maatschappij

“Mijn pensioentje is geen vetpot”

null Beeld Josselin Bijl
Beeld Josselin Bijl

Een onbezorgde oude dag is niet voor iedereen weggelegd: steeds vaker blijven AOW’ers werken. Niet omdat het kan, maar omdat het soms gewoon moet. Hoe komt dat?

Erica (69) werd jong weduwe. “Doordat mijn man al op zijn 33e overleed, had hij amper pensioen opgebouwd. Met vier kinderen kon ik niet gaan werken om voor een eigen pensioen te zorgen.
Nu krijg ik naast mijn AOW vijftig euro per maand. Daarnaast werk ik als schoonmaakster in drie huizen om verjaarscadeautjes voor mijn kleinkinderen te kunnen kopen.” Erica is niet de enige. Steeds meer Nederlanders blijven na het bereiken van de AOW-gerechtigde leeftijd parttime werken. Dat heeft met de vergrijzing te maken, maar ook procentueel gezien stijgt het aantal doorwerkers. In 2009 werkten 140.000 AOW’ers door (nog geen 6%), in 2019 hadden er 215.000 betaald werk (ruim 7%). De meeste ouderen die blijven werken, doen dat omdat ze er plezier in hebben of iets omhanden willen hebben. Maar uit onderzoek van de Universiteit Maastricht en research-centrum TNO blijkt dat maar liefst 35,4% van de gepensioneerden met een baan doorwerkt om financiële redenen.
Raymond Montizaan, onderzoeksleider van het Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt (ROA) van de Universiteit Maastricht, ziet dat er een polarisatie ontstaat: “Terwijl het vroeger vooral hoogopgeleiden waren die vanwege zingeving doorwerken, zien we nu de groep laagopgeleide doorwerkers sterk stijgen. Zij zeggen zonder aanvullend werk niet te kunnen rondkomen. Doordat ze gaten in hun pensioen hebben of een onvolledige AOW, omdat ze in het buitenland hebben gewoond. Mensen met een middeninkomen werken zelden door, zij hebben een goed pensioen.” Cijfers van het CBS bevestigen dit. Tussen 2003 en 2019 steeg het aantal lager opgeleide 70-plussers met een (bij)baan met 238%, terwijl de stijging onder hoger opgeleiden ‘slechts’ 183% bedroeg.

null Beeld

Julia Voskuil (79)
“Op vier jaar na ben ik altijd zelfstandig journalist geweest. Veel pensioen bouwde ik in die jaren niet op. Ooit had ik aandelenfondsen waarmee ik mijn pensioen wilde opbouwen, maar de waarde ging flink omlaag. Samen met mijn AOW-uitkering is het niet echt een vetpot. Omdat ik single ben, moet ik het financieel in mijn eentje rooien. Daarom werkte ik na mijn pensioengerechtigde leeftijd gewoon door. Met schrijf- en redactiewerk vul ik mijn AOW lekker aan. Mijn vaste lasten zijn gelukkig niet hoog, maar binnenkort wil ik bijvoorbeeld de tuin aanpassen en dat zou niet lukken van alleen AOW. Al is het deels noodgedwongen, ik vind het geen probleem om te werken. Ik wil mezelf kunnen bedruipen. Bovendien heb ik er plezier in, ik ben altijd al een workaholic geweest. Schrijven is iets wat je nog prima kunt doen op oudere leeftijd. En ik voel me zeker geen 79. Mijn energie en tempo zijn wat teruggelopen, maar ik kan nog heel hard werken als het moet. In de ochtend rommel ik een beetje, ’s middags ga ik aan de slag, gewoon vanuit huis. Als het even kan, ga ik op pad voor reportages en interviews, live gesprekken zijn altijd leuker. Verder houd ik continu mijn mail in de gaten om snel te kunnen reageren op lopende en nieuwe opdrachten. Gelukkig heb ik veel ervaring en een breed netwerk. Opdrachtgevers weten me nog steeds te vinden.”

Top 4

In deze beroepen is minstens 10% van de werknemers AOW’er:

  • Chauffeurs van auto’s, taxi’s en bestelwagens
  • Bus- en trambestuurders
  • Land- en bosbouwers
  • Beeldend kunstenaars
  • AOW’ers zijn verder vaak werkzaam als vuilnisophaler, dagbladbezorger, overheidsbestuurder, algemeen directeur en architect.
  • Bron: TNO, ROA

GEEN VETPOT

Is het echt zo karig, leven van alleen AOW? In 2021 bedraagt de AOW, het basispensioen van de Rijksoverheid, € 943,26 voor wie alleen woont en € 1291,08 voor stellen (zonder loonheffingskorting). Iedereen die in Nederland heeft gewoond en gewerkt, heeft er recht op. De meeste mensen bouwen daarnaast een bedrijfspensioen op om van een zorgeloze oude dag te kunnen genieten. Dat lukt niet iedereen. Zo’n 300.000 huishoudens leven van een klein pensioen of een kale AOW. Geen vetpot. Maar volgens Peter Hein van Mulligen, hoofdeconoom bij het CBS, is niet duidelijk hoeveel gepensioneerden doorwerken omdat ze anders in armoede vervallen. “We weten niet in hoeveel gevallen het een gedwongen keuze is. Wel weten we dat armoede onder gepensioneerden vrij zeldzaam is. De AOW-uitkering is immers hoger dan de lage-inkomensgrens en veel gepensioneerden hebben ook een aanvullend pensioen.”
Ook onderzoeksleider Montizaan denkt dat de meeste ouderen ook zonder (bij)baan wel brood op de plank hebben, maar merkt op dat de kosten van levensonderhoud het afgelopen decennium flink zijn gestegen. Dat raakt vooral laagopgeleide pensionado’s. “Soms moeten ouderen extra werken om hun levensstandaard van voor hun pensioen te behouden. Ze willen bijvoorbeeld een smartphone hebben, hun auto behouden of cadeautjes kunnen kopen voor de kleinkinderen”, aldus Montizaan.
Seniorenorganisatie KBO-PCOB maakt zich zorgen over de financiële situatie van deze groeiende groep pensionado’s. Want terwijl de koopkracht onder de gehele bevolking het afgelopen decennium met 6% steeg, daalde de koopkracht onder ouderen met 5%. Dat komt volgens Marcel Sturkenboom, directeur van KBO-PCOB doordat het pensioenstelsel onder druk staat. “De pensioenen zijn al twaalf jaar niet geïndexeerd. Die blijven op hetzelfde niveau, terwijl bijvoorbeeld de zorgkosten en de huren stijgen.” Het toenemende aantal doorwerkers is een serieus aandachtspunt, vindt hij. “Is het een vrijwillige keuze of werkt iemand noodgedwongen door? Hoe staat het met de gezondheid? Bovendien moet er werk zijn. Dat alles geeft stress en leidt niet echt tot een zorgeloze oude dag.”

null Beeld

Paulo Silva (72)

“Voor mezelf heb ik weinig geld nodig. Maar ik heb studerende kinderen en ik wil af en toe met mijn gezin op vakantie. Bovendien houd ik liever niet mijn hand op bij mijn vrouw, die als zelfstandige werkt en zeker geen topinkomen heeft. Daarom werk ik nu een dag per week als marktkoopman. Veertig jaar lang had ik een Portugees restaurant. Dat liep niet goed genoeg om geld opzij te zetten en een pensioen op te bouwen. Toen ik het restaurant op mijn 68e verkocht, kreeg ik er weinig geld voor – ook doordat het pand niet mijn eigendom was. Dus zocht ik werk om wat bij te verdienen, zodat we af en toe iets extra’s kunnen doen. Nu werk ik een dag in de week op de markt en verkoop ik Portugese producten: worsten, gedroogde ham, broodjes, olijfolie en cakejes. Het is best zwaar, want ik wil er vroeg zijn en sta er een lange dag, soms in weer en wind. De nacht ervoor slaap ik hooguit drie uur omdat ik vroeg op moet om de cakejes te bakken. Toch heb ik er plezier in. De praatjes met klanten maken me vrolijk, dat contact miste ik toen ik net mijn restaurant had verkocht. Het is fijn dat ik aardig wat winst maak. Als ik gezond blijf, houd ik dit hopelijk nog jaren vol.”

Corona-effect

Of meer ouderen doorwerken als gevolg van de coronacrisis, is volgens Raymond Montizaan van de Universiteit Maastricht moeilijk te voorspellen. “Vanwege de overheidssteun heeft corona nu nog weinig effect gehad op de arbeidsmarkt. De echte klap komt pas als de economie weer vol gaat draaien. Of dat en eventuele technologisering door corona invloed zal hebben op de pensioenen, is pas over één of twee jaar te zeggen.”

BIJ DE BUREN
Vaak lijkt het alsof het gras bij de buren groener is, maar niet als het om pensioenen gaat. Vergeleken met onze buurlanden voelen weinig Nederlanders zich genoodzaakt om door te werken na de pensioengerechtigde leeftijd. Dit komt doordat de vervangingsratio (het verschil tussen het laatstverdiende loon en de AOW- en pensioenuitkering) in ons land een stuk hoger ligt dan in omringende landen, namelijk op 80,2% tegenover 51,9% in Duitsland, 66,2% in België en de schamele 28,4% in Engeland. Bron: OECD

Het grootste deel van de werkende ouderen, 69%, blijft actief in het bedrijf waar zij voor hun pensioen al in dienst waren. Gaan ze wel iets anders doen, dan zijn dat vaak banen als chauffeur of koerier. Doorwerkers in loondienst werken gemiddeld zestien uur per week, ouderen met een eigen bedrijf maken doorgaans meer uren.
Sjaak van Heukelum begon tien jaar geleden met Doorwerkgever, een bemiddelaar voor ouderen. Hij ontmoet in zijn werk vooral senioren die nog niet definitief achter de geraniums willen zitten. Van Heukelum: “Deze mensen hebben vaak veertig jaar lang fulltime gewerkt en vliegen na twee maanden thuiszitten tegen het plafond. Door nog twee of drie dagen in de week te gaan werken, hebben ze het beste van twee werelden: pensioen én een extraatje om in de zak te steken.” Doorwerkers die het zonder (bij)baan financieel niet redden, komt Van Heukelum zelden tegen. Maar hij verwacht dat het aantal gedwongen doorwerkers in de toekomst zal toenemen. “Ouderen die nu met pensioen gaan, komen uit een stabiele tijd. Ze werkten vaak hun hele leven voor dezelfde baas en bouwden een goed pensioen op. Maar op dit moment zijn er veel jobhoppers die iedere paar jaar opnieuw beginnen. Ook moeten pensioenpotjes vaker gedeeld worden door het toenemende aantal scheidingen, en veel mensen hebben een huis gekocht met een aflossingsvrije hypotheek. Gevolg: lager pensioen en hogere lasten. Deze groep krijgt straks de rekening.”

Sturkenboom van KBO-PCOB hoopt dat er in de politiek meer aandacht komt voor ouderen die door móeten werken om de eindjes aan elkaar te knopen. “Steeds meer ouderen maken gebruik van de Voedselbank. Gemeenten zouden deze mensen beter in beeld moeten hebben. Sommigen worden geraakt door de kostendelersnorm (hoe meer volwassenen een huishouden vormen, hoe lager de uitkering, red.). Doe iets aan de groeiende armoede en bouw dus vooral niet de sociale voorzieningen af. De AOW moet omhoog en er moeten meer huizen worden gebouwd voor lage inkomens. Hopelijk gaat het nieuwe kabinet dit oppakken.” ■

Geen concurrentie

Het is een misverstand dat doorwerkers de plekken van jongeren bezet houden. De groep werkende gepensioneerden is klein. Bovendien voeren zij doorgaans andere taken uit dan jongere werknemers. Raymond Montizaan: “Je ziet dat jongeren en ouderen elkaar eerder aanvullen dan beconcurreren, ook omdat ouderen vaker een leidinggevende functie hebben en het aantal doorwerkers relatief klein is.” Bron: TNO, ROA

null Beeld
  • De overheid heeft de afgelopen jaren diverse regelingen doorgevoerd die langer doorwerken bevorderen. Zo trad op 1 januari 2016 de Wet werken na de AOW-gerechtigde leeftijd in werking. Dankzij deze wet is onder meer het recht op doorbetaling van loon bij ziekte voor AOW’ers slechts 13 weken in plaats van 104. Hierdoor loopt de werkgever minder risico bij het aannemen van een oudere werknemer.
  • Wie als pensionado nog een salaris verdient, ontvangt dezelfde AOW- en pensioenuitkeringen. De aanvullende pensioenuitkering kan eventueel worden uitgesteld om later een hogere uitkering te ontvangen. Hoe en of uitstellen mogelijk is, verschilt per verzekeraar of fonds. De verzekering tegen werkloosheid en arbeidsongeschiktheid stopt. Het recht op het minimumloon en minimumvakantietoeslag blijft.
  • Doorwerken bij dezelfde baas? Overleg dan tijdig met uw werkgever over een nieuw contract.
  • Bij werken na de AOW-leeftijd gelden speciale regels. Zo is de opzegtermijn maar één maand. Ook hoeft het UWV of de rechter niet te toetsen of de werkgever heeft voldaan aan de eisen om het contract te beëindigen.
  • Vanaf de AOW-leeftijd geldt een lager belastingtarief en u betaalt minder premies. Hierdoor blijft er netto meer over van hetzelfde bruto-inkomen.
  • Krijgt u loon, een AOW- én een pensioenuitkering? Misschien betaalt u dan weinig belasting en moet er na de aanslag worden bijbetaald. Een voorlopige aanslag invullen kan dat voorkomen.
Meer over

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden