Maartje: “‘Ik heb iemand ontmoet’, zegt Jochem. ‘En jij kent haar ook’” (Photo by Sefa Karacan/Anadolu Agency/Getty Images) Beeld Getty Images
Maartje: “‘Ik heb iemand ontmoet’, zegt Jochem. ‘En jij kent haar ook’” (Photo by Sefa Karacan/Anadolu Agency/Getty Images)Beeld Getty Images

Maartje: “‘Ik heb iemand ontmoet’, zegt Jochem. ‘En jij kent haar ook’”

De spontane date met Miranda blijkt verrassend leuk en na de laatste ronde rolt Maartje lachend de bar uit met haar spontane date. Met zelfs een klein kusje.

Een nieuwe

“Kunnen we nog even praten zo?”, vraagt Jochem. Ik neem de moeite niet meer om me op te maken als hij langskomt, maar hij staat er opvallend goed bij in zijn denimblauwe overhemd en matchende broek. Aan iedere arm een grote tas met tablets, knuffels en voetbalschoenen van de kinderen. Misschien moeten we dit toch eens anders gaan organiseren.

“Tuurlijk”, antwoord ik. “Kom binnen.” Aan zijn voeten zie ik ineens joekels van sneakers, in knallend oranje en groen. Zo ken ik ’m niet. Een kleine gniffel ontglipt me.

Na de gebruikelijke hoe-is-’ts qua kinderen en werk komt hij nog voordat ik zijn koffie heb ingeschonken terzake.

“Ik heb iemand ontmoet.”

“Oké.”

“Ja, het is wat snel, en ook nog maar net, maar ik wil niet dat je het van iemand anders hoort.”

Jochem staart strak in zijn kopje terwijl hij zijn verhaal doet. Ik weet niet zo goed wat zijn boodschap nu precies met mij doet. Ergens heb ik het idee dat hij me dit al eerder heeft verteld. Maar wanneer dan? En is dit dan een nieuwe? Of heb ik dat alleen bedacht?

“En jij kent haar ook.”

Nu is het wel nieuws voor me.

Ik voel verraad, verdriet

“Wie dan?”

De stilte die Jochem laat vallen voelt onheilspellend.

“Liesbeth.”

“Míjn Lies?!”, roep ik. “Mijn collega en vriendin Lies?”

“Ja. We kwamen elkaar tegen toen jij op Vlieland was en we vonden dat je het van mij moest horen.”

“Maar ik heb haar vorige week nog uitgebreid gesproken en toen heeft ze helemaal niks gezegd!” Tranen prikken in mijn ogen. Ik voel verraad, verdriet. Onthutsing zelfs, als dat een woord is. En dan vooral naar Lies. Want hoe goed Jochem en ik het ook doen, Lies zat in mijn kamp.

“En, jullie hebben het dus samen over mij gehad?”

Ik voel me misselijk worden.

“Ja, eh, nou, ik wist dit ook niet van tevoren”, mompelt Jochem. “Ik bedoel, eh, jij wilde uit elkaar. En ik weet wel dat ik het met Liesbeth wil uitzoeken. Het lijkt me goed als jullie elkaar even bellen vanavond. Vindt zij ook fijn.”

“Reken maar dat ik haar bel”, zeg ik. “Zometeen al. En Jochem, ik ben niet boos, en ik gun je alle goeds, of jullie, maar ik moet dit wel even laten landen allemaal. Deze had ik toch niet zien aankomen.”

“Laten we nog even niets tegen de kinderen zeggen”, vindt Jochem. En daarin moet ik hem gelijk geven.

De ringtoon van Lies

We spreken nog wat praktische zaken door en ondertussen zie ik op mijn telefoon al drie appjes van Miranda binnenkomen. Nu even niet, schatje.

Ik kijk Jochem nog net niet de deur uit. Op het moment dat zijn hand de deurklink raakt, gaat de ringtoon van Lies al over.

“Je weet het”, klinkt het aan de andere kant van de lijn.

“Ja. Vertel”, zeg ik.

“Nu?”

“Nu ja. Absoluut nu.”

Meer over

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden