Juul Beeld Libelle
JuulBeeld Libelle

Juul: “Als we niet bij elkaar zijn, houden we contact. Hij met mij, ik met hem”

Juul woont samen met haar hond Willem, haar zoon Jan woont op zichzelf. Ze heeft een relatie met Aaron.

Els RozenbroekLibelle

Els Rozenbroek schreef jarenlang ‘Het dagboek van Juul’ voor Libelle, dat deels gebaseerd was op haar eigen leven. Els is op 30 augustus 2022 overleden aan de gevolgen van kanker.

Samen op een strijkplank

Aaron slaapt met de rug van zijn linkerhand over zijn voorhoofd. Hij is dicht tegen me aan in slaap gevallen. Ik lig op mijn zij en kijk naar hem. Het licht van de lantaarnpaal voor mijn huis schijnt door de witte gordijnen. Mijn ogen glijden van zijn krullen naar zijn neus en lippen. “Je kunt ons samen op een strijkplank leggen”, zegt Hans van Mierlo in het nieuwe boek van Connie Palmen Logboek van een onbarmhartig jaar. In het eerste hoofdstuk schrijft Connie: Verliefden zijn doodsbang. Een kort zinnetje, de waarheid heeft niet meer woorden nodig. Ik houd niet zo van Connie Palmen. Als ik haar op televisie zie, denk ik: naar mens. Doe niet zo quasi interessant. Drink niet zo veel. Loop niet zo te koop met je lijden. Maar schrijven kan ze. Zeker als het over de liefde gaat.

Dat kan niet de bedoeling zijn

Verliefden zijn doodsbang. Zo is het. Als Aaron en ik met de honden lopen, kan ik van het ene moment op het andere bevangen raken door angst. Dat hij ziek wordt en doodgaat. Dat hij opeens doorkrijgt wat voor verschrikkelijk mens ik ben en net zo snel uit mijn leven verdwijnt als hij is verschenen. Dat het lot zegt: en nu is het welletjes. Het is niet de bedoeling dat Juul gelukkig is met een man. Dat is haar niet voor niets nooit gelukt. Haar leven moet een opeenstapeling zijn van teleurstellingen en afwijzingen. Is ze soms van lotje getikt? Denkt ze echt dat ze ermee wegkomt, dat ze zomaar hand in hand door het Amsterdamse bos kan lopen?

De bliebblieb van mijn iPhone

Aaron is de eerste geliefde met wie ik sms. Mijn hart springt op als ik de bliebblieb hoor van mijn iPhone. We sturen berichtjes die ik lees en herlees. De ene keer is het teder: ‘Ik hou zo van je.’ De andere keer melig: ‘Gooi die kerel de deur uit, ik kom eraan.’ Ik heb mensen die voortdurend op het schermpje van hun mobieltje kijken altijd een beetje sneu gevonden. Zielenpieten die niets beters te doen hadden. Nu ben ik zelf zo’n zielenpiet. Als ik een vergadering heb, ligt mijn telefoontje naast mijn aantekeningen. Als ik met een vriendin op stap ben, check ik elke paar minuten of er een sms’je is. Als ik een workshop geef, stop ik de iPhone in de zak van mijn jasje: geluid uit, trilfunctie aan. Ik word nooit teleurgesteld. Als we niet bij elkaar zijn, houden we contact. Hij met mij, ik met hem.

Als je niet meer durft.

Beloof me dat het zo blijft.

Laten we altijd zo dicht bij elkaar slapen.

Nooit stoppen met vrijen en lachen en praten.

“Je hebt dit eerder zo meegemaakt, vergeet dat niet”, zegt een vriendin. “Je was ook verliefd op Arthur.” Ze wil me behoeden voor een nieuwe teleurstelling. Het is lief bedoeld, maar mijn lichaam verzet zich met elke vezel. “Misschien”, zeg ik. “Maar ik herinner me van Arthur dat er heel in het begin al signalen waren. Waarschuwingen die ik heb genegeerd. Die zijn er nu niet.” Ik haal diep adem. “Bovendien”, zeg ik. “Als je niet meer durft lief te hebben, wat heeft het dan voor zin om verder te leven?”

De naam Juul is gefingeerd.

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden