Door dik en dun

Vriendinnen voor het leven: “We trouwden in dezelfde bruidsjurk”

null Beeld Petronellanitta
Beeld Petronellanitta

Wát een geluk als je zoals deze vrouwen al decennia lang lief en leed deelt met elkaar. “We kunnen over álles praten.”

null Beeld

“We hebben nog nooit ruzie gehad”

Annie Koole (91) en Henny den Outer (90) ontmoetten elkaar in de eerste klas van de middelbare school, 76 jaar geleden in Rotterdam. Vanaf dat moment zijn An en Hen onafscheidelijk.

Annie: “Ik zocht een plaatsje in de eerste klas van de middelbare school waar we werden opgeleid tot coupeuse. Er waren meerdere plekken vrij, maar ik koos voor de plek naast Henny. Ze leek me zo aardig.”
Henny: “We waren veertien en vijftien en wisten niet hoe belangrijk deze eerste ontmoeting zou zijn voor ons verdere leven. We waren meteen onafscheidelijk.”
A: “We hebben precies dezelfde weg afgelegd. Nadat we ons diploma costumière hadden gehaald, volgden we een administratieve opleiding. Later deden we de moederhavo en werkten we op kantoor.”
H: “We kregen ook precies dezelfde man.”
A: “Een eeneiige tweeling!”
H: “Op dansles had ik een student van de machinistenschool ontmoet. Hij vond me leuk en nodigde me uit voor het jaarfeest van zijn school. Die feesten waren populair, dus ik wilde graag mee. Hij vroeg of ik een vriendin of zus had voor zijn vriend Cor. Ik nam An mee.”
A: “Cor bleek een heel mooie jongen en zijn lach was onweerstaanbaar…”
H: “Ze viel als een blok voor hem. Ik zag niks in die aanstaande machinist.”
A: “Maar Cor bleek een tweelingbroer te hebben, Joop.”
H: “Op een zondagmiddag stond An onverwacht voor de deur. Of ik kon komen, want Cor en zijn broer stonden op de straathoek. Joop wilde met me kennismaken. ‘Niks ervan’, zei ik, daar had ik helemaal geen zin in. Na lang aandringen, liet ik me toch overhalen. Anders zou An voor schut staan, zei ze. Joop was net zo woest aantrekkelijk als Cor, maar hij begon zich enorm uit te sloven. ‘Wat een branieschopper’, zei ik tegen An. ‘Die denkt dat alle meisjes voor hem vallen. Nou, ik niet.’”
A: “Toen heb ik tegen Cor gezegd dat Joop een toontje lager moest zingen.”
H: “Tijdens onze tweede ontmoeting was Joop heel charmant. Toen viel ik voor hem. ‘Die vriendin van jou moet je niet vertrouwen’, zei een nichtje tegen me. ‘Ik zag haar zoenen met Joop.’ Zij wist toen nog niet van zijn tweelingbroer.”
A: “We zijn in juni 1954 met z’n vieren getrouwd op het stadhuis van Rotterdam. De mannen in hetzelfde pak, wij in dezelfde bruidsjurk die we zelf hadden gemaakt. Dat was een heel bijzondere dag. Sindsdien heten we allebei Riekwel, en we kregen allebei twee zoons en een dochter.”

null Beeld

H: “Met al die kinderen gingen we op vakantie. Joop en Cor hadden zich opgewerkt tot leraar op de mts en daardoor zes weken zomervakantie. Dan trokken we met de caravan door Europa.”
A: “Die twee caravans hadden Joop en Cor zelf gebouwd. Het waren creatieve jongens, ze konden echt alles maken. Dan gingen Hen en ik meubels kijken in een winkel van Jan des Bouvrie en maakten Joop en Cor die na.”
H: “Met die caravans zijn we zelfs naar Griekenland, Turkije en Joegoslavië geweest.”
A: “Het ijzeren gordijn bestond nog, het was de tijd van Tito. We waren heel avontuurlijk.”
H: “Jij vooral, hoor. An is ook diplomatieker en charmanter. Ik ben praktisch en nuchter. Ik moest op reis altijd kaartlezen.”
A: “Dat kan ik totaal niet en daardoor kreeg ik spanningen met Cor. Dan ging ik weleens bij Joop in de auto zitten. Maar Hen en ik hebben nooit ruzie gehad.”
H: “Nooit. We hebben elkaar ook nooit gekwetst. Onvoorwaardelijk, dat woord is van toepassing op onze vriendschap.”
A: “Cor was 59 toen hij ziek werd en overleed. Ik woonde toen in Zoetermeer en ik heb een jaar lang elk weekend bij Hen en Joop in Rotterdam gelogeerd. Joop had net zo’n gat in zijn hart als ik en is sindsdien ook een steun geweest voor mij en mijn kinderen.”
H: “An heeft nooit een spoortje van jaloezie getoond omdat ik Joop nog had en zij Cor kwijt was. Ongelooflijk. Een groter bewijs van oprechte vriendschap is er niet.”
A: “In januari is Joop helaas overleden. Nu gaan Hen en ik samen weer tripjes maken.”
H: “We gaan varen langs de Vecht. En we willen ook graag samen naar musea.”
A: “Ik hoor je nog vragen: is dit plekje vrij? Bedankt meid, dat je naast me bent komen zitten.”
A, lachend: “Wat hebben we veel meegemaakt, hè? Wat ook mooi is: onze dochters Bertine en Ellis hebben een even sterke band met elkaar als Hen en ik. Misschien omdat ze genetisch halfzussen zijn.”

V.l.n.r. de trouwdag van Annie en Henny (1954), op vakantie in de bollenstreek (1949), portretten van de eeneiige tweeling. Beeld Privébeeld Annie en Henny
V.l.n.r. de trouwdag van Annie en Henny (1954), op vakantie in de bollenstreek (1949), portretten van de eeneiige tweeling.Beeld Privébeeld Annie en Henny
null Beeld

“We vullen elkaar perfect aan”

Hiske van den Ouden-Poiesz (59) en Linda van Schaik (59) delen vanaf de tweede klas van de basisschool lief en leed. Nadat ze elkaar even uit het oog verloren, hebben ze elkaar gelukkig weer gevonden.

Linda: “Hiske was het enige kind in de klas met gescheiden ouders. Dat was destijds een dingetje in Kanis, een katholiek buurtschapje bij Woerden, waar wij op school zaten.”
Hiske: “Mijn jeugd was behoorlijk ingewikkeld. Er was weinig geld en mijn moeder was altijd aan het werk. Om de pijn te maskeren was ik nogal luidruchtig en ad rem.”
L: “Er was een leraar die Hiske tijdens een rekenles stompte. Ik dacht: zij heeft een vriendinnetje nodig dat haar beschermt en dat ben ik.”
H: “Linda was mijn vrolijke, veilige haven. Ik vond het ook heerlijk om bij haar thuis te zijn. Daar was het gezellig en gestructureerd, heel anders dan bij mij thuis.”
L: “Na de lagere school gingen we naar verschillende middelbare scholen en zagen we elkaar niet meer. Ik hoorde nog weleens wat over haar. Dat ze een opleiding tot goudsmid had gevolgd, maar bij gebrek aan werk tandartsassistente was geworden. Heel soms troffen we elkaar in de trein. Dan was het meteen weer gezellig.”
H: “We gingen gewoon verder met praten waar we de vorige keer waren gebleven. Afspreken was lastig. Bij ons was de telefoon vaak afgesloten en Linda woonde veel te ver bij mij vandaan om spontaan langs te fietsen.”
L: “In 1988, veertien jaar na het verlaten van de lagere school, liep ik naar een trouwerij in het dorp. Ik zag Hiske staan. Ze was naar Kockengen verhuisd. Die bruiloft was opeens veel minder belangrijk.”
H, lachend: “Je was uitzinnig. Dat ben je wel vaker, maar toen zeker.”
L: “We hebben de gemiste jaren ingehaald en in de jaren die volgden veel samen meegemaakt.”
H: “De vader van mijn kinderen verliet me voor een ander en ik stond er met vier kinderen van tussen de twee en twaalf alleen voor. In de avonduren heb ik een hbo-studie Techniek gevolgd om lerares te worden. Dat was pittig, maar door Linda kreeg ik zelf­vertrouwen, ook om een huis te kopen waarvoor ik flink moest lenen. Wij hebben het daar zo fijn gehad, daar ben ik haar nog steeds dankbaar voor.”
L: “Ik bewonder His enorm. Ze is zo sterk, zo bijzonder, zo slim, stoer en creatief. Ze laat mij anders maar dingen kijken.”

null Beeld

H: “Wat lief…”
L: “Ze staat altijd klaar voor anderen. Toen mijn zoon na de bevalling niet aan de borst wilde drinken, was Hiske vrijwilliger bij de borstvoedingsorganisatie La Leche League en kwam ze elke dag een paar keer langs om mij te helpen. Terwijl ze thuis vier kleine kinderen, een oppaskind en een winkel had. Hiske doet die dingen gewoon. In navolging van haar ben ik op mijn zesenvijftigste ook een studie gaan doen.”
H: “Linda is mij altijd tot steun geweest. Mijn oudste zoon Hendrik Jan is verongelukt en toen enkele jaren later ook nog mijn dochter Liselot na een jarenlange worsteling met anorexia overleed, ben ik twee jaar finaal van de kaart geweest. Ik kon niet meer afspreken. Maar Linda bleef, net als na de dood van Hendrik Jan, lieve kaartjes en gedichtjes sturen. Altijd ondertekend met: ‘Je oudste vriendin.’ Die drie woorden hadden zo veel impact. Ze gaven me zo’n warm gevoel.”
L: “Zij kan met mij over haar verdriet praten.”
H: “We kunnen eindeloos praten, over alles! We appen wel honderdduizend keer per week.”
L: “We kunnen samen ook vreselijk hard lachen.”
H: “Deze vriendschap is best bijzonder omdat we heel verschillend zijn. Linda gelooft niet in het huwelijk, maar woont al wel tweeëndertig jaar samen. Ik ben gescheiden en nu voor de tweede keer zeventien jaar getrouwd. Linda woont al bijna zestig jaar ongeveer op dezelfde plek, ik ben twintig keer verhuisd en heb een klushuis in Frankrijk. Linda is daar helaas nog nooit geweest.”
L: “Hiske is daar altijd druk bezig en ik ben niet zo handig, dus dan voel ik me overbodig. Ik ben ook veel minder ondernemend dan Hiske. Zij stapt op een goeie dag gewoon op een boot in Griekenland en zeilt naar Nederland, terwijl ze dat nooit eerder heeft gedaan.”
H: “Nu ga ik emigreren naar een romantische olijvenboerderij in Spanje. Daar kom je wel naartoe hoor, Lin! Je bent altijd van toegevoegde waarde. Onze verschillen zijn onze kracht. We vullen elkaar perfect aan. Ik kan ook niks bedenken wat me irriteert.”
L: “Dat ik geen Facebook heb.”
H: “Dat is waar, want dan ben ik in Frankrijk en vraagt Linda om foto’s, terwijl mijn Facebook vol staat met foto’s.”
L: “Verrassing! Ik heb met het zicht op je emigratie een Facebook-account aangemaakt.”
H: “Nee, ik geloof je niet!! Echt? Lin, je bent geweldig!”

null Beeld

“Het voelt alsof we familie zijn”

Charissa Macknack (32) en Tessa Schram (31) kennen elkaar al hun hele leven. Ze groeiden op in dezelfde straat in Nieuwegein en wonen nog steeds zo’n beetje naast elkaar.

Charissa: “Kort na Tessa’s geboorte stond ik aan haar wiegje. Mijn ouders waren naast haar ouders komen wonen en waren met hen bevriend geraakt, dus we gingen op kraamvisite. Dat herinner ik me niet, hoor. Ik ben maar één jaar en twintig dagen ouder dan Tessa.”
Tessa: “Als je vanaf je geboorte bijna elke dag met elkaar omgaat, is het net alsof je familie bent. Zo voelt het.”
C: “We kennen elkaars families, we gingen naar dezelfde basisschool, kennen elkaars vriendinnen en gingen samen studeren. Alleen zaten we op een andere middelbare school. In die tijd zagen we elkaar minder, maar eens per week.”
T: “Maar…?” (Lacht:) “Daarna zagen we elkaar weer dagelijks. We kozen voor dezelfde studie, Management, economie en recht in Utrecht. Daar gingen we met de auto naartoe. Charissa had toen al haar rijbewijs. Ik had mijn persoonlijke chauffeur.”
C: “Tessa is iets later afgestudeerd.”
T: “Wel vijf jaar later. Ik heb die studie afgerond toen ik al werkte. Mijn moeder was ernstig ziek en ze is in die tijd overleden. Charissa was er altijd voor mij en ving ook mijn zusje op. Charissa is heel meelevend. Ik ben meer op mezelf.”
C: “Maar jij had als eerste door dat ik twee jaar geleden een burn-out had. We weten echt alles van elkaar. We appen of bellen elke dag en we zien elkaar minstens om de dag. Dan wippen we meestal na het eten bij elkaar aan.”
T: “We wonen nog steeds heel dicht bij elkaar in Nieuwegein. Er zit maar één straat tussen. Langskomen doet Charissa vooral. Zij is meer outgoing. Ik ben een huismus. We zijn allebei in mei jarig, maar we zijn heel verschillend.”

null Beeld

C: “Tessa kan lang twijfelen, ik doe dingen soms te snel.”
T: “Ik wil soms wel iets gaan doen, maar weet dan niet wat. Charissa weet altijd iets te verzinnen en dan gaan we. Zij is ook een sfeermaker. Als zij lacht, lacht iedereen.”
C: “Tessa is een superslim persoon. Ik vraag altijd advies aan haar. Tessa kan mij heel goed lezen. En ze remt me af.”
T: “En jij stopt peper in mijn reet.”
C: “We voelen elkaar goed aan. We hoeven elkaar maar aan te kijken om elkaar te begrijpen en soms betekent dat dat we elkaar even met rust laten. Daardoor hebben we nooit ruzie. Ik erger me alleen aan het feit dat Tessa honderd keer per dag ‘sorry ’zegt. Hou op zeg.”
T: “Ik vind het weleens irritant dat Charissa mij aanzet tot actie, maar achteraf ben ik daar vaak wel blij mee.”
C: ‘We vullen elkaar aan. Tes en ik hebben het er weleens over om samen een bedrijf te beginnen. En we hebben een droom: we willen samen met onze mannen en kinderen een boerderij delen.”
T: “Voor ons is het onbetaalbaar om als een stel een boerderijtje te kopen, maar met twee stellen zou het wel kunnen. We willen wel ieder een eigen opgang zodat we onze privacy behouden.”
C: “Mijn vriend ziet het wel zitten.”
T: “De mijne ook. Onze mannen kunnen het heel goed met elkaar vinden en doen ook dingen met zijn tweeën. Maar we zijn nog niet op zoek hoor, naar die boerderij. We zijn allebei net verhuisd binnen Nieuwegein. Met kinderen krijgen zijn we ook nog niet bezig.”
C: “Zwanger worden laat zich natuurlijk niet plannen, maar het zou fijn zijn om zo’n beetje tegelijk moeder te worden zodat we op elkaars kinderen kunnen passen. We hebben met elkaar afgesproken dat wie er klaar voor is, het moet laten weten. Oei, het klinkt bijna creepy, dit.”
T: ‘Inderdaad.’ ■

  • M.m.v. (Henny): Eksept by Shoeby (bloes), We Fashion (broek), Manfield (schoenen) en (Annie): Massimo Dutti (top), American Vintage (jasje), H&M (broek), PS Poelman (laarsjes), (Hiske): s.Oliver (top) We Fashion (jasje), Scotch & Soda (jeans), Nelson (schoenen) en (Linda): Expresso (top en broek), Zara (sneakers), (Charissa): Scotch & Soda (jumpsuit), Mango (sandalettes) en (Tessa): & Other Stories (jurk), Sacha (laarsjes). Styling: Maartje Bodt. Haar en make-up: Wilma Scholte en Astrid Timmer.
Meer over

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden