null Beeld Gettyimages
Beeld Gettyimages

Zorgenzoon 60: “Het heeft geen zin hem te duwen, eindeloos te waarschuwen. Hij wil geen hulp”

Lars, die wegens ernstige gedragsproblemen anderhalf jaar in een instelling woonde, is terug in zijn geboortestad Amsterdam. In anderhalf jaar loopt hij zes keer weg, uiteindelijk definitief. Hij gaat naar een woongroep voor begeleid wonen, krijgt op zijn achttiende een flatje toegewezen maar dat gaat mis. Hij komt diverse keren met de politie in aanraking, wordt zelfs gearresteerd. Uiteindelijk gaat hij terug naar zijn moeder en zusje. Die gaan binnenkort verhuizen naar een nieuwbouwhuis in het kader van een nieuwe start. Wat Lars gaat doen, weet niemand.

zorgenzoon #60

Vriendinnen komen op bezoek om me te helpen inpakken. Stapels verhuisdozen halen we. Grappig om te zien hoe de verschillende karakters terugkomen in de manier waarop er wordt ingepakt. De kritische vriendin met de goede ideeën en het chaotische karakter stort zich op de afdeling beeldjes en schilderijtjes. Ze vindt dat ik niet alles mag meenemen. “Zo kom je nooit van je teveel aan spullen af”, zegt ze streng. Zorgvuldig wikkelt ze vervolgens alles in kranten. Om er dan, totaal onverwacht, allerlei andere voorwerpen uit de kamer los bij te leggen. “Voor de opvulling”, zegt ze. Dat wordt een fijn zoekplaatje in mijn nieuwe huis.

Ik durf er niets van te zeggen, ben allang blij dat ze komt helpen. Heel anders is de aan- en doorpakvriendin met de leidinggevende functie. Ze stort zich vol overgave op de keuken, trekt alles uit kastjes en lades en zet alles in rap tempo in een doos. Na twee uur beuken heeft ze tien dozen ingepakt en mogen we een wijntje. Cheers, op de nieuwe toekomst.

Vrienden = familie

Wat moest ik zonder mijn lieve vriendinnen? Ze luisteren, relativeren, zorgen voor zonneschijn. Ze zijn mijn familie. Ook omdat ik aan mijn echte familie, in dit geval mijn eigen kinderen, niet veel heb. Ze lopen in en uit, trekken de koelkast open, halen er iets uit en verdwijnen weer. Lars heeft nog geen doos aangeraakt. “Ma, jij wil toch verhuizen”, zegt hij als ik hem erop aanspreek. Van Bente mag ik niet aan haar spullen komen. “Ik pak mijn eigen kamer in”, zegt ze gedecideerd. Grappig toch, die eigengereide meiden ten opzichte van die passieve jongens.

Voor mijn werk heb ik een interview met een vrouw die het slachtoffer is van de Toeslagenaffaire. Ze is alleenstaande moeder met twee dochters en heeft een eigen cateringbedrijfje wat aardig loopt. In 2009 ontvangt ze de eerste brief waarin staat dat ze € 10.000 boete moet betalen omdat ze een formulier voor opgave van de kinderopvangtoeslag niet goed heeft ingevuld. Later komen daar boetes bij voor 2010 en 2011. In totaal moet ze € 30.000 terugbetalen. Ze raakt het overzicht kwijt, vult het ene gat met het andere en begint achter te lopen met de huur. Haar auto bleek niet meer verzekerd, wat ook weer een boete opleverde.

50 euro per week

Ze heeft tranen in haar ogen als ze vertelt. “Voor de buitenwereld leek het of het prima liep allemaal. Ik was altijd druk met werk, had genoeg opdrachten. Maar geen stuiver op de bank. Ik moest rondkomen van € 50 per week, vaak was het nog minder. Daarvan kocht ik alleen het hoognodige. Ik schaamde me kapot, ik dacht dat die armoede mijn eigen schuld was.” Ze vertelde niemand in haar omgeving hoe zwaar het is, hoe naar ze zich voelt. “Ik wilde mijn zorgen voor de buitenwereld en vooral voor mijn kinderen, toen nog zeven en acht jaar oud, verbergen. Trots was ik. Niemand hoefde te weten hoe arm we waren.”

Na tweeënhalf uur praten zitten we beiden te huilen. Wat heeft deze vrouw het zwaar gehad! Weer heel anders dan ik, maar evenveel stress, zorgen, verdriet. Slapeloze nachten. Uiteindelijk kreeg zij € 30.000 terug van de Belastingdienst. Waar ze helemaal niet blij mee was, want ze had jarenlang in schaamte en zelfhaat geleefd. Gelukkig is ze weer een beetje opgekrabbeld, begint haar bedrijfje weer te lopen en heeft ze goed contact met haar dochters. Het leven, het is als de zee, die stroomt en golft, soms hard, soms zacht. Die neemt, die geeft. Je kunt het allemaal nog zo mooi bedenken, in de hand heb je het vaak niet. Meedeinen is maar het beste.

Zelf doen

Lars gaat voor de golven met de witte koppen. Risico nemen is mooi, vindt hij. Door zijn onbesuisdheid gaat hij af en toe kopje onder. Gelukkig is hij tot nu toe altijd weer boven komen drijven. Al scheelde het soms niet veel. Hij vindt zelf ook dat hij al veel heeft meegemaakt. Gehard is. Daar is hij best trots op. Hij weet zeker dat hij het gaat maken. In welke hoedanigheid, dat weet hij nog niet precies. Maar voor Lars geen ondermaats bestaan, met sleur en bravigheid.

Ik merk dat ik het beetje bij beetje loslaat. Het heeft geen zin hem te duwen, eindeloos te waarschuwen. Hij wil geen hulp. Van niemand of niets. Geen coach, geen psychiater, geen bemoeizuchtige moeder. Hij wil het allemaal zelf bepalen. “Ga weg ma, met je therapie, ik doe het zelf.”

Theorie-examen

Zijn examen voor het rijbewijs komt in zicht. Zijn vader betaalt zijn autorijlessen. Maar eerst dat theorie-examen nog. Hij heeft een speciale editie gedownload waarbij de uitleg gepaard gaat met veel straattaal. Voor zijn doen is hij er serieus mee bezig. Wel anderhalve dag zie ik hem vragen oefenen. Op de dag zelf vraagt hij me hem weg te brengen. Het is helemaal in Arnhem. Heel toevallig had ik mijn moeder beloofd langs te gaan en dat is een eind die kant op. We vertrekken ruim op tijd.

Anderhalf uur zit Lars naast me, hij heeft zijn oortjes in en oefent nog steeds examenvragen die hij op zijn telefoon heeft geïnstalleerd. “Ik heb ze gvd niet allemaal kunnen oefenen”, vloekt hij. Ik wil nog zeggen dat hij dan niet zoveel op straat had moeten hangen, maar ik houd wijselijk mijn mond. Hem nu dit inwrijven is 300% kans op een woede-uitbarsting.

Twee fout te veel

Het CBR ligt zoals altijd ook hier in een buitenwijk. Lars stapt vloekend uit. “Wacht hier”, bijt hij me toe en beent naar binnen. Ik loop een rondje over het examenterrein, probeer ergens koffie te krijgen, maar nee, nergens een automaat. Ik kruip weer achter het stuur, zet de radio aan. Dan trekt Lars het portier aan de bijrijderskant open. “Gas, ma”, zegt hij. Zijn gezicht staat op onweer. “Twee fouten te veel”, zegt hij. Ik start de auto en werp een schuine blik op hem. In stilte bewonder ik zijn lef. Hij was er bijna. Maar toch net niet. Lars wil niet mee naar oma, dus ik zet hem af voor het station. Geef hem nog mijn OV-kaart, want: “Nee, ma, ik ben de mijne kwijt.” En kijk hem na als hij wegloopt. Zijn hoodie diep over zijn ogen getrokken.

Volgende week: Ontslagen bij Jeugdzorg

Over Zorgenzoon:
Lars (18) is een jongen met ADHD en licht autisme. Zijn gedragsstoornis brengt hem regelmatig in de problemen. Zijn moeder, Febe van Otterlo, is freelance journalist. Om privacyredenen zijn de namen in deze column gefingeerd. De naam Febe van Otterlo is een pseudoniem.

Meer over

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden