null Beeld

PREMIUMdagboek willeke

Dagboek van Willeke: “Titia gilde alsof ze werd gemarteld”

Willeke beleeft een angstaanjagend oppasmoment met Titia en ontmoet een klasgenootje dat erg geïnteresseerd is in haar schrijfwerk.

Charlotte Remarque

Met het briefje van de administratie in mijn hand sjok ik naar aardrijkskunde. Ik ben moe, moe, moe, ik kan mijn ogen nauwelijks openhouden. Gisteravond paste ik op Tietje en werd ze plotseling vreselijk ziek. Ze gilde alsof ze werd gemarteld en keek me daarbij paniekerig aan - help me, help me! - maar ik had ook geen idee wat ik moest doen. Ik was zo bang en gefrustreerd dat ik bevroren met mijn handen over mijn oren naar haar stond te kijken. Ik wilde het liefst mijn jas aantrekken en naar buiten, de deur achter me dichttrekken en het hele probleem achter me laten, toen ik bedacht dat ik ook gewoon mama kon bellen.

Toch naar school vandaag. Van mama mocht ik de eerste twee uur missen om een beetje uit te slapen, al deed ze het niet van harte. Ik moet “meedoen” en “betrokken zijn” bij school. Ik ben weer eens later dan de rest in het lokaal en ik voel de ogen in mijn rug prikken als ik ga zitten. Na twee minuten heb ik al door dat ik me dit uur niet kan concentreren. Ik heb het huiswerk gemaakt, dat moet maar genoeg zijn. Ik haal mijn verhaaltje van een tijdje terug tevoorschijn, over de sukkelige aardrijkskundedocent en zijn stenencollectie. Ik begin het bij te schaven en heb pas door dat mijn buurvrouw over mijn arm meeleest wanneer ze zachtjes grinnikt. Eerst denk ik dat ze me uitlacht, maar ik zie hoe aandachtig ze naar de tekst kijkt, en ik schuif haar het schrift toe zodat ze het hele verhaal kan lezen.

Aan het einde van het uur heeft ze het schrift nog steeds op haar tafel. Als ik het wil pakken, legt ze haar hand erop. “Mag ik een foto maken om naar Maria in 5B te sturen? Zij heeft ook Wouters voor aardrijkskunde.”

“Waarom?”

“Omdat het echt heel grappig is, duh. Je kunt supergoed schrijven.”

“Doe toch maar niet”, zeg ik en ik trek het schrift onder haar hand vandaan, “niet zo. Mijn handschrift is bijna onleesbaar.”

“O”, zegt ze, “Kun je het niet ergens uittypen? Het zou leuk zijn om het te kunnen delen.” Ze propt haar spullen in haar tas en is de deur uit.

Die middag zit ik thuis achter mijn bureau. Wat het meisje bij aardrijkskunde tegen me zei zit in mijn hoofd. Ze vond dat ik een leuk stuk had geschreven over meneer Wouters. Mama vindt dat ik betrokken moet zijn bij de school. Ik probeer me de laatste keer te herinneren dat de schoolkrant is verschenen. Dat moet jaren geleden zijn geweest, toen ik nog in de eerste klas zat. Dat krantje was toen heel stoffig, er stond nooit iets leuks in. We zeiden tegen elkaar dat iemand een keer een leuker krantje moest maken, vol sappige verhalen en kritiek op de schoolleiding.

Ik open mijn schoolmail en stuur een bericht naar Agnes van het secretariaat. Ik vraag haar of de schoolkrant nog bestaat, en zo ja, of er een budget is om de krantjes te drukken. Ik vraag haar ook bij wie ik moet zijn als ik zelf wil schrijven voor de schoolkrant.

Nog geen tien minuten later heb ik antwoord. Agnes schrijft dat er helaas geen schoolkrant meer is. In coronatijd zijn ze gestopt met de papieren editie en er is sindsdien geen budget meer vrijgemaakt in de begroting. De interesse van de leerlingen was ook te klein, schrijft ze, er was niemand om de hoofdredacteur op te volgen toen zij eindexamen deed. Teleurgesteld lees ik de mail nog een keer. De interesse van de leerlingen was te klein. Ja, in dat suffe krantje, dat snap ik wel. Maar er moet toch iets beters te maken zijn?

Meer lezen van Willleke? Dat kan hier!

Willeke is de kleindochter van Anne-Wil en de puberdochter van Manon. Iedere week houdt ze een dagboek bij voor Libelle.

Op alle verhalen van Libelle rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@libelle.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden