L40_Nico Beeld Ester Gebuis
L40_NicoBeeld Ester Gebuis

Nico: “In Callantsoog leerde ik hoe je stoer achter op een brommer moet zitten”

Hij woont samen met Tanja, heeft twee kinderen uit een vorige relatie en een heel eigen kijk op de wereld. Deze week vertelt Nico Dijkshoorn over zijn herinneringen aan de vakanties op de camping in Callantsoog.

Ik heb de laatste maanden veel aan een camping in Callantsoog gedacht. In de jaren 70 sliep ik daar, met mijn ouders en mijn broers, wekenlang in een stacaravan. Ik was zestien en het was de gelukkigste tijd van mijn leven. Ja, natuurlijk was dat lastig, met een kist vol ontlasting over de camping lopen, en natuurlijk was dat niet prettig, verteerd campingvoedsel van de afgelopen week in een beerput moeten kieperen, maar er stond zo veel tegenover.

Achter op een brommer

In Callantsoog heb ik geleerd hoe je stoer achter op een brommer moet zitten. Zelf was ik te bang voor brommers; ik begreep ze niet. Ik moest te veel met mijn handen en voeten tegelijk doen. Ik was ook niet goed in bochten nemen. Tijdens een eerste les, vlak voor onze flat in Amstelveen, boorde ik me in een garagedeur. Maar u had mij achterop moeten zien zitten. Perfectie. Ik zat dan wel achter iemand, ik keek alsof ik zelf reed. Dat was de truc. Net doen alsof ík die tank vol met benzine tegen mijn liezen voelde trillen.

Tijdens mijn eerste rit achter op de brommer maakte ik een beginnersfout: ik deed mijn armen om de buik van mijn vriend en legde mijn hoofd tegen zijn rug. Dat had ik een meisje zien doen. Mijn vriend vond dat niets. Ik moest rechtop gaan zitten en mijn armen losjes langs het lichaam laten hangen. In een bocht moest ik meeleunen. Ik durf hier wel te zeggen: niemand deed dat mooier dan ik.

Vakantie herinneringen

Ik herinner me ieder moment van die vakanties. Het oefenen van tongzoenen op mijn onderarm, de plotselinge dood van een vader en hoe we onze vriend onhandig probeerden te troosten, de eerste keer dansen met een meisje en hoe ze haar tas vlak voor mij op de grond zette, zodat hij niet kwijt zou raken.

Nu ik zelf een oude man ben, denk ik vooral aan mijn ouders. Ze leken op de camping zo gelukkig. Mijn moeder lachte tijdens het koken. Mijn vader was onweerstaanbaar knap als hij met zijn natte haar, vlak na het douchen, over de camping liep. Ik herinner me vooral een moment dat ik mijn ouders zocht. Ik liep om de camping heen en daar zaten ze: op de hei, de ruggen in het zand. Mijn moeder met haar hoofd op mijn vaders schouder. Dat heb ik ze in de 35 jaar daarna nooit meer zien doen.

Meer over

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden