Raarste ruzies Beeld Libelle
Raarste ruziesBeeld Libelle

PREMIUM

Raarste Ruzies: “Ik schaam me voor de burn-out van mijn man en dat maakt hem woest”

Iedere week deelt een lezeres de raarste ruzie die ze ooit heeft gehad. Dit keer vertelt Ria (61): “Mijn man wil tegen alles en iedereen open zijn over zijn burn-out. Ik heb liever niet dat iedereen weet dat hij al maanden alleen maar op de bank ligt.”

Tara StokdijkLibelle

“Mijn man heeft sinds een half jaar een nieuwe baan. Dat was een ontzettend spannende stap. Bij zijn vorige werkgever werkte hij namelijk al bijna 20 jaar. Ik heb me destijds vaak afgevraagd of het nou een slim idee was om daar te stoppen. Ten eerste om zijn leeftijd - vind maar eens iets nieuws als je 58 jaar bent - ten tweede omdat ik weet hoe hij is. Hij kan helemaal niet zo goed tegen verandering. Hij zat daar toch prima? Hij kende zijn taken en collega’s, zijn baas was tevreden en hij had een vast contract. Waarom zou je dan in het diepe springen? Ik kan me er zelf niks bij voorstellen. Ik werk namelijk al sinds mijn 18e voor dezelfde werkgever.

Nieuwe uitdaging

Maar mijn man wist het zeker, hij wilde weg. ‘Ik mis uitdaging’, zei hij vaak. Ik vroeg me dan af of hij dat wel zo zeker wist. Hij helemaal geen type dat graag nieuwe dingen leert. Hij doet alles op zijn eigen manier. Dat zei ik hem ook, maar hij luisterde niet. Hij begon vol goede moed met solliciteren.

Hij werd aangenomen

Deels bewees hij mijn ongelijk: hij vond namelijk razendsnel een nieuwe baan. Dat had ik niet verwacht. Toen hij met dat nieuws thuiskwam, schrok ik me rot. ‘Weet je het echt zeker?’, heb ik hem wel twintig keer gevraagd. Hij wist het zeker. Sterker nog: sinds hij het nieuws kreeg, straalde hij als nooit tevoren. Dan zal het wel goedkomen, dacht ik. We gingen uit eten om het te vieren. Dat deden we opnieuw toen hij een aantal weken later zijn contract tekende. Toen hij na zijn laatste werkdag bij zijn oude werkgever thuiskwam, keek ik hem onderzoekend aan. Ik verwachtte emotie. ‘Moest je huilen?’, vroeg ik hem. ‘Nee, helemaal niet’, liet hij me weten, zijn afscheid voelde als een grote opluchting.

Doodmoe na de eerste werkdag

Op zijn eerste werkdag was ik opnieuw gespannen. Zou hij het wel leuk vinden? Toen ik het hem ’s avonds eindelijk kon vragen, was hij doodmoe, maar wel positief gestemd. Het was goed gegaan en zijn collega’s leken aardig. De rest van de week probeerde ik meer informatie te ontfutselen, maar ik kreeg er niks uit. Te moe van alle nieuwe indrukken. Het zal er wel bij horen, dacht ik.

Hij meldde zich ziek

Pas na drie weken merkte ik dat het helemaal niet goed ging. Midden op de dag stond hij ineens in de gang. Het leek alsof hij gehuild had. Dat wilde hij alleen niet toegeven. ‘Ik heb me ziek gemeld, ik ga naar bed’, zei hij. Hij sliep aan een stuk door tot ’s avonds laat. De volgende dag meldde hij zich opnieuw ziek. Daarna volgde het weekend, dat hij grotendeels op de bank doorbracht. ‘Wat voel je dan? Ben je verkouden? Misselijk? Hoofdpijn?’ vroeg ik hem steeds. Hij wist het niet, hij was vooral heel moe.

Het hoge woord kwam eruit

De weken erna ervoer ik als afschuwelijk. Mijn man was een schim van zichzelf. Hij deed niks en zei niks, maar ik had geen idee wat eraan de hand was. Om zijn nieuwe baan leek hij niks meer te geven, terwijl ik als de dood was dat ze hem zouden ontslaan. Op mijn aandringen ging hij naar de huisarts en daarna ook naar een bedrijfsarts. Toen kwam het hoge woord eruit: ‘Ik heb waarschijnlijk een burn-out’, zei hij. ‘Een burn-out? Maar je werkt er nog maar een paar weken’, reageerde ik.

Het duurt me te lang

Inmiddels zit mijn man al maandenlang thuis. Hij gaat nauwelijks de deur uit, alleen om met de bedrijfsarts te praten. Met hem heeft hij een plan gemaakt over zijn terugkeer op de werkvloer. Als ik dat zo hoor, gaat dat nog wel maanden duren. En eigenlijk, als ik heel eerlijk ben, duurt me dat veel te lang.

Ik schaam me voor zijn burn-out

Mijn man en ik hebben veel ruzie sinds zijn diagnose. Wat mij vooral stoort is dat hij tegen alles en iedereen heel open wil zijn over zijn burn-out. Iedereen mag weten dat hij al maanden niks doet. Dat hij er na een paar weken bij zijn nieuwe baan al mee moest stoppen. Van mij hoeft dat totaal niet. ‘Vertel ze maar niet over je burn-out hoor’, heb ik weleens tegen hem gezegd toen er vrienden van ons kwamen eten. Woest werd hij daarvan, want waarom zouden ze dat niet mogen weten? Wat ik niet durf te zeggen, is dat ik me gewoon een beetje schaam. We hadden het zo goed voor elkaar, en nu heb ik een man die alleen maar op de bank ligt.

Zie je nou wel

‘Een burn-out? Dat is toch meer iets voor de jonge generatie? Die allemaal te verwend zijn om te werken?’ reageerde een oude vriendin van mij toen ik het haar vertelde. Ik moest toegeven dat ik dat zelf ook weleens dacht. Andersom verwijt mijn man me dat ik geen begrip heb voor de situatie. Hij mist steun. Ik moet toegeven dat ik het soms ook niet kan laten om te zeggen: ‘Zie je wel dat je niet van baan had moeten wisselen.’ Als hij namelijk naar me had geluisterd, was al deze ellende ons bespaard gebleven.”

Jouw raarste ruzie

Heb jij ook zo’n verhaal? Vertel ons over jouw raarste ruzie door onderstaand formulier in te vullen en wie weet verschijnt het binnenkort op Libelle.nl. We vragen je om het verhaal zo uitgebreid mogelijk te vertellen. Het mag uiteraard anoniem.

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden