Wieke Biesheuvel Beeld Libelle
Wieke BiesheuvelBeeld Libelle

Column

Wieke: “Hoe moeten Afghaanse kinderen zich redden in vreemde landen?”

Ze is getrouwd met Rob, heeft drie volwassen kinderen en zeven kleinkinderen. Wieke woonde in bijna alle Nederlandse provincies én in Zambia, maar heeft nu haar hart verpand aan Noordwijk. Ze houdt van LLL: leven, lachen en laat-toch-waaien. En eigenlijk is er nog een vierde L, namelijk die van Libelle-lezeressen. Dit keer schrijft ze over de kinderen van Afghanistan, die haar in gedachten terugbrengen naar Mukana, een blind jongetje van tien jaar, dat ze tijdens haar reis door Kenia ontmoette.

Ik krijg de kinderen van Afghanistan maar niet uit mijn gedachten. Hoe moet ik een lollig stukje schrijven over dingen die mij nu irrelevant voorkomen? Straks zullen ze in landen terechtkomen waar ze nog nooit zijn geweest. Ontheemd en getraumatiseerd. Hoe gaan ze zich redden?

Dagboeken

Omdat we over een dikke maand verhuizen, ben ik aan het opruimen en ik vind dagboeken uit de tijd dat ik veel op reis was. Ik kom een verslag tegen van mijn verblijf bij de Maasai in Kenia. Hun leefgebied wordt langzaam ingenomen door de vooruitgang: een weg. Terwijl de Maasai denken: wat moeten wij met een weg als wij geen auto’s hebben? Maasai gebruiken hun ‘one by one’, hun benen. De grenzen van het gebied zijn onduidelijk, maar iemand op een ministerie heeft ze afgebakend met een liniaal en een balpen, zonder overleg met de oorspronkelijke bewoners. Dat gebeurt vaker in onze wereld. Je geboortegrond kan ineens zomaar niet meer van jou zijn.

De Maasai

Een stukje uit mijn verslag uit 2006, toen ik bij mijn Maasai vriendin Franciska logeerde, met wie ik nog steeds contact heb:

De week in Entasekera, een idyllisch dorpje midden in het Maasai gebied, is als een droom. Franciska, die Engels spreekt en verpleegkundige is, heeft in haar dorp een ‘half way house’ gerealiseerd. Een plek waar moeders tijdelijk kunnen wonen, als hun gehandicapte kinderen geopereerd moeten worden in het ziekenhuis vlakbij. Ik ontmoet Mukana, een blind jongetje van tien jaar. Zijn ouders zijn nomaden. Tot zijn vierde jaar kon Mukana zien, maar nu is hij blijvend blind. Een geval van trachoom. Dat is een ontsteking van het oogbindvlies en veroorzaakt veel slachtoffers onder Maasai-kinderen. Je zou dagelijks je gezicht moeten wassen met schoon water, om te voorkomen dat vliegen je ogen besmetten. Dat is lastig voor Maasai, die elkaars waswater gebruiken en continu bij hun vee te vinden zijn. Ik zie ze hier overal: kinderen met oogjes die je bijna niet kunt zien, zoveel vliegen zitten erop. Mukana zal lang blijven, om braille te leren en zich vaardigheden eigen te maken om als blinde jongen toch zelfstandig te kunnen zijn.

Kerkdienst

Op zondagochtend gaan Franciska en ik naar het kerkje, waar de dienst door father Patrick, zelf Maasai, wordt geleid. De wanden zijn beschilderd met een zwarte Jezus en een zwarte Maria. Wat uniek om hier te zitten, tussen traditioneel geklede Maasai. Father Patrick vertelt wat ik kom doen: schrijven over het ‘half way house’. En dan bidden de kerkgangers voor mij. Een ervaring die me een brok in de keel bezorgt. Dan haalt father Patrick Mukana naar voren, die loepzuiver een liedje zingt over een blinde, die zo graag wil meetellen in de gemeenschap. Binnen de kortste keren huilt de halve kerk. Ach Mukana, wat zou ik hem graag mee naar huis nemen. In bad stoppen, schone kleren aan. Tsja. En dan? Hij is het gelukkigst in zijn eigen omgeving. Dat zie ik ’s middags, als Mukana met zijn vriendjes een wedstrijdje doet: wie kan het verste plassen? ‘Ik heb gewonnen!’ schatert hij. ‘Dat weet ik, want ik hoor dat!’ Lieve, grappige en slimme Mukana, in zijn vuile en te grote vrouwenshirt. Met een opleiding maken we hem gelukkig, én weerbaar.

Weerbaar

Dat geldt ook voor de ontheemde Afghaanse kinderen die straks ons land binnenkomen. Die zouden vast het liefste thuis blijven, waar ze zijn geboren. Maar als dat een onveilige plek is? Maak ze weerbaar. Dat kan alleen als we ze omringen met oprechte aandacht, zorg, vriendschap en belangstelling. Mijn deur staat open.

Meer over

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden