null Beeld

Dagboek van Maud: “Ik word steeds angstiger, een nacht buiten overleeft mama niet”

Terwijl Maud in bad zat met John, werd ze gebeld door Loretta met de boodschap dat haar moeder Babs weg is.

Maud

In volle vaart rijden we naar het verzorgingshuis. “Hoe kan dit nou?” vraag ik me hardop af. “Ze hebben een deur met een code, een portier die daar permanent bij zit, personeel dat rondloopt.”

“Ze kan nooit ver komen, toch?”, zegt John geruststellend. “Dat weet je nooit bij mijn moeder.” Meteen is het er weer: het schuldgevoel. Even is mijn aandacht verslapt en er gaat toch weer van alles fout.

Loretta staat bij de deur om ons op te vangen. Onwillekeurig kijk ik om me heen om er zeker van te zijn dat Koen er niet ook is. “Het spijt me echt vreselijk Maud, we hebben geen idee hoe ze ontsnapt kan zijn.”

“Hebben jullie dan geen camera’s? Dan kun je toch zien hoe laat ze naar buiten is gelopen?”

“We hebben alleen een camera bij de hoofdingang en daar is niks op gevonden. We vermoeden dat ze via de achterdeur is weggelopen. Kom, dan laat ik het jullie zien.”

Angstig

Loretta neemt ons mee door de gang, waarna we in de grote gemeenschappelijke ruimte komen. “Hier hadden we vanmiddag kerstlunch. Om de verrassing groter te maken, kwam de kerstman via de achteringang.” Ze opent een gordijn waarachter een ruimte is met looprekken, pionnen, een paar grote ballen en nog meer hulpmiddelen voor de bejaardensport. “Die waren we vergeten op slot te doen.” Ze opent de achterdeur die uitkomt op het parkeerterrein.

Koen komt meteen met Rosa en met zijn vieren zoeken we de omgeving rond het huis af. Zonder resultaat. Dat dit de eerste keer is dat John Koen ontmoet, is in deze situatie totaal irrelevant. Het is inmiddels donker buiten en met dit gure weer word ik steeds angstiger. Een nacht buiten zal mama niet overleven. Mijn buren houden in de gaten of ze niet bij mij thuis komt aanlopen. De politie vreest dat ze in de lijnbus is gestapt die voor de deur stopt, ze zijn in overleg met het streekvervoer. Koen merkt droog op dat Babs altijd een taxi nam, de bus vond ze voor paupers. Heel even wordt er gelachen.

Stille nacht

Juul komt binnen met Julian die ze heeft opgepikt van het station. Achter hen loopt een stoere man met een hippe baard. Ik neem aan dat het de nieuwe vriend is van Julian, maar het blijkt de nieuwe liefde van Juliet te zijn.

Dan klinkt er plotseling klokgeluid. “De avondmis voor de bewoners gaat zo beginnen”, zegt Loretta, die haar werkschort heeft uitgedaan omdat haar dienst erop zit. De politie stelt voor dat we naar huis gaan. We kunnen hier toch niks doen, maar ik wil blijven. Dan besluiten ook alle anderen om te blijven. Vanuit de wachtruimte horen we de bewoners kerstliedjes zingen. John begint zachtjes mee te neuriën. Ik wil hem aanstoten, maar dan doet Rosa met hem mee. Langzaam zingt iedereen ‘Stille nacht, heilige nacht’. Behalve ik. Als ik mijn mond opendoe, moet ik huilen.

Gezellig

Er wordt op de deur geklopt. Een man in een kaftan verschijnt in de deuropening. “Zijn jullie familie van Babs?” Ik sta onmiddellijk recht.

“Ja, heeft u haar gezien?”

Dan opent hij de deur verder en daar staat onze moeder, met wollen deken om haar schouders en een verbaasde blik op haar gezicht. “Ze stond voor de moskee”, zegt de man vriendelijk. “Ze dacht dat het de kerk was.”

“Ach mama…” Huilend omhels ik mijn moeder.

“Maudje toch, niet huilen”, hoor ik haar fluisteren. Dan kijkt ze in het rond en zegt: “Wat gezellig!”

Benieuwd wat hieraan vooraf ging? Dat lees je hier.

Koen, de ex-man van Maud, schrijft ook iedere week in zijn dagboek. Zijn verhalen lees je hier.

Meer over

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden