Zorgenzoon 61 Beeld Libelle
Zorgenzoon 61Beeld Libelle

Zorgenzoon 61: “Het gaat me aan mijn hart dat Bente heeft moeten lijden onder haar moeilijke broer”

Wegens gedragsproblemen wordt Lars op zijn vijftiende uit huis geplaatst en belandt in een instelling. In anderhalf jaar loopt hij zes keer weg, uiteindelijk definitief. Hij gaat naar een woongroep voor begeleid wonen, krijgt op zijn achttiende een flatje toegewezen maar dat gaat mis. Hij komt diverse keren met de politie in aanraking, wordt zelfs gearresteerd. Uiteindelijk gaat hij terug naar zijn moeder en zusje. Die gaan binnenkort verhuizen naar een nieuwbouwhuis. In het kader van een nieuwe start. Wat Lars gaat doen, weet niemand.

Zorgenzoon #61

Notaris

Vanachter het treinraampje kijk ik naar de voorbij glijdende wereld. Weilanden met slierten koeien worden opgevolgd door nette kleine dorpjes, lelijke industrieterreinen en brede glinsterende rivieren. Ik ben op weg naar Enschede, alwaar de notaris op mij wacht. Ik moet hier wat papierwerk tekenen dat ervoor moet zorgen dat mijn nieuwe huis ook daadwerkelijk mijn huis wordt. Voor altijd en eeuwig. Het notariskantoor is op loopafstand van het station. Ik tiktak op mijn hakken richting uitgang. Want ja, je gaat toch niet in je joggingbroek en op sneakers naar de lokale notabelen. Er hangen wat vage types op een nabijgelegen plein. Ik loop langs lelijke hoge gebouwen, sla linksaf en passeer dan ineens een landhuis. Het ziet er mooi uit, maar de tuin is onverzorgd, de kozijnen zitten slecht in de verf en de ramen zijn smerig. Bij het zonnebloemgele pand ernaast bel ik aan. Ik krijg een kopje koffie en wacht in een grote kamer met ouderwetse meubels. Ik staar naar het behang met magnolia’s. Het leven gaat hier in Twente vast gemoedelijk voorbij. Men werkt, rust uit, drinkt een biertje op vrijdagavond. Op zaterdag met z’n allen naar het voetbal en op zondag naar oma voor een bakkie leut met iets lekkers. Kinderen fietsen in slierten naar school. Maken braaf huiswerk. Respecteren hun hardwerkende ouders. Misschien moet ik hier naartoe verhuizen.

Van het padje

“Ha, daar bent u”, zegt een joviale stem. Een grote man in driedelig pak geeft mij een hand en begint een verhandeling over alle plekken die hij kent in Amsterdam. “Ja, het zal hier wel een stuk rustiger zijn”, merk ik op. “Dat zal u nog verbazen”, antwoordt de man en beschrijft in tien minuten de sores van dit charmante stadje. “Wist u dat de coke hier spotgoedkoop is en van topkwaliteit?”, vraagt de man en kijkt mij doordringend aan. “Alle Duitsers komen hier omdat de prijzen per gram hier veel lager zijn dan in de Randstad. En de kwaliteit is loepzuiver. Geen wonder dat veel jongeren hier van het padje raken. Ze gaan dealen, want ja, dat verdient als een dolle. En het erge is: ze beginnen op steeds jongere leeftijd. Want jonge mensen mag de politie niet zo lang vasthouden. Ze worden opgeleid door hun grote broer. Of oudere jongens uit de buurt.” Hij zucht, vervolgt: “Velen raken zelf verslaafd aan die troep”, en maakt een gebaar richting het raam achter hem. “Daarachter zit een opvangtehuis voor jonge verslaafde gedetineerden.” Om vervolgens naar het belendende vervallen landhuis te wijzen. “En kijk, daar zitten degenen die zijn afgekickt. Ze krijgen daar professionele begeleiding om hun leven weer op de rit te krijgen. Ja mevrouw, het is me wat.”

Weg picture perfect. Beduusd teken ik alle paperassen en tiktak weer richtig station. Ik ben blij wanneer ik weer in Amsterdam ben. Hier zie je het tenminste niet zo.

Ontslagen bij Jeugdzorg

Op een zonnige dag in juni staat er een belangrijke afspraak in mijn agenda. Harm, Bente en ik hebben vandaag een eindgesprek met onze gezinsmanager van Jeugdzorg. Lars was al eerder uit de kruiwagen gekieperd, omdat hij achttien geworden was. Nu is Bente aan de beurt. Ik stap op de fiets en peddel naar het opgegeven adres. Harm, Bente, haar coach en de gezinsmanager, een jonge vrouw zonder kinderen, zitten al klaar. De stemming lijkt opgewekt. “Zo”, steekt de gezinsmanager van wal. “Omdat we de laatste maanden zulke goede berichten over je horen, gaan we kijken of het mogelijk is dat we afscheid van elkaar kunnen nemen.” Er volgt een opsomming van wat er allemaal goed gaat. Bente die naar school gaat, huiswerk maakt, goed contact heeft met haar vader. Ze vraagt ook wat Bente er zelf van vindt. “Mijn ouders zijn zowel prima als best irritant”, zegt ze. Ik kan een glimlach niet onderdrukken.

Hotel Mama

Natuurlijk vindt ze ons stom. Haar ouders, die een puinhoop van hun relatie hebben gemaakt. Een vader met een nieuwe vlam en een moeder met een warrig hoofd, een rommelig leven, een oud huurhuis vol verhuisdozen en een nieuw huis waar nog geen gordijn hangt. Als de gezinsmanager vraagt wat er zoal niet deugt aan mij, antwoordt Bente: “Ze wil altijd veel van mij weten. Waar ik naartoe ga en met wie. Daar heb ik geen zin in, om dat te vertellen. Maar verder heb ik niet zoveel te klagen. Ik ben blij dat ik bij haar mag wonen, dat er altijd te eten is en ik ben blij met mijn kamer.” Tjonge, wat een enthousiasme. Hotel Mama, at your service. Tegen haar vader is ze jovialer.

Geen wonder, die zorgt dat ze kan bijverdienen in zijn goedlopende bedrijf, hij neemt haar mee op vakantie, mee naar zijn familie die uit veel leden bestaat en veel neven en nichten telt. Zijn moeder is een eenmanszaak, zit minder goed bij kas en heeft maar één zus zonder kinderen. Stukken minder gezellig.

Toch wil Bente niet bij haar vader wonen. Waarom, dat wordt niet duidelijk. Ik denk dat het een loyaliteitskwestie is. En er moet toch iemand op die moeder passen.

Nooit meer spijbelen

Bente belooft het nieuwe schooljaar beter haar best te doen en nooit meer te spijbelen. Ik help het haar hopen. Ze gaat eindexamen doen, straks. Dat moet lukken; na twee keer te zijn blijven zitten wordt ze onderhand te oud voor de school. Het gaat me aan het hart dat ze zo heeft moeten lijden. Onder haar moeilijke broer, haar ruziënde ouders. Ik gun haar de wereld. Al met al sluiten we het gesprek goed af. De gezinsmanager merkt op dat er nog een afsluitend verslag zal worden nagezonden en dat de coach van de hulpinstantie nog wel contact zal houden met Bente. Dat was het dan.

Harm werpt een schuine blik op mij, omarmt Bente en beent de gespreksruimte uit. Ik sta op, open de deur, stap naar buiten en knipper tegen het zonlicht.

Voor ons ligt een leven zonder Jeugdzorg. Eindelijk.

Volgende week: Lars op bezoek bij oma

Over Zorgenzoon:
Lars (18) is een jongen met ADHD en licht autisme. Zijn gedragsstoornis brengt hem regelmatig in de problemen. Zijn moeder, Febe van Otterlo, is freelance journalist. Om privacyredenen zijn de namen in deze column gefingeerd. De naam Febe van Otterlo is een pseudoniem.

Meer over

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden