Dagboek Maud #17 Beeld Libelle
Dagboek Maud #17Beeld Libelle

Dagboek van Maud: “Dit gesprek, deze ontmoeting, het kon niet langer worden uitgesteld”

Maud weet niet goed wat ze wil. Permanent de relatie met Koen verbreken of toch proberen om het te lijmen.

Ik had geen zin om Koen thuis uit te nodigen, dus hebben we bij een koffietentje afgesproken. Nadat hij me wekenlang elke dag een appje stuurde met: ‘Kunnen we praten, Maud?’ was ík nu degene die deze afspraak initieerde. En misschien juist wel omdat het de laatste dagen stil bleef. Ik bestel een cappuccino en loop een eindje weg van het stalletje om andere mensen de ruimte te geven. Ik herken Koen pas als hij zwaaiend voor me staat.

“Hi Maud, wacht je toevallig op mij?”

“O hi, sorry. Ik herkende je even niet.”

Koen schiet in de lach. “Dus zo snel gaat dat.”

“Nee, tuurlijk niet. Ik moet er nog aan wennen dat je geen baard hebt.” (Best raar, want ik riep eerst weken dat ik eraan moest wennen dat hij wél een baard had.)

“Beter zo, of niet?” vraagt Koen terwijl hij over zijn kin wrijft.

Een ex – of nog niet ex – die naar complimenten vist, dat voelt raar. Alsof hij met me probeert te flirten. “Ach, het hoofd blijft hetzelfde, niet dan?”

Koen moet nu zo hard lachen dat iedereen die in de buurt staat omkijkt.

“Wat wil je? Ik heb al besteld.”

“Latte macchiato”, zegt hij als vanzelfsprekend.

“Waar is jouw stokpaardje gebleven: er bestaat alleen koffie of koffie met melk?” bouw ik hem na.“Ik vond dat het wel tijd werd om wat te moderniseren.”

Hij lacht zijn jongensachtige lach, die hem altijd weer charmant maakt. “Daarvoor is het nooit te laat.”

“Dus jij wilde praten?”

Koen trekt zijn wenkbrauwen omhoog. “Volgens mij heb jij mij uitgenodigd voor deze afspraak. Maar als dit een subtiele manier is om mij te laten betalen, geen probleem hoor.”

Met ieder een beker koffie in de hand lopen we door de stille winkelstraat. “Goed dan,” begin ik, “hoe zie jij onze toekomst?”

“Volgens mij hangt dat van jou af toch? Jij wil niet dat ik weer thuis kom wonen, dus tja… ik kan weinig anders doen dan op de blaren zitten.”

Zijn woorden komen er naar mijn gevoel te gemakkelijk uit. Alsof hij ze gerepeteerd heeft. Of eigenlijk: alsof hij er geen gevoel bij heeft.

“Zou jij dan naar huis willen komen?” vraag ik hem terwijl ik stilsta om hem aan te kijken.

“Eh ja… moet ik op mijn knieën ofzo?” zegt hij cynisch.

“Nee, dat bedoel ik niet, Koen. Ik wilde met je praten, omdat ik hoopte een teken te krijgen over wat we moeten doen. Dat alles helder zou worden als wij elkaar weer in de ogen keken. Maar als ik eerlijk ben, weet ik het gewoon niet. Ik weet niet of ik nog wil dat we samen komen. En ik denk dat jij dat ook niet weet.”

Nu wendt hij zijn blik af. Een diepe zucht ontsnapt aan zijn mond en dan schudt hij zijn hoofd. “Je hebt gelijk. Ik weet ook niet meer waar ik sta.”

Onverwachts kan ik mijn tranen niet meer inhouden. Dit gesprek, deze ontmoeting, het kon niet langer worden uitgesteld. Eigenlijk heb ik het teken allang gekregen, ik wilde het alleen niet zien. Wij beiden wilden het niet zien.

“Gaat het?” vraagt Koen terwijl hij kort mijn arm aanraakt.

“Ja, het gaat.” Ik begin weer te lopen. Zwijgend volgt Koen mij.

Tien minuten later nemen we afscheid. We hebben afgesproken om elkaar los te laten.

Meer over

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden