null Beeld

Dagboek van Maud: “Het is alsof ik nu pas besef hoe dominant mijn moeder altijd was”

Maud ervaart haar therapie als heel intens. Flarden uit haar kindertijd komen boven en die zijn niet altijd even leuk.

Ondanks mijn oproepdienst laat ik mijn derde afspraak bij de therapeut toch maar gewoon doorgaan. Het gesprek begint zoals kennelijk gebruikelijk is bij deze man: met een korte samenvatting van de vorige sessie en de vraag hoe het mij deze week is vergaan.

Ideaalbeeld

Ik vertel meneer Bloem (ik weet nog steeds zijn voornaam niet) dat het me zwaar is gevallen. Er komt elke dag wel een flard of herinnering uit mijn jeugd naar boven die me een rotgevoel geeft. Het is alsof ik nu pas besef hoe dominant mijn moeder altijd was. Ook van dat systematische ondermijnen van mijn spontaniteit ben ik me nooit zo bewust geweest. Eigenlijk gaf ze me voortdurend het gevoel dat ik niet voldeed aan haar perfecte plaatje. Hoe meer zij me bekritiseerde, hoe meer ik mijn best deed om toch aan dat ideaalbeeld te voldoen.

Heling

“Ik kan me voorstellen dat dit moeilijk is voor je”, zegt meneer Bloem. “Maar gelukkig ga je dit nu aan. Het onder ogen zien van bepaalde mechanismen is vaak al de helft van de heling.” Na het woord ‘heling’ barst ik in huilen uit. “Sorry, sorry…” Hij schuift de doos tissues naar me toe. “Geen sorry graag.”

Hakkelend probeer ik onder woorden te brengen waarom het me zo raakt. “Ik begrijp langzaam wat er is gebeurd en waarom ik me… over bijna alles wat ik spontaan doe, of op de momenten dat ik ‘loslaat’ zo schuldig voel. Met terugwerkende kracht ben ik daar zo boos over.” De therapeut knikt. “Dat is begrijpelijk.” “Nee, want ik kan er niks meer mee! Mijn moeder is hartstikke dement en oud en fragiel. Ik mag blij zijn als ze nog een jaar of wat leeft. Zij zal nooit meer helen… En ik zal haar nooit meer de waarheid kunnen zeggen.”

Thuisbevalling

Mijn telefoon gaat. “Sorry, ik moet gaan. Dit is de spoedlijn.”

“Zegt de ene hulpverlener tegen de andere hulpverlener.” Het is zo’n droge opmerking van meneer Bloem dat ik er spontaan van in de lach schiet.

Even later doet een vrouw van middelbare leeftijd de deur voor me open. “Het staat nu toch echt te gebeuren”, zegt ze terwijl ze me meeneemt naar de slaapkamer waar haar dochter haar weeën met veel gekreun ondergaat. “Zuchten schat, zuchten!”

Ze is een patiënte van mijn collega. In het dossier staat dat ze een alleenstaand is, maar de precieze situatie ken ik niet. “Gaan we niet meer naar het ziekenhuis?” vraagt de dochter die pas negentien is. “Schat, een thuisbevalling is het allermooiste wat er is.” Haar dochter laat zich moedeloos achterovervallen.

Schreeuwen

“Je doet het goed meisje”, zeg ik. “Ik ga snel mijn spullen uitpakken en mijn handen wassen. Daarna kunnen we kijken of we naar het ziekenhuis gaan of niet.” Nu pas herinner ik me dat mijn collega het had over een meisje dat door haar vriendje was verlaten en bij haar ouders zou bevallen. De slaapkamer is ingericht alsof de wieg die er staat niet is bedoeld voor een echte baby, maar voor een pop. De moeder volgt me op de voet. “Ik heb tegen haar gezegd dat ze zich in moet houden, de buren hoeven niet mee te genieten”, zegt ze op fluistertoon. “Zou u haar misschien kunnen zeggen dat schreeuwen puur energieverlies is?”

Plotseling zie ik mezelf in de positie van die arme dochter. Een kind nog, dat van haar moeder niet eens mag schreeuwen in barensnood…

Meer over

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden