null Beeld

Dagboek van Willeke: “Hij zei dat hij er gek van werd dat ik altijd met iets anders bezig was”

Willeke is de kleindochter van Anne-Wil en de puberdochter van Manon. Iedere week houdt ze een dagboek bij voor Libelle.

Zaterdag 20 november

Ik leun met mijn voorhoofd tegen het koele raam van de bus. Ik heb Floris niet meer gezien sinds de ruzie van vorig weekend.

Na het feestje bij Jeroen durfde ik niet naar huis, bang dat mama mijn bleke hoofd zou zien en meteen zou weten dat ik had geblowd, dus ik was naar Floris gegaan, die opendeed met zijn koptelefoon op, en me binnenliet met zijn kaken stijf op elkaar. Ik zei dat ik me ziek voelde van het blowen en hij zei: ‘dat komt ervan als je met die stoners van je toneelgroep rondhangt.’ Hij heeft een hekel aan de jongens op school die blowen, al drinkt hij met zijn hockeyvrienden bier tot ze erbij neervallen. Ik was te misselijk om over hypocrisie te beginnen.

Hij vroeg waarom er niemand op het feestje zich over me had ontfermd, en toen ik zei dat Micha me had geholpen, snauwde hij me toe dat ik zo ongelooflijk naïef was, dat die jongens van de toneelgroep alleen maar met me naar bed wilden. Ik werd witheet van de beschuldiging en zei dat ik niet eens leuke vrienden mocht hebben van hem, dat ik altijd alleen maar moest toekijken hoe hij vrienden maakte met de vreselijkste jongens die ik ooit had ontmoet.

Hij zei dat hij er gek van werd dat ik altijd met iets anders bezig was, dat ik bijna uit zijn leven was verdwenen sinds ik met de musical bezig was, dat hij gek werd van jaloezie en verdriet elke keer dat we niet samen zijn. Snikkend en met een rood, koortsig gezicht kroop ik uiteindelijk in een van de logeerbedden.

Dat is alweer meer dan een week geleden. Als ik zijn locatie bekijk op mijn telefoon is hij altijd thuis, op de hockeyclub of bij zijn beste vriend Erik. Nu thuis. Ik probeer me te herinneren hoe het voelde toen ik degene was die jaloers was, wanhopig om zijn aandacht vocht, altijd bang dat er andere meisjes waren. Nu weet ik met zekerheid dat ik niks heb om me zorgen over te maken, dat hij alleen maar aan mij denkt. Het lucht me niet op. Het stipje van zijn locatie op mijn telefoon benauwt me. Ik stel me voor hoe hij tegelijk ook op zijn telefoon kijkt en mijn stipje de stad uit ziet rijden, langs het water.

Papa staat me op te wachten bij de bushalte. Een man naast een eenzame paal langs een lange landweg. Hij ziet meteen dat het mis is en ik begraaf mijn hoofd zo diep mogelijk in zijn jas. Hij ruikt naar hoe het heel vroeger rook als ik op zaterdagochtend bij mijn ouders in bed kroop. Naar kussensloop.

We lopen hand in hand naar de boerderij waar hij woont, en hij vraagt pas wat er is als we bij zijn huisje zijn aangekomen. Ik haal mijn schouders op, want ik kan het niet uitleggen. Hij wrijft mijn bovenarmen warm en vraagt of we dan maar aan het werk zullen. Ik ben er vandaag om een zakcentje te verdienen, ik wil leuke sinterklaascadeautjes kunnen kopen en papa heeft hulp nodig bij het sorteren van de appels.

In stilte lopen we naar een enorme, schemerige schuur waar kratten zo groot als roeiboten opgestapeld zijn, allemaal vol met appels. Die moeten gesorteerd worden. De mooie appels worden verkocht, de lelijke gaan naar de voedselbank en van de echt mismaakte wordt sap geperst. Papa geeft me een paar tuinhandschoenen en zet muziek op. Fleetwood Mac. Die hadden ook altijd ruzie met hun partners, maar ze bleven wel samen in een band spelen.

Na een half uur alleen maar met de appels bezig te zijn, haal ik adem en vertel ik papa alles. Over de musical, mijn nieuwe vrienden, Micha. Over Floris en hoe anders hij eigenlijk is dan ik. Ik vertel zelfs over het blowen en hij moet hard lachen als ik beschrijf hoe het voelde, alsof iedereen naar me keek. Ik vertel dat ik eigenlijk voorlopig niet weet wat ik moet met Floris.

“Wat zou je nou het allerliefst willen doen dit weekend?”, vraagt papa uiteindelijk.

“Weet ik niet”, zeg ik, “gewoon thuis zijn. Iets lekkers koken voor mama en Boy. Iets nieuws maken.”

“Dan doe je dat toch gewoon, Wils. Je bent zo ernstig, met al die verantwoordelijkheden van je. Je hoeft even helemaal niks.”

En even is er ook helemaal niets. Alleen de appellucht en de muziek en de opluchting dat ik hem alles heb verteld.

Meer over

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden