijn situatie, altijd weer vonden zijn artsen een hoopgevend strohalmpje. Dan zeiden ze wat nu ook over Peter R. wordt gezegd: “Hij vecht voor zijn leven.”

Mijn vriend is inmiddels aan het revalideren, fanatiek en vastberaden om weer de oude te worden. Het ziet ernaar uit dat dat nog gaat gebeuren ook. Wonderen bestaan. Met dat strohalmpje fietsen we de Lange Leidsedwarsstraat uit.

De beste berichten van Libelle in je mailbox ontvangen? Meld je nu aan voor de nieuwsbrief!

Meer over

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden