Seksvragen aan Sanderijn Beeld Sanderijn
Seksvragen aan SanderijnBeeld Sanderijn

PREMIUM

Seksvragen aan Sanderijn: “Ik houd niet van seks, is dat raar?”

Een vraag stellen over seks is niet voor iedereen even makkelijk, maar het antwoord kan helpen om je gerust te stellen, verder te gaan op dezelfde manier óf het over een andere boeg te gooien. Seksuoloog en psycholoog Sanderijn van der Doef spreekt elke week een lezeres over een seksonderwerp. Deze keer Iris (49), zij houdt niet van seks en vraagt zich af hoe raar dat precies is.

Sanderijn van der DoefSanderijn

Iris (49): “Seks, ik vind er helemaal niks aan. Nooit iets aan gevonden ook. Ik trouwde op mijn negenentwintigste na zeven jaar te hebben samengewoond. Met deze man kreeg ik twee kinderen, maar eerlijk gezegd hebben we niet veel vaker seks gehad dan die keren. Ik heb er nooit wat aan gevonden en toen ik voor de tweede keer zwanger raakte zei ik tegen mijn man dat het zo wel genoeg was. Qua kinderen, maar ook qua seks. Hij wilde nog wel eens iets proberen, maar uiteindelijk liet hij het er maar bij zitten. Sinds twee jaar zijn we uit elkaar omdat bleek dat hij al jarenlang een relatie met een ander had (met wie hij wel seks kon hebben). Nu wil ik best wel weer een nieuwe relatie, maar dan zonder seks. Ben ik abnormaal?”

Sanderijn: “Allereerst, je bent echt niet abnormaal. Echt niet. Er zijn vele redenen waarom mensen geen seks willen. Heb je enig idee hoe dat bij jou is ontstaan?”

Iris: “Nee, geen idee. Ik heb nooit de behoefte gehad om mijn eigen lichaam te ontdekken. Ook als puber vond ik alles rondom seks onaantrekkelijk.”

Sanderijn: “Heb je in het verleden iets vervelends rondom seks meegemaakt?”

Iris: “Nee. Dat vroeg mijn ex-man ook steeds; of het soms kwam omdat ik ooit was aangerand of verkracht. Maar dat is nooit gebeurd.”

Sanderijn: “Hoe was het vroeger thuis? Werd er gepraat over seks? Hoe werd er gereageerd als je als kind belangstelling had voor je eigen lichaam?”

Iris: “Er werd thuis weinig over seks gesproken. Het was geen onderwerp waar makkelijk over werd gepraat. Ik heb nog een oudere zus. Ook met haar heb ik er als kind nooit over gesproken. Ik had ook nooit zin om doktertje te spelen of zoiets. Mijn zus deed toen ze puber was wel eens stiekeme dingen met jongens. Dat vond ik altijd stom. Ik heb pasgeleden iets gelezen over aseksualiteit. Zou dat op mij kunnen slaan?”

Sanderijn: “Het begrip aseksualiteit kan veel dingen betekenen. Maar er zijn ook veel misvattingen over. Zo denken sommige mensen dat aseksuelen nooit seks hebben gehad. Dat is niet zo. Aseksuele mensen kunnen best seks hebben, maar vinden er niets aan, beleven er geen plezier aan. Maar mensen die geen plezier beleven aan seksualiteit, kunnen nog wel behoefte hebben aan intimiteit of het hebben van een emotionele band met iemand. Daarom zie je dat sommige aseksuelen wel trouwen of samenleven of verliefd worden, maar dan zonder de behoefte om die liefde te uiten in seks met de ander. Maar er zijn ook aseksuelen die nog nooit verliefd zijn geweest noch seksuele gevoelens hebben gekend. Dit is slechts een kleine minderheid.”

Iris: “Ik herken veel in die eerste groep. Ik ben wel verliefd geweest op mijn ex, maar heb nooit de behoefte gevoeld om seks te hebben. Hij wel en daar ging ik dan in mee, maar leuk vond ik het niet. Zo hebben we dus uiteindelijk wel twee kinderen kunnen krijgen.”

Sanderijn: “Omdat er zoveel vormen van aseksualiteit bestaan is het niet altijd makkelijk om te bepalen of je nu wel of niet aseksueel bent. Zo zijn er ook mensen die zich aseksueel voelen bij de ene partner maar toch een seksueel gevoel kunnen krijgen bij een andere of nieuwe partner. Daarom ben ik niet zo’n voorstander van het ‘labelen’ van mensen. Het is niet een ziekte of aandoening. Het bestaat en is niet raar of abnormaal. De persoon die zich in de beschrijving herkent heeft er zelf doorgaans niet zo’n last van. Wat je niet mist, kun je niet naar verlangen.”

Iris: “Klopt, ik heb er persoonlijk ook echt geen last van. Ik weet alleen niet of een eventuele nieuwe partner het accepteert.”

Sanderijn: “Dat weet je natuurlijk niet van tevoren. Daarom is het goed om, als je gaat daten en op een gegeven moment merkt dat het een serieuze relatie kan worden, er wel over te beginnen. Hoe lastig dat ook kan zijn.”

Iris: “Dat snap ik en tegen die tijd klop ik misschien weer eens bij je aan voor advies. Voor nu ben ik vooral opgelucht te horen dat ik niet abnormaal ben.”

Sanderijn van der Doef is psycholoog en seksuoloog. Ze schreef diverse voorlichtingsboeken voor kinderen en werkt veel met volwassenen die vragen hebben over seksualiteit. Ze vindt dat seks plezierig en fijn moeten zijn voor iedereen die dat wil.

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden