Tessel tindert Beeld Libelle
Tessel tindertBeeld Libelle

PREMIUM

Tessel: “Ik heb mijn zwemspullen bij me, maar van zwemmen komt het niet”

Tessel heeft een fijne dag met Reinier als ze plotseling Robert tegen het lijf lopen. Ongemakkelijk!

TesselLibelle

Reinier en ik eten op het strand. Ik heb een zwart-geel gestreepte lange jurk aan. “Ik ga uit met een wesp”, zegt hij lachend. “Ik mag wel oppassen dat ik niet word gestoken.”

Ik heb mijn zwemspullen bij me, maar van zwemmen komt het niet. Het is winderig, en ik blijf liever dicht naast hem zitten, in de beschutting van zijn lijf. We drinken biertjes en eten vieze burgers, maar het geeft niet, ik ben blij dat ik hem weer zie na bijna twee weken en zo te zien is dat wederzijds.

Vanaf het moment dat ik bij hem in de auto stapte laaide mijn verliefdheid, die de laatste dagen wat was afgevlakt, weer op. Ik weet niet wat het is wat me zo in hem aantrekt; het zit ’m vooral in zijn geur, die heerlijke zoet-kruidige geur, en in die stoere jongensachtige blik in zijn blauwe ogen.

Het is druk op het strand, iedereen wil van deze mooie avond profiteren. We kijken naar de families die voorbij sjokken - de stelletjes, de surfers, een groepje giebelende vriendinnen.

Reinier informeert naar Wouter. Ik vertel hem dat er geen nieuws is, Julie en ik hebben hem geschreven en een foto gestuurd van hem en zijn nichtjes. Hij is daarop een jaar of vijftien, de meisjes zijn nog klein en zitten op de schommels in de tuin van ons oude huis. Hij staat tussen hen in, kijkt uitdagend in de lens van de camera, terwijl hij zijn lange armen om ze heeft geslagen en ze kietelt tot ze stikken van het lachen.

Opeens zie ik Robert voorbijlopen. Mijn hart staat stil. Robert weet niet van Reinier. Reinier en ik kennen elkaar nog maar een paar weken en het kan nog alle kanten met ons op. Bovendien heb ik Robert weinig gezien, de laatste maanden. Hoewel het beter gaat met zijn gezondheid, houdt hij afspraken af. Misschien is hij wel beledigd dat ik hem heb afgewezen, de laatste keer dat hij met me wilde vrijen.

Ik zie dat Robert mij ook heeft gezien. Even aarzelt hij, dan loopt hij op ons tafeltje af. Hij draagt een donkerblauw pak en een wit overhemd. Robert houdt niet van vrijetijdskleding. Zijn loafers houdt hij in zijn hand.

“Dat is toevallig.”

In een korte, snelle blik monstert hij Reinier van top tot teen, kijkt naar zijn korte broek en polo. Dan kijkt hij naar mij. “Die jurk ken ik nog niet. Je lijkt wel een wesp.”

Reinier grijnst.

Ik stel de beide mannen aan elkaar voor. Ze schudden elkaar de hand. Robert kijkt heerszuchtig en zet zijn borst op.

“Kom je er even bijzitten?”

“Even dan.”

Reinier schuift een stoel bij. We bestellen een glas wijn.

Robert stelt in hoog tempo vragen, informeert naar wat Reinier doet, ik zie hoe hij onderwijl de situatie taxeert. In kleine, terloopse opmerkingen en gebaren laat hij aan Reinier merken dat we elkaar goed kennen. Wat is het toch een haantje, denk ik geamuseerd. Ik heb er wel lol in dat ik hier met twee mannen zit die belangrijk voor me zijn, maar dat niet van elkaar weten.

Dan staat Robert op. “Ik ga nog een stuk lopen”, zegt hij. “Daarvoor kwam ik tenslotte.”

Hij geeft me een zoen op mijn mond. “Ik bel je snel.”

Als hij is vertrokken, vertel ik Reinier dat Robert een dierbare ex van me is. Het voelt even alsof ik hem verraad, dan schud ik snel dat gevoel van me af. Robert had me kunnen hebben, met huid en haar. Man, wat was ik verliefd op hem. En nog steeds voel ik, elke keer als ik hem zie, dat hij mijn man is. Zelfs nu, nu ik verliefd aan het worden ben op Reinier. Maar Robert is, zo weet ik al jaren, nicht zu haben.

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden