null Beeld

Zorgenzoon – deel 30: “Dat deze folder over mijn gezin gaat is ongelofelijk, maar de werkelijkheid”

Anderhalf jaar woonde Lars, inmiddels zeventien, in een instelling. Hij liep zes keer weg. Omdat de rechterlijke machtiging uiteindelijk verliep, hoefde hij niet meer terug. Hij heeft nu een kamer in een woongroep voor jongeren die om wat voor reden dan ook niet thuis kunnen wonen. Dat verloopt niet vlekkeloos.

Online redactie Libelle

De Raad van de Kinderbescherming gaat een onderzoeksberaad instellen. Omdat men zich zorgen maakt over de veiligheid en geestelijke gesteldheid van Lars en Bente. De aanvraag hiervoor dateert nog van november vorig jaar, toen Lars net definitief uit de instelling was weggewandeld en zich schuil hield bij mij.

Lars staat nog altijd te boek als een ‘agressieve stoorzender’ en die moet je niet te vaak en vooral niet te lang in huis hebben, zo vindt men. En omdat hij nog regelmatig bij mij verblijft, op andere dagen dan het afgesproken weekendverlof, moet de zaak nader onderzocht worden. Zijn aanwezigheid zou schadelijk zijn voor Bente en onrustig en te belastend voor mij.

Opvoedproblemen

Al eind vorig jaar ontving ik een mail waarin dit onderzoeksberaad wordt uitgelegd: ‘Het betreft een overleg ‘waarin de Raad van de Kinderbescherming alle betrokkenen hoort aan de hand van de drie vragen die centraal staan in het raadsonderzoek: Wat zijn de zorgen, Wat zijn de krachten (wat gaat er goed) en Wat moet er gebeuren?’ Er zit een opbeurend pdf bestand bij met als titel ‘Als opvoeden een probleem is’. Op de voorkant staat een moeder afgebeeld die een trap oploopt. Weg van haar kind, dat onderaan de trap staat en haar nakijkt. Ik krijg er een naar gevoel van in mijn maag.

In deze digitale folder wordt de rol van de Raad verder uitgelegd.

‘Als u samen met BJZ/AMK (Bureau Jeugdzorg/Advies- en Meldpunten Kindermishandeling) de problemen niet kunt oplossen en de opvoedingssituatie blijft bedreigend voor de ontwikkeling van uw kind, dan doet BJZ/AMK een melding bij de Raad.’ Mijn ogen vliegen snel over de regels heen. Dat deze folder over mijn gezin - of wat er van over is - gaat, is ongelofelijk. Maar toch werkelijkheid. Want de mail zit in mijn mailbox, niet in die van iemand anders.

Folder

Doel van het onderzoek is ‘om te achterhalen of er sprake is van een zodanig bedreigde opvoedingssituatie dat gedwongen hulp nodig is. Als de Raad van mening is dat dit het geval is, verzoekt de Raad aan de rechter een maatregel van kinderbescherming op te leggen.’ Welke maatregelen dat zijn, worden tot het laatst bewaard. Tussen de teksten door staan meer deprimerende foto’s. Een meisje alleen in een speeltuin. Je ziet haar van achteren. Haar iets gekromde ruggetje, de ellende straalt eraf. Verderop staat een tienerjongen afgebeeld, hij staat tegen een hoog ijzeren hek, zijn handen klauwen in de gaten tussen de spijlen. Welke communicatieadviseur heeft deze folder bedacht?

Voogd of pleeggezin

Ik scroll door de teksten naar het einde, waar de maatregelen vermeld staan. De eerste is een OTS maatregel, oftewel een Ondertoezichtstelling. Dat betekent dat ‘het kind een voogd krijgt toegewezen van Bureau Jeugdzorg, die het kind en de ouders begeleidt bij het oplossen van de opvoedingsproblemen. De ouders blijven zelf verantwoordelijk voor de opvoeding, maar hun gezag wordt door de maatregel gedeeltelijk ingeperkt.’ Dit blijkt de mildste maatregel van het rijtje. Bij nummer twee, Ontheffing van het ouderlijk gezag heb je al weinig meer te zeggen over je kind. ‘Als ouders niet in staat zijn om hun kind op te voeden en te verzorgen, bepaalt de rechter dat een ander voor onbepaalde tijd het gezag over het kind krijgt. Meestal is dat BJZ (Bureau Jeugdzorg). Deze organisatie oefent in dat geval de voogdij over het kind uit. Het kind wordt opgevoed in een pleeggezin of tehuis. De ouders hebben dan officieel niets meer over het kind te zeggen, maar de voogd betrekt hen voor zover mogelijk nog wel bij het kind.’ De derde maatregel is de meest bedroevende. Als ouders zich verwijtbaar misdragen tegenover hun kind, kunnen zij door de rechter uit het ouderlijk gezag ontzet worden. Het gezag over het kind wordt meestal overgedragen aan BJZ, dat dan de voogdij over het kind uitoefent. Het kind gaat naar een pleeggezin of tehuis.’

Verhalen in de krant

Als je dit allemaal zo leest, vraag je je af waarom het vaak nog misgaat. De verhalen in de krant elke dag, over moeders die hun kind van een flat gooien, vaders die de kinderen vermoorden wegens relatieproblemen. In vrijwel alle gevallen zijn de gezinnen al lang bij Jeugdzorg bekend. Verschrikkelijk. En onvoorstelbaar. Want al deze mensen hebben een zelfde onderzoek gehad. En er zijn toch geen afdoende maatregelen getroffen. Kinderen leden jarenlang, ouders raakten eerst elkaar en toen ook zichzelf kwijt. De maatschappij keek toe. Jeugdzorg zegt achteraf al langer te willen ingrijpen. Maar kwam toch te laat.

De moeder

Er is geen ontkomen aan. Het onderzoek gaat ook ons gezin overkomen. Een kind dat uit huis geplaatst geweest is en nu weer op ‘vrije voeten’ is, blijft bij instanties in the picture. Want mogelijk vormt hij een gevaar voor de samenleving. En voor zichzelf. Alle betrokkenen krijgen een uitnodiging voor het raadsgesprek. Harm zijn broer Anton, die al een poos optreedt als achterwacht. Bente gaat regelmatig naar hem toe, om te eten en om huiswerk te maken. Het helpt haar om wat meer houvast op school te krijgen. Jeugdzorg zou het liefste zien dat ze een tijdje bij oom zou gaan wonen. Ook de systeemtherapeut stuurt hier al een poos op aan. Maar Bente zelf is wars van dit idee. Zij woont thuis en blijft daar, zegt ze. ‘Ze is extreem loyaal naar haar moeder,’ zegt de omgeving. Ik snap het wel. Bente zag haar vader vertrekken, haar broer werd uit huis geplaatst. Haar veilige haven ben ik. En dat wil ze vooral zo houden. Van de Begeleid Wonen organisatie zijn ook twee vertegenwoordigers aanwezig, de aardige gedragswetenschapper en de mentor van Lars, de rondbuikige Winfred. Ik kleed me netjes aan voor het overleg. Een mooi colbertje, een cremekleurige blouse, een chique zwarte broek, hakken, lippenstift. En tuf naar het opgegeven adres. Dat best dichtbij mijn huidige huis blijkt te liggen.

Als ik binnenstap, word ik keurig ontvangen. Ik meld de naam van de raadsonderzoeker. ‘Ach, u bent natuurlijk de advocaat,’ knikt een vriendelijke man op leeftijd mij vanachter een grote bril toe. “Nee, niet echt,” antwoord ik, ‘ik ben de moeder.” Blijkbaar zie ik er niet uit als een moeder van een ontwricht gezin.

Plussen en minnen

Een bewaker gaat mij voor naar een zaaltje. Iedereen zit al aan de lange tafel. Harm groet nors en kijkt stuurs voor zich uit. De raadsonderzoeker is jong en blikt streng over haar donkere brilmontuur. Ze opent het gesprek. Ze deelt een papier uit waar de krachten en de zorgen met betrekking tot beide kinderen op een rijtje staan vermeld. Het is een soort plussen en minnen lijstje. ‘Bente is grappig, is populair onder klasgenoten, kan mooi schrijven,’ zo staat er. ‘Maar zij verzuimt regelmatig school en kopieert het negatieve gedrag van Lars.’ Lars heeft ook een plus-lijstje, zo lees ik dat hij intelligent is, dat hij naar school wil en open staat voor begeleid wonen. Maar de minnen-lijst is vele malen langer. ‘Lars laat zich niet begrenzen en is zeer zelfbepalend, hij is verbaal en fysiek agressief naar zijn omgeving, hij blijft nachtenlang weg, is bekend bij de politie en totaal niet groepsgeschikt.’

Wtfck. Ik weet dat deze lijst is opgesteld door iemand die Lars en Bente nog nooit gezien of gesproken heeft. Maar dit heeft gedestilleerd uit eerdere rapporten en verslagen. En het lastige is, wat eenmaal genoteerd staat in de Jeugdzorgboeken, blijft daar voor eeuwig staan.

Vertrouwen

Ik voel me verschrikkelijk maar blijf kalm. Praat beheerst, doe zo goed mogelijk verslag van de situatie rondom mijn kinderen. Want hoe harder je tegen het systeem ingaat, hoe groter de kans dat je van je kinderen verwijderd raakt.

Als Harm spreekt, zie ik zijn ingehouden woede. Hij vertelt dat hij de gang van zaken waardeloos vindt, moppert op Jeugdzorg en de snel wisselende gezinsmanagers. En stelt dat hij zich niet meer wil bemoeien met de hulpverlening omtrent Lars. Hij is het niet eens met de woongroep; beter was het om Lars terug te plaatsen op de gesloten afdeling van de instelling. “Die jongen gaat afglijden. Maar niemand luistert naar mij.” Ik voel zijn afkeuring naar mij door alles heen.

Ik ben licht in mijn hoofd als ik twee uur later door de gang naar de hal van het gebouw loop, richting uitgang. Morgen worden Lars en Bente ontboden op deze headquarters. En worden zij om beurten ondervraagd. In hun eentje. Ik kan de situatie voor hen niet veranderen. Ik kan alleen maar vertrouwen hebben. En er zijn.

Volgende week: Een adviesrapport vol (spel)fouten

Dit is de dertigste aflevering van een serie columns over Lars (18), een jongen met ADHD en licht autisme. Zijn gedragsstoornis brengt hem regelmatig in de problemen. Zijn moeder, Febe van Otterlo, is freelance journalist. Om privacyredenen zijn de namen in deze column gefingeerd. De naam Febe van Otterlo is een pseudoniem.

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden