Zorgenzoon:"Hij zit al twee dagen in de cel, mag hij naar huis?”

Zorgenzoon Beeld Getty Images
ZorgenzoonBeeld Getty Images

Lars, die wegens ernstige gedragsproblemen anderhalf jaar in een instelling woonde, is terug in zijn geboortestad Amsterdam. Nadat hij een paar maanden bij een begeleid wonen groep heeft gewoond, krijgt hij voor zijn achttiende verjaardag een eigen flatje toegewezen. Met camerabewaking. Tijd om op eigen benen te leren staan, vindt men. Zijn moeder ziet alles met lede ogen aan. Op een dag wordt hij door politie gearresteerd wegens verboden wapenbezit.

Het weekend kruipt voorbij. Vooral de zondag is lang en leeg. Lars zit al twee dagen in de cel. Ik mag hem niet bezoeken. Alles is anders nu hij achttien is. De advocaat is nu mijn praatpaal. Hij spreekt Lars regelmatig en doet naderhand verslag aan mij. Lars wordt maandag voorgeleid. “Het gaat heel spannend worden,” legt de man mij uit. “Omdat er zoveel steek- en schietincidenten zijn onder Amsterdamse jongeren, is justitie enorm gefocust op verboden wapenbezit. En helaas is Lars’ naam bekend in het politiesysteem.” Dat begrijp ik. De vele keren dat hij is weggelopen uit de instelling staan allemaal keurig vermeld in de landelijke registers. Ook het aantal malen dat hij is staande gehouden of bekeurd wegens het rijden op een scooter zonder rijbewijs, te hard rijden, stoptekens negeren en de aanrijding die hij veroorzaakte, maar waarbij thank god niemand gewond raakte, staan in de politiecomputer. Tel daarbij de verdenking van inbraak op en er is een serieuze waslijst voor de stempel ‘probleemjongere met criminele neigingen’.

Zestien

Wat zit het leven toch raar in elkaar. Vier dagen geleden vierde Bente nog haar zestiende verjaardag. Zowat de hele ex-schoonfamilie gaf acte de presence in ons piepkleine huisje. Ex-schoonzussen, waar ik altijd dol op was en maar liefst twee neven en een nichtje, allen studenten, hebben de moeite genomen om langs te komen. Iedereen wil de dwarse puber, die het zo moeilijk had en eigenlijk nog wel heeft, een steuntje in de rug geven. Ook haar vader Harm meldt zich. In de ruim drie jaar dat we uit elkaar zijn, is dit de eerste keer dat hij zich op ons terrein begeeft. Ik doe net of het allemaal heel normaal is en serveer thee, taart, champagne en borrelgarnituur. Het is zowaar gezellig. Bente straalt. Als na een uur de deurbel meermalen hard weerklinkt, weet ik dat ook Lars in aantocht is. Even later zit hij onwennig aan tafel en werpt steelse blikken op zijn vader. Ik ben trots op hem, dat hij zich over zijn weerstand heen heeft gezet en op de verjaardag van zijn zusje is gekomen.

Scheurpak

En nu zit Lars in de gevangenis. Alleen. In een zogeheten ‘scheurpak’, een hansop gemaakt van papier. Zodat je niets kunt los losknopen of vastbinden. Volgens de advocaat houdt hij zich rustig. Hij is meerdere keren verhoord en zal maandagochtend 11.00 uur worden voorgeleid aan de officier van justitie.

Op maandag word ik gespannen wakker. Hoe gaat deze dag eindigen? Zal mijn kind in voorarrest moeten blijven? Of mag hij naar huis? Gelukkig komt er een bevriende klusjesman langs om wat werkzaamheden in huis te repareren. Een kapotte lamp, een nieuw haakje in het verrotte hout van het raam draaien zodat het weer normaal open kan en een van de lades van Bentes kledingkast is eruit gelopen. Ook het gat in de deur van de badkamer, veroorzaakt door de harde schop van de lompe politieman, wordt zorgvuldig dichtgesmeerd. Als ik straks uit dit huurhuis vertrek, mag ik wel een week een klusjesman inzetten, wil het huis een beetje toonbaar zijn.

Met twee grote sterke pubers in huis gaat er nogal eens wat kapot. Scooters en fietsen worden hard tegen de muur gesmeten, er zitten gaten in de rolgordijnen omdat Lars te vaak ongeduldig het raam heeft opengetrokken waarbij de hendel door het dunne gaas heen stak. Afijn, dat zien we dan wel weer. Eerst maar zorgen dat Lars op vrije voeten komt.

‘Ik houd van je’

De klusjesman is een goede vriend van mij en bekend met de escapades van mijn kind. Ik licht hem in over de situatie. Hij reageert rustig en begrijpend. Het is fijn om mijn stress even van me af te praten. Mijn telefoon gaat. Het is Lars.

“Ma, ik ben zo zenuwachtig. Ik wil niet vast komen te zitten. Het spijt me zo ontzettend. Ik houd van je.” De tranen springen in mijn ogen. Dit heeft hij nog nooit tegen me gezegd. In al zijn achttien jaar niet.

“Ik houd ook zoveel van jou!” snik ik. “Probeer rustig te blijven. Wat er ook gebeurt. En praat beleefd. Laat zien dat je van goede wil bent, dat je wat van je leven wilt maken,” adviseer ik hem.

Maatregelen

Ik ben rustig nu. Omdat ik weet dat ik even niets kan doen. Het lot gaat beslissen. Lars is geen crimineel, hij is weliswaar lastig en moeilijk aanstuurbaar, maar het is geen slechte jongen. Dat moet de rechter toch kunnen zien en voelen. Het wordt 11.00 uur. Daar gaan we. Ik heb een kaarsje aangestoken. Na ruim een uur gaat de telefoon. De advocaat. “Het spande erom, de rechter nam heel lang bedenktijd. Maar Lars is vrij. Het feit dat hij naar school gaat en dit zelf geregeld heeft, gaf de doorslag. Er komt nog een rechtszaak, maar vooralsnog is de zaak geschorst. Hij moet zich wel melden bij de reclassering, die gaan met hem bekijken welke maatregelen er verder getroffen moeten worden.”

Geen tijd om te wachten

Ik moet weer huilen. Stuur dankberichten richting het universum. Engelen bestaan wel degelijk. Direct erop belt Lars zelf vanuit het politiebureau. “Ma, ik ben vrij! Kom je me halen?” Ik beloof hem dat ik eraan kom. Snel bel ik Harm en de zorgcoördinator om het goede nieuws te vertellen. Weer gaat mijn telefoon. Dit keer is het een agent om te zeggen dat ‘mijn zoon staat te springen om te worden opgehaald’. Typisch Lars. Nooit tijd om te wachten, altijd moet alles nu meteen. Ik stap in de auto. Het is druk op de weg. De auto’s voor mij schuiven maar heel langzaam op. Weer belt Lars om te vragen waar ik nou blijf. “Ik sta buiten,” meldt hij nog. Eindelijk rijd ik op de weg waar het bureau aan ligt. In de verte zie ik hem als staan. Zijn Louis Vuitton muts herken ik uit duizenden. “Hoi ma, rijden maar, ik wil douchen, want ik stink,” zegt hij wanneer hij instapt. Zijn ogen zijn groot en diep donker blauw. Dat betekent dat hij relaxt is. In zijn hand heeft hij een plastic zak waarop in grote blauwe letters het woord ‘Politie’ staat. Er zitten wat officiële formulieren in. Achteloos gooit hij de tas op de achterbank.

Volgende week: Een nieuw huis voor Lars

Lars (18) is een jongen met ADHD en licht autisme. Zijn gedragsstoornis brengt hem regelmatig in de problemen. Zijn moeder, Febe van Otterlo, is freelance journalist. Om privacyredenen zijn de namen in deze column gefingeerd. De naam Febe van Otterlo is een pseudoniem.

Meer over

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden