Zoek binnen:

Karin Bloemen: “Je denkt: als ik het zeg, maakt hij ons dood”

Premium

Karin Bloemen: “Je denkt: als ik het zeg, maakt hij ons dood”

In haar boek Mijn ware verhaal vertelt cabaretière Karin Bloemen het verhaal van haar jeugd, getekend door misbruik, mishandeling en angst. “Het was alsof ik in een ijskast leefde.”

Van haar zevende tot haar zestiende is Karin Bloemen door haar stiefvader Ben Kuijt misbruikt. Gemiddeld drie keer in de week verkrachtte hij haar. Net als haar twee zussen, Jolanda en Annelies. Toen haar moeder hem eindelijk de deur wees, legde hij het aan met haar oudere zus Annelies. Ze kregen kinderen. Wanneer Annelies eindelijk bij hem weg durft te gaan en een nieuw bestaan opbouwt, brandt haar huis af. Zij en twee van haar kinderen komen om. Alleen zoontje Gerben overleeft. Karin neemt hem in huis. Later schrijft haar stiefvader haar in een brief: ‘Je moet wel heel veel van me gehouden hebben dat je nu voor mijn zoon zorgt.’

Pas toen ze voor een nieuwe knie in het ziekenhuis lag, geen kant op kon en daar wel heel erg geëmotioneerd op reageerde, besefte ze: het is nog niet voorbij. Er zit nog altijd oude pijn. “Ik voelde weer hoe het is om gevangen te zijn, om vast te zitten en een diepe doodsangst te hebben”, vertelt Karin terwijl haar dochters het huis in- en uitlopen. Ze zijn het gewend dat hun moeder open over het misbruik vertelt, maar beseffen dat het nog altijd niet 
makkelijk is. Toch moet het verhaal, juist met alle ins en outs, verteld worden, vindt ze. Want mensen moeten weten hoe misbruik precies werkt. Hoe je langzaam maar zeker gevangen raakt in de greep van de misbruiker.

Karin Bloemen

Dit is een Premium-artikel. Met een Libelle-account kun je gratis 3 Premium-artikelen per maand lezen. Maak een gratis Libelle-account aan of log in.