PREMIUM

Tessel: “Weet je wel hoe verliefd ik op je ben?”

Tessel Beeld Libelle
TesselBeeld Libelle

Tessel vertelt aan Reinier hoe gek ze op hem is.

TesselLibelle

Jacob mag van de IC waar hij ruim twee maanden heeft gelegen. En na een week op de hartafdeling mag hij al door naar het revalidatiecentrum. Daar zal hij weer leren lopen en slikken en praten. Hij kan nu alleen nog maar fluisteren en zijn ooit zulke gespierde fietsbenen zijn verschrompeld tot zielige brandhoutjes. Verder lijkt hij niks van zijn hartstilstand te hebben overgehouden, behalve dat hij niets meer weet van het ongeluk. “Het laatste wat ik me herinner is dat ik dacht: wat is mijn fiets aan het heen en weer aan het zwabberen”, fluistert hij als ik hem opzoek in het revalidatiecentrum. “Maar dat was ikzelf natuurlijk.”

We hebben een kopje thee besteld in het café en ons met rolstoel en al geïnstalleerd op het terras. Ik zie dat hij kilo’s en kilo’s is afgevallen, en zijn ogen staan vermoeid, maar verder lijkt hij de oude Jacob. Het is niet te geloven, maar alles waar we zo bang voor zijn geweest - hersenschade, kwijlende man, kasplantje – niks van dat alles zie ik hier. Alleen een man die keihard aan de slag wil zodat hij zo snel mogelijk weer naar huis mag, naar Corine.

Die avond rijd ik naar mijn huisje in het groen, waar ik heb afgesproken met Reinier. Het is een wonderschone zomeravond. Ik knip de verdorde rozen af en maak de buitentafel schoon. Reinier arriveert een half uur later met een fles koude champagne en een grote doos sushi. Hij draagt een verschoten polo en een stokoude korte broek. Ik kijk naar zijn gespierde kuiten waar ik mijn tanden in wil zetten. Elke centimeter van deze man vind ik lekker. In het huisje zet hij de doos op tafel en dan zoent hij me lang, zijn handen op mijn billen. “Hoor je de merel?” zegt hij tussen twee zoenen door terwijl hij zijn oren spitst. “En in de verte de koekoek?” Reinier hoort en ziet altijd alles. Een jagerstrekje, vermoed ik. Na het bed en de sushi installeren we ons met het laatste staartje champagne uit de fles en een sigaartje in de schommelstoelen. Ik heb al in geen twintig jaar gerookt en van het sigaartje word ik duizelig. Ik ben ook een beetje dronken. Zwijgend kijken we hoe de lucht nachtblauw kleurt en de maan opkomt, groot en rond en zilverkleurig.

“Weet je wel hoe verliefd ik op je ben?”, zeg ik tot mijn eigen verrassing. Ik word ter plekke bloedzenuwachtig.

Reinier zegt niks. Dan pakt hij mijn hand en drukt er een kus op.

“Verliefd zijn is nooit een goed idee”, zegt hij. “Maar ik vind het ook fijn met jou. Let’s see wat will happen.

Geen idee wat hij met deze woorden bedoelt en of ze verontrustend zijn. Maar op dat moment kan me dat niets schelen. Ik zit hier met een man met goddelijke benen in een ouwe bermuda champagne te drinken en naar de sterrenhemel te kijken. En dat op mijn oude dag. Heeft Tinder me toch nog gebracht waarvan ik droomde. En mannen met bindingsangst moet je gewoon rustig temmen.

Die nacht droom ik dat ik met Reinier op jacht ben en een vos schiet die nog meters voortstrompelt en dan op mijn tuinpad neervalt. Met zijn slimme ogen knipoogt hij naar me.

De volgende ochtend vertel ik Reinier over mijn droom. We liggen nog in bed en ik ben net wakker. Hij heeft al koffie gezet en ligt naast me in het jagersblad te lezen.

“Grappig”, zegt hij. “De vos is mijn lievelingsdier. Slim en mooi en ongrijpbaar.”

“En nooit helemaal te vertrouwen”, zeg ik.

“Vertrouwen moet je verdienen”, zegt hij sluw.

“Wat zegt het over mij dat ik op ongrijpbare mannen val?” vraag ik.

“Dat je geen genoegen neemt met saai en voorspelbaar?”

Dan gooit hij zijn jagersblaadje op de grond, jankt als een vos en trekt mijn billen in zijn schoot.

Meer over

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden