null Beeld

Column

Nico: “Ik beleefde een traumatische badkamerjeugd, daar kwam die ellende vandaan”

Nico Dijkshoorn

Hij woont samen met Tanja, heeft twee kinderen uit een vorige relatie en een heel eigen kijk op de wereld. Deze week vertelt Nico Dijkshoorn over zijn douche-puff.

Gisteren heb ik afscheid moeten nemen van mijn douche-puff. Ik wist niet eens dat hij zo heette. Ik noemde hem doucheding. Het was een erg fijn doucheding.

Badkamerjeugd

Ik kreeg hem ooit van Tanja, die het niet meer aankon dat ze een vriend had die zich met zijn blote handen waste. Toen we elkaar net kenden, stond ik bij de wastafel. Tanja vroeg: “Wat sta jij nou aan je schouder te voelen?” Ik zei dat ik hem waste. “Waarmee dan?”, vroeg ze. Ik wilde antwoorden: met spuug, maar dat soort gevatte antwoorden kunnen het begin van een relatie ruïneren. “Met zeep. Op mijn hand”, antwoordde ik.

Ik wist waar die ellende vandaan kwam. Ik beleefde een traumatische badkamerjeugd. Van mijn achtste tot mijn negentiende douchte ik in een constructie waarin ook kleine handwasjes konden worden gedaan. Het was een badkamer in een Amstelveense flat. Mijn ouders, broers en ik sprongen na een korte aanloop in een stenen kuip. Die hing op aanrechthoogte boven een granieten vloer. Als je viel, hoefde je een maand niet naar school. In die badkuip waste ik mijn haar met wasmiddel. Mijn moeder had ergens gelezen dat dat net zo goed was als shampoo. Daarom hebben andere mannen van eenenzestig een volle kop met haar en ik het kapsel van een bierbrouwende monnik.

Puffie

Tot Tanja ben ik hardnekkig blijven douchen als een dwangarbeider. Tot zij mij een douche-puff gaf. Eerst had ik geen idee wat ik in mijn hand had. Het was een plastic bloem met een touwtje er aan. Ik keek Tanja aan. Wat moest ik hiermee? “Lekker scrubben”, zei ze. Ze deed het voor, met haar kleren aan. Ik keek. Ze deed de roze bloem onder haar oksel en maakte een ronddraaiende beweging. “Wat doe je er dan op?” vroeg ik. “Iets wat lekker ruikt, naar boomschors of zo.” Dat ben ik gaan doen.

Dertien jaar lang heb ik mij gewassen met Puffie. Er viel al snel niets meer te scrubben, omdat zij haar stevigheid verloor. Na zes jaar was Puffie een roze, verdrietig lapje in mijn hand. Ik waste mij met komkommer. Niet de groente zelf, maar iets wat rook naar komkommer. Tot gisteren. Het ging niet meer. Puffie was eigenlijk alleen nog maar het touwtje waaraan zij ooit had gehangen. Tanja heeft een nieuwe voor me gekocht. Hij heet Scrubbie. We moeten nog erg aan elkaar wennen.

Meer over

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden